Het behekste kind

Het behekste kind

Het is nu ongeveer 115 jaar geleden, vlak voor de eeuwwisseling.
Erica bestond nog maar enkele jaren en het leven was hard en de armoede was groot
Op een druilerige, koude dag in oktober kwam er een handelsreiziger aan in ons dorp.
Naast dit bos woont boer Lubberman, zijn overgrootvader had bij de boerderij een klein pension.
De man klopte aan en vroeg een plaats voor de nacht.
De gastvrijheid was groot in die tijd maar de boer moest hem afwijzen was zijn dochtertje was al weken doodziek en hij kon de zorg voor een gast er niet bij gebruiken.
“Ik heb aan een plek in de stal genoeg, zei de handelsreiziger, en eten verlang ik niet,” geef me een dak boven het hoofd en een bos stro en je hebt een goede daad verricht”
“Nou, goed dan”zei de boer dat kun je een hond nog niet weigeren.
Voordat hij naar de stal ging, liep hij naar het café tegenover de kerk om een hapje te eten.
Hij had zijn laatste hapje omelet met een slok bier weggespoeld toen de waard hem aansprak.
“Ga je daar slapen maar daar is het behekst, dat kind is behekst er sluipt al weken een dikke zwarte kat rond dat huis, ´t is behekst”
De man lachte erom, plattelands bijgeloof dacht hij, en hij liep over de rode klinkerstraat langs de boerderij naar de donkere stal.
Daar drongen hooguit een paar stralen door de kieren en eenmaal in het stro hoorde hij af en toe een muis ritselen. Maar al snel overviel hem een diepe slaap.
Midden in de nacht werd hij wakker door vreemde geluiden maar hij meende dat hij droomde en het gejank van een kat voor het schreien van een kind versleet en hij dutte weer in.
Toch niet zo heel vast en was in een keer klaar wakker toen hij een dikke grote kat in het vage maneschijn zich door het hennengat heen drong.
Het geschuur van het dikke lijf had hem gewekt en hij zag elektrische vonken van het kattenhaar langs de plankranden.
Het beest keek hem met de valse groene ogen aan en in een flits haalde het beest een klauw naar hem uit.
“Wat wol jij toch!”schreeuwde de man “denk je dat ik bang voor je ben.”
En hij greep zijn mes, dat hij altijd bij zich droeg en met een snelle beweging sloeg hij van zich af.
Hij dacht dat het flikkerende staal de kat wel bang maakte en inderdaad met een bijna menselijk geschreeuw sprong het beest weg, sleurde zich door het hennengat en verdween in de duisternis.
Het duurde even voordat hij weer in sliep tot de zonnestralen in de ochtend hem wekten,”het belooft een mooie dag te worden, prachtig weer”
Maar plotseling deed hij een weerzinwekkende ontdekking: voor hem lagen twee bebloede kattenpoten met nog uitstaande nagels.
Hij voelde spijt voor dat dier maar in de halve slaap ben je een ander mens vooral als een wilde kat je midden in de nacht aanvalt.
Er was niets meer aan te doen en hij vond het onwenselijk het tegen de boer te zeggen.
Hij wipte de kattenpoten met een bosje stro door een achterraam en veegde zijn mes af.
Hij liep over het erf naar de boer en die kwam hem blij tegemoet
”Mijn dochter is genezen, ze heeft geen koorts meer, het is een wonder, andere mensen zeggen dat het hier spookt die komen hier niet meer maar jij beste vriend bracht ons geluk dus eten met me mee vriend” daar was hij wel voor te vinden .
Na een heerlijk ontbijt met vet spek en eieren, ging hij naar de stal om zijn schamele bezittingen te pakken en te vertrekken.
Plots hoorde hij een katachtig gruwelijke kreet in het bos, hij rende er naar toe en stapte in de deuropening van een oud huisje.
Daar zat een oud mens lelijk als een duivelin op een krakkemikkige stoel.
Haar ogen waren half open gericht op de stompen van haar afgekapte handen, ze was dood.
Ohhh shit, als een razende snelde hij terug naar de boer om alles te vertellen
Maar onderweg, werd hem in een keer alles duidelijk verdomme dat wijf was een heks die in de gedaante van een kat hem in de nacht was komen bezoeken en die het kind betoverd had.
Hij rende ter bevestiging van zijn gedachten naar het achterraampje en zag inderdaad tussen het stro twee afgekapte oude gerimpelde handen liggen. Hij moest haast overgeven.
Zwetend en onpasselijk vertelde hij moeizaam het verhaal aan de boer en is direct daarna vertrokken, men heeft hem nooit weer gezien.

De boer is woedend naar de kroeg gegaan en heeft een paar mannen verzameld.
“Wat heeft die oude heks mij aangedaan “en ze stormden naar het bos
Ze hebben het huis met heks en al in brand gestoken daarna het drie meter uitgegraven en van dat zand is de heuvel ontstaan en hebben daarop een klein beukje geplant.
En dus op de plek waar jullie nu zitten stond 115 geleden het huisje van de oude heks.

Dit verhaal is op echte gebeurtenissen gebaseerd.
De handelsreiziger heeft zijn verhaal gedaan aan de toenmalige Emmer Courant en een journalist heeft deze gebeurtenis onderzocht en er een verhaal over geschreven

Geschreven door Wim Beukers.

Laat een reactie achter bij Mark

2 Reacties