SusScrofa

September 2017

September 2017

dscf5773Vrijdag 22 September 2017
Traditiegetrouw kwam een witte VW bestelbus de oprit oprijden. Onze SusScrofa-weekend september anno 2017 had een aanvang genomen. Aanvankelijk zouden Batman en Vliegend Hert de afstand tussen Erica en Groß Dörgen te voet afleggen.

vliegenzwam

vliegenzwam

Een voetblessure maakte aan dit voornemen een abrupte eind. Yeti en Vliegend Hert droegen op die vrijdag de zorg voor de foerage. Opgewekt togen de twee die middag op weg naar Klazienaveen. Het werd een weekend waarop ieder hoopte, stralend mooi weer en bovendien warm. En paddenstoelen, paddenstoelen en paddenstoelen.

Waslakzwam

Waslakzwam

Herfstiger konden we ons het weekend niet wensen. Het werd bovendien een heuse kampvuur-weekend. Maar zover was het nog niet. Eerst bij onze toeleveringsadres de boodschappen doen. We besloten, buiten het bier, iets voorzichtiger in te kopen gezien de restanten van de vorige weekenden. Dat heeft achteraf goed uitgepakt, dit weekend was vrijwel niets overgebleven. Na Klazienaveen vertrokken we naar een toeleveringsbedrijf in het centrum van Stadt Meppen in Duitsland. 

tonderzwam

tonderzwam

Hier sloegen we de producten in die niet in Nederland verkrijgbaar waren maar toch een essentieel onderdeel uitmaakten van het weekend. JagdSlock en echte Duitse Bratwürsten. Daarna trokken we richting Groß Dörgen, we verdwenen in het bronsgroene eikenwoud waarin onze onderkomen zich al vele jaren bevond. Kort na het installeren van inkopen en overige goederen lieten we de Ketel goed uitwaaien door alle vensters te openen. Dat gaf de spinnen tenminste weer een beetje lucht. Kort daarna openden we ons eerste blikje bier. Een emotioneel moment dat we even moesten wegslikken.

geelwitte-russula

geelwitte-russula

We kregen opeens zin om een mini hike te lopen. Zomaar! Spontaan en een richting, maakt niet uit waar. Toevallig werd dit richting Bokeloh. Even later voegden we daad bij het woord. Want zo zijn we hè, niet alleen woorden maar dan ook daden. Alleen echte kerels doen dat nog tegenwoordig. Om een lang verhaal kort te maken, twee Drentse kwartiertjes later zaten we achter een koele bel bier op een terrasje van Gasthof Giese. 35 kilometer van de Nederlandse grens en het stikte van de Nederlanders. Vrijwel geen autochtoon te zien terwijl je bijna struikelde over de fietsen. Een cardioloog zou zeggen, ‘hier klopt iets niet’.

gordijnzwam

gordijnzwam

De fietsen met hulpmotor in de trapas bleken allemaal te zijn van Nederlandse omanolanido’s (oud maar nog lang niet dood). Na op het terrasje het glas gekanteld te hebben kreeg Yeti een bekend echtpaar in beeld. Kuhl, de naamgevers aan Kuhl’s Platz.

purperrode-russula

purperrode-russula

Inmiddels oud en een beetje in de mineur. Zo’n type die een dubbele cognac in zijn aquarium gooit om toch nog vrolijke gezichten om zich heen te hebben. Ze wilden nog graag een keer net als vroeger de omgeving verkennen. We wensten het echtpaar het allerbeste en namen nog een belletje. Even later trokken ons terug in het woud. Die avond voegden Batman, Oei-oei en Bambam zich ook om het kampvuur. Om het vuur en rook werden de laatste nieuwtjes uit Erica uitgewisseld, natuurlijk werden oude herinneringen opgehaald. Het werd een ouderwetse kampvuur-avond.

Wegens een staking bij het KNMI is er morgen geen weer.

Zaterdag 23 september 2017
Batman en Vliegend Hert waren vroeg aan het dauwtrappen. dscf5691Na een stevig ontbijt trokken ze Sqauw Vally in om paddenstoelen te zoeken. In het dampige ochtendgloren zagen zij enkele koeien uit de mist ontwaren. Hier hebben de koeien beschikking over zo’n zeven hectare vol met heuvels met gras,struiken en bomen. parasolzwamWat een vrijheid hadden die beesten. Kom daar in Nederland eens mee. Enkele jaren terug zagen we hier een vijftal paarden in galop voorbij vliegen. Allemaal richting het Zuiden. Het bleken trekpaarden. Het zonnetje kwam op in alle pracht aan de oostelijke hemel. Zelfs een spinnenweb werd een kunstwerk in het gouden ochtendlicht. dscf5735Het was een poosje nat geweest, we verwachten een enorm aantal paddenstoelen. Niet veel later liepen de twee tot aan de knieën door de paddenstoelen. Niet het aantal maar de hoogte. Als melkkrukjes priemden de Parasolzwammen uit het heuvelachtige landschap langs de rivier de Hase. Ook een Aardappelbovist liet zich met bolle wangen zien.

Kees ziet 6 vrolijke kabouters lopen.. ze roepen: “We hebben Toverkracht, we hebben Toverkracht!”
Achteraan loopt een klein zielig kaboutertje. Kees vraagt: “Wat is er?”
Zegt het kaboutertje: “Ik ben To”

Om iets meer te weten te komen over paddenstoelen consulteren we een bijzonder persoon, Joop van ‘t Hof. Joop was onderwijzer. 

aardappelbovist

aardappelbovist

Was, want hij is vorig jaar overleden. Joop was zo’n type onderwijzer die met de kinderen het bos in toog. dscf5682Na zijn pensionering richtte hij zich helemaal op paddenstoelen en kon daar prachtig over vertellen. Een gevleugelde uitspraak van hem was, ‘alle paddenstoelen zijn eetbaar. Sommigen maar eenmaal’. Lees hier zijn verhaal. Fungi de paddenstoelen professor. Beneden aan de Hase zagen we aan de overkant noeste boeren in dampige ochtendgloren hun oogst van het land halen. De herfst was in alle pracht rondom aanwezig. Dikke eikels die in trosjes aan de takken hingen en met duizenden op de grond lagen. Om een eikel te zijn hoef je niet aan een tak hangen. dscf5665Dicht aan de Hase stonden Vlierbesstruiken waarvan de takken hun vruchten nauwelijks konden torsen. Na een omtrekkende beweging vol zwammen, boleten en russula’s kwamen we weer terug in de Ketel.

Wat zegt een paraplu tegen een wandelstok? Nudist.

Hier waren de overige leden van de groep inmiddels aan het ontbijten. Yeti had nog een klusje voor ons. Zachtjesaan een traditie aan het worden lijkt het wel. Yeti had overigs terecht geconstateerd dat een Grove Spar gevaarlijk dicht naar de dakrand van de Ketel was gegroeid. dscf5685De Ketel, waarvan de assen op klossen stonden, moest aan de achterkant zo’n 10 centimeter opzij worden geschoven. dscf5745Yeti had touw en een lier meegenomen. Met vereende krachten was de klus snel geklaard. De Ketel was voorlopig uit de gevarenzone van de Grove Spar. De Benefatiustocht werd ter plekke besproken. We besloten naar het Dörgener Moor te lopen, van daaruit naar Gie..Bokeloh, een tocht van zo’n 12 kilometer. We konden ook dwars door het moerasgebied lopen. Dat bewaarden we maar voor een latere weekend, liefst bij spookachtige weersomstandigheden. dscf5747Zoals gezegd was het een stralende nazomerdag met aangename temperaturen. Enkele bomen waren al bezig zich in hun kleurrijke herfsttooi te hullen. Maar de meeste bomenkronen waren nog hoofdzakelijk dicht en donkergroen. Via het executieveld liepen we naar de potloodventboom. Hier vonden we een lief Aardappelbovistje die ons lachend leek te begroten.

Wat is een komma toch belangrijk. Zin 1: Wacht, niet schieten! Zin 2: Wacht niet, schieten!

dscn6981

Terug op de straat verlieten we Groß Dörgen, een Vliegenzwam leek ons uit te zwaaien. We staken de grote weg naar Haselünne over. Voor ons lag een veld met koolzaad als een gele deken over het landschap. dscf5766_2Het werd gebroken door een bronsgroene eikenwoud en de schoorsteen van de spaanplaatfabriek stak daar pronter bovenuit. Het tafereel voor ons werd ruimschoots besprenkelt met najaarszonnestralen. dscf5778We liepen door en naderden het Dörgener Moor. Langs het pad lag een rode jerrycan waarop een jager zijn frustratie op mocht bekoelen. In het Moorgebied stond een bankje waar een vijftal SusScrofa’s in een warme najaarszonnetje in september op een bankje hun pauze hielden. Uit een rugzak werden een vijftal pilsjes gediept. Dit unieke rustiek moment werd digitaal voor eeuwig vastgelegd. Blauwe lucht met propperige wolken, lekker temperatuurtje. Het mag wel zo. Na de pauze liepen langs het Dörgener Moor om later een omtrekkende beweging te maken. dscf5786Boven de hoge maisvelden torende in de verte als een baken de schoorsteen met rookpluim in Bokeloh. Die kant moesten we op. Na hoge maisvelden, nauwe veldpaadjes en overwoekerde grindpaadjes kwamen we terug op de grote weg naar Haselünne. Na deze overgestoken te hebben doken we weer in het donkere woud. Bij het monument namen we een korte pauze. Bij het zandgat waren littekens van motorbanden in het zand zichtbaar. Om het zandgat namen we een pad naar Bokeloh. We kwamen in een buitenwijk. Zoals gebruikelijk werden hier de tuintje perfect bijgehouden. Alles proper en netjes. dscf5802Mooie huizen met strakke gazonnetjes. We kwamen zelfs een parkje tegen met activiteiten-apparaten. Zo kon Yeti al zijn muzikale kwaliteiten aan ons tonen. Tja, hij was rap klaar.

Een olifant vraagt aan een kameel: ” Waarom zitten je borsten op je rug?” “Nou” zegt de kameel, “rare vraag van iemand wiens lul aan zijn gezicht hangt”

Via het kerkhof, achter de kerk langs, kwamen we bij een trap naar beneden. Onderaan de trap liep een straat, aan de overkant van de straat een Kneipe. Jawel, Gasthof Giese. Als een blinde vlieg op een dampige keutel kwamen we daar op af. Even later, onder een parasolletje tegen de najaarszonnestralen, zaten een vijftal varkentjes achter een koude bel bier. dscn6992Opnieuw stikte het hier van de allochtonen, Nederlanders dus. Bijna geen Duitser te zien. Na een tijd heerlijk te hebben genoten van het terrasje werd het tijd voor het rauwe leven. We moesten nog 3 kilometer lopen. Deze last namen we met plezier op onze schouders. dscn6994We gingen over de gloednieuwe brug over de Hase. De SusScrofa’s gingen binnendoor langs de Hase en genoten van het vertrouwde heuvelachtige landschap met koeien, paarden en schetsen van Otto Pankock. Onder zo’n prachtig najaarszon in zo’n mooi landschap is het net alsof je liep in het Verkade album van J. P. Thijsse of door een schilderij van Koekoek. Even later zagen we een bijzonder iemand. Een kaboutertje, met een baard. dscf5815Hij leek op iemand, konden die even niet thuis konden brengen. Het was Fungi, de kabouter van Joop. De kabouter droeg een rood jasje en een hoge rode puntmuts. Maar daar was Fungi niet trots op. Wat Fungi wilde laten zien waren zijn nieuwe bretels. Hij deed zijn mutsje af en zijn jasje uit. Trots liet ie zijn bretels zien. We mochten zelfs een foto van hem maken. De eerste foto van een kabouter! Ze bestaan! Oei-oei schudde zachtjes zijn hoofd en zuchtte diep. Hert had weer zijn gekke vijf minuten. We trokken verder. dscn7008Boven in de top van een oude eikenboom hield een blauwe reiger ons nauwlettend in de gaten, alsof ie nog nooit een kabouter had gezien! dscf5812De Susscrofa’s liepen deze weg al sinds jaar en dag. Lang vervlogen zijn de tijden. Toen we nog foto’s probeerden te maken met toestellen die spontaan uit elkaar vielen. Zeulden we met Lang Uitstekende Lenzen, ook wel L.U.L. genaamd. Maar nu het is onze tijd en het is ons terrein. En eeuwig ruizen de wouden. Al kletsend bereikten de natuurliefhebbers onze donkere woud waarin de Ketel zich al vele jaren bevond. Op de brug werd nog even een groepsfoto gemaakt. dscf5819Het warme najaarszonnetje maakte ons loom. Al snel vleiden de heren zich om het kampvuur en laafden zich van het leven. Rokend vuur, sissende blikjes, verhalen van vroeger en de laatste roddels over Erica. Het werd weer een onvergetelijk ouderwetse avond rond het kampvuur.

Elfenbank

Elfenbank

Zolang het nog kan, kan het. Kan het niet meer, dan houdt het op. Dan hebben we alleen nog de herinneringen. Maar voorlopig houden we ons bezig met het maken van herinneringen voor de tijd dat het niet meer kan, snappie?

Zondag 24 september 2017
Opnieuw werden we getrakteerd op een prachtige zonnige septemberdag
Op de oude kampeerplaats had de centrale Oude Eik visite van een volk Hoornaars. Ze kregen onderdak via een nis onderaan de stam. Maar de oude eikenboom, die zoveel zomerkampen had meegemaakt, had nog een extra verrassing voor ons in petto. In de stam stak als een fietsenzadel een Waslakzwam uit de schors.

waslakzwam

waslakzwam

We verlieten het kampterrein en zagen nog een enorm pakket honingzwammen. In de verte lag de Kolk te dampen in het zwoele najaarszonnetje. Een stukje landschap dat nauwelijks was veranderd sinds we hier voor het eerst kwamen. We volgden in het weiland het pad langs de Hase.

parasolzwam

parasolzwam

Hier stonden her en der enorme Parasolzwammen mooi te wezen. Parasolzwammen zijn overigs eetbaar, de hoed kan gebakken worden. We liepen door de zonnige weide naar de HaseAltarm en vonden daar een smal paadje die langs de riviertak liep.

vliegenzwam

vliegenzwam

Langs de rand van de weide vonden we mooie paddenstoelen als de vliegenzwam, Eekhoorntjesbrood, de Geelwitte Russula, de purperrode Russula en een paar Gordijnzwammetjes. Om ons heen nog veel meer zwammen.

Oud madammeke komt bij de Gamma en vraagt : “Mag ik van u 20 meter dakgoot”? Vraagt die man achter de balie: “Wilt U ook pijpen voor de dakgoot”? Zegt dat vrouwtje met een rood hoofd : “Neen meneer,…. maar wel voor een mooi tuinset!”

Daartussen liepen wij dan weer tegen elkaar te zwammen. Kortom, het was knap zwammerig.

Zwam die lijkt op een schedel

Zwam die lijkt op een schedel

Het was een Klein Reussies tocht zoals een kleinreussies tocht moest zijn. Klein. Na een omtrekkende beweging door het grove sparrenbos afgewisseld met eiken en reusachtige beuken met op bodem een rijke schakering aan paddenstoelen als de Elfenbankje en Tonderzwam, kwamen we weer terug op het kampterrein.

Eekhoorntjesbrood

Eekhoorntjesbrood

We genoten de rest van de middag van het prachtige najaarsweer. Lekker loom namen we afscheid van Groß Dörgen. Een prachtig Septemberweekend konden we weer in onze geheugen bijschrijven. Moed broeders, struikel niet.

Geschreven door Vliegend Hert.

Mei 2017

Mei 2017

dscf5623
Vrijdag, 10 mei 2017
Sinds lange tijd weer een SusScrofaweekend in Mei. Weliswaar een verkort weekend i.v.m. Moederdag en daarom ook een kort verslag. Mei is de mooiste maand van het jaar. Ons thema was Natuurobservatie in het Paradijs. Mooi op tijd vertrokken Batman, Vliegend Hert en Yeti die vrijdag uit Erica richting Duitsland. Het weer was wat we van Mei mogen verwachten, blauw met plukken wit en een beetje fris. Even in Klazienaveen boodschappen doen. Een stief uurtje later draaiden we onze plek op. De Ketel laten uitwaaien en een afdakje construeren. De stamtafel werd op de plek gezet en het feest kon beginnen. ‘s Avonds completeerde Oei-oei de groep met zijn aanwezigheid. Het werd een avond kampvuur als uit oude tijden.

dscf5538_2 dscf5593

 

 

 

 

 

 

 

 

 

dscf5624 dscf5625

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

dscf5631 dscf5632

Zaterdag, 11 mei 2017
Vroeg op. Snel eten. Om 04.15 uur liepen we over de Dorgener Brucke. Nog nooit hadden we als SusScrofa’s zo vroeg de brug gepasseerd. Hiervan werd een foto gemaakt. Een half uur later kwamen we aan bij de jachtkansel met uitzicht op een met woud omzoomt weiland. De kansel kon ons alle vier niet bergen. De laatste, Yeti, die instapte had pech. Die stuiterde rap weer naar buiten. We hadden in de kansel prachtig zicht op de eerste 50 meter. De rest was gehuld in een dikke mist. De volgende uren trok de mist echter geleidelijk op. Voor ons openbaarde zich het paradijs. Reeen, hazen, roofvogels enz. Dit alles onder een oorverdovend zanggeluid van vogels met de roep van de Koekoek als hoogtepunt. Om 07.30 uur trokken we ons terug naar de Ketel. Om 008.00 zaten we daar achter het bier om het kampvuur. Weer een tijdsrecord verbroken in de geschiedenis van SusScrofa. Om 11.00 hadden we weer genoeg spraakwater op. Om af te koelen gingen we het veld in. Naar de bloeiende meidoorn. Achter in het veld richting Schoenveter stonden genoeg meidoorntruiken in hun prachtige lentetooi. Ook hier was het landschap paradijselijk mooi. Alleen liet Eva zich niet zien. Na foto’s te hebben geschoten gingen we terug naar het kamp. Wederom wachtte een avond rond het kampvuur op ons. Prachtige verhalen uit vervlogen tijden in het schemering van de vlammen deden de ronde. SusScrofa op z’n best.

dscn6393 dscn6420

 

 

 

 

 

 

 

 

Zondag, 12 mei 2017.

Na het vroege ontbijt werden de spullen gepakt. Ieder kreeg zo de gelegenheid om vroeg thuis te zijn i.v.m. Moederdag. En zo geschiedde.

 

Moed Broeders, struikel niet.
Vliegend Hert

dscf5621

 

dscf5645

Maart 2017

Maart 2017

Vrijdag 24 maart 2017.
De route naar Duitsland was dit jaar geblokkeerd. In het natuurgebied de Meerstalblokken nabij Weiteveen lag het hele grensgebied op de schop. Langs de grens werd een dijk aangelegd om te voorkomen dat het moeras uitdroogt. Naast de dijk waren ze druk bezig om een fietspad aan te leggen. Kortom een grote modderbende waardoor zwaar bouwverkeer denderde. Daar gingen dscn6213Batman en Vliegend Hert als wandelaars dus niet door lopen. Dit weekend ging het anders. We werden afgezet door de echtgenote van Vliegend hert op de Sudweg tussen Schoningsdorf en Twist. Eigenlijk onze eerste halteplaats in Duitsland als we de normale route hadden genomen. Traditiegetrouw namen we een borrel voordat we ons aan de tocht waagden, het was kort na zevenen in de morgen. We sloegen de Griendsveenstrasse in, later Jagerstrasse, en togen door het mooie landschap richting Fullen. Het weer was fantastisch, blauwe lucht met witte wolken, met een temperatuur omstreeks de tien graden. Alleen de noordenwind was guur en kwam ons tegen. Niettemin, goed wandelweer. We schoten dan ook flink op. Een uur later was de autobahn A31 in de verte zichtbaar. Aan de Waldweg stond onze bank, hier namen we de eerste pauze. De natuur om ons heen stond op uitbarsten. Vol verwachting zongen de vogels om ons heen. De lente diende zich aan. Na zo’n vijf kilometer te hebben doorgestapt namen we een extra pauze in een trekkershut aan de Weststrasse. Batman en Vliegend Hert konden zich een extra pauze permitteren. We lagen voor op schema. Even later liepen we door Fullen. Op een bank aan de Sommerfeldstrasse zouden we traditioneel onze middagpauze houden. Wat schetste onze verbazing? De bank was weg. Nu hadden we op vorige hikes al geconstateerd dat het zitbankje in deplorabele toestand verkeerde. Door het tafelblad konden we onze voeten bekijken. Een correcte Duitser had dezelfde conclusie getrokken en de bank verwijderd. Helaas was hij vergeten een nieuwe te plaatsen. We volgden de Sommerfeldstrasse richting Stadt Meppen. In het bos langs de straat herinnerde zich Batman nog een bankje. Deze stond er gelukig nog. We zaten nog uit de wind ook. Dit wordt voortaan ons nieuwe plek waar we de middagpauze nuttigen. Zo in het voorjaarszonnetje werd het zelfs even warm op het bankje. Even later togen we de binnenstad van meppen in. Hier kregen we een app van Yeti. Hij was helemaal van het padje. ‘Ze’ waren bezig om het kampterrein in te pikken. Of wij straks wel even de Ketel wilden verplaatsten. Enkele groepsleden boden zelfs al gereedschap aan. Dat allemaal precies in het SusScrofaweekend. Kortom Yeti in paniek. Omdat we mooi op schema lagen waren we netjes op tijd voor de kroeg waar we traditiegetrouw onze eerste vazen bier nuttigden. dscn6214De tocht ging voortvarend. Na een scheet zaten we alweer aan de Bokeloherstrasse alwaar we een Krombacher dronken. Nog een scheet later zaten we op het buitenterras bij Gasthof Giese in het stadje Bokeloh. Hier lieten we ons wederom fêteren op een paar forse vazen Duits gerstenat. De laatste kilometers werden we niet begeleid door een welkomscommittee. dscn6216Batman en Vliegend Hert konden zelfs op de Dorgenerbrucke een groepsfoto maken waarop alleen de werkelijke deelnemers stonden. Vanaf de brug konden we door het dichte bronsgroene eikenwoud in de verte een kampvuur zien branden. Ons Heimat. Hier kregen we van Yeti te horen dat paniek betreffende de verplaatsing van de Ketel niet nodig was. We klopten Yeti geruststellend op de schouder. De Ketel blijft ons Heimat voor komend weekend, en daarna.

Zaterdag 25 maart 2017.
Omdat we maar een weekend hadden besloten Batman en Vliegend Hert de beschikbare minuten goed te besteden. Met dauwtrappen. dscf5284Wederom werden we getrakteerd op een blauwe hemel met vette proppen witte wolken. Na het ontbijt trokken de heren naar de HaseAltarm. Hier was de natuur op een spectaculaire wijze aan het veranderen. Oorzaak: bevers. Die knabbelaars onthielden zich niet bij kleine stammetjes en andersoortig struweel. dscf5292Eeuwenoude woudreuzen moesten er ook aan geloven. Door stelselmatig de bomen tot anderhalf meter boven de grond circulair te ontdoen van schors werd hun doodvonnis voltrokken. Door het ontbreken van een natuurlijke vijand ligt een beverplaag om de hoek. We namen het bovenpad door zo’n tien meter tegen de helling op te klauteren. Hier stond een bank, pronter en nieuw. Vanaf de bank werden een paar mooie natuurobservaties gedaan en een vink werd gefotografeerd. Na een omtrekkende beweging door het woud waar de lente vanaf schreeuwde kwamen we terug bij de Ketel. Waar zowaar de overige heren op waren. dscf5300Omdat controle werd verwacht van autoriteiten van de Naturschutz moest het kampterrein er proper bij staan. dscf5314Wanneer de Ketel als een jachthut eruit zou zien zouden we ermee wegkomen, aldus boer Rolfes. Dan moet het terrein natuurlijk wel ontdaan zin van rommel. Met z’n allen togen we aan het werk. Het Susscrofaweekend hadden we hier niet voor bedoeld maar soms moesten we een hoger doel dienen. Kwam daar zo maar even voor 40 eurootjes aan oud ijzer vrij uit allerlei nissen en gebouwtjes. Geheel los van de goedkeuring of niet, Yeti hield er tenminste een opgeruimde terrein aan over. dscf5321De Bonefatiustocht stond op het programma, naar de Schoenveter. Deze lag achter Sqauwvally. Een eeuwenoude weidelandschap met heuvels en Meidoornstruiken, volledig ingesloten door rivier de Hase die als een enorme schoenveter alles omgaf. In het uiterste punt een woud van Grove Sparren en Ratelpopulieren. De groep, Bambam, Batman, Oehoeboeroe, Oei-oei, Vliegend Hert en Yeti leken haast te verdwijnen in het immense landschap. dscf5328Een adembenemend mooie landschap. Straks in Mei een waarlijk Hof van Eden wanneer de Meidoornstruiken in bloei staat. Met de kleuren en geuren zeker een bezoek waard. Helaas ook hier mensen die het nodig vonden takken en stammen uit de tuin te dumpen in het veld. Daar kunnen we weer jaren tegenaan kijken voordat de natuur het heeft verzwolgen. De groep volgde de Hase. In een tak vlak boven de rivier was een nestje gekunsteld. dscf5331Een takje leek als vluchtweg te dienen. In het gras vonden we een keutel van een vos, leven en dood sliepen ook in deze tijd naast elkaar. In een scherpe bocht besloten we even te pauzeren voor een groepsfoto. Daarna vervolgden we de tocht. Een nummeringsbordje langs de rivier werd, bij gebrek aan haas, door een jager als doelwit gebruikt gezien een kogelgat als stille getuige. Even verderop vonden we in het gras een klodder Heksenkots. Het is geleiachtig drab die reigers uitspuwen na het consumeren van een kikker vol eitjes. Ik vind Heksenkots veel beter tot de verbeelding klinken. Een beetje bijgeloof maakt het leven veel spannender dan de saaie wetenschap. In het uiterste punt van de Schoenveter zongen de populieren hun eeuwige lied. dscf5336Op de terugweg kwamen we op een punt waar we de rivier de Hase zowel links als rechts konden waarnemen. Hiervan werd een panoramafoto gemaakt. De groep trok verder door een heuvellandschap bedekt met hoge gras en meidoornstruiken. Het weer bleef ons die dag meezitten. Over landbouwgrond waar ooit mais had gestaan trokken we terug naar de Ketel. Hier plaatsten we ons aan het kampvuur en laafden we ons in het voorjaarszonnetje aan de gaven van het goede leven. Toch zou blijken dat de maand Maart niet geschikt is voor kampvuur. Daarvoor is het simpelweg te koud. In het zonnetje ging het nog net, maar die bleef voor ons niet stil staan. Bij het donkeren maakten we foto’s van de zonsondergang en trokken we ons terug in de Ketel alwaar als vanouds ons een daverende avond wachtte.dscf5347

Zondag 26maart 2017.
Klein reussies tocht ging wederom richting het oosten. De troep ging de ruïnes bekijken van waar ooit boer Wulf had gewoond. Toentertijd een machtige boer met een boerderij die op een dorp leek. Op oude landkaarten zelfs als dorp genoemd. dscf5356In de bijgebouwen woonde het personeel of waren werkplaatsen. De rest van de gebouwen waren opslagplaatsen en varkensstallen. Alles in enthousiast vergaande staat van ontbinding. Elk jaar ging dit proces onverbiddelijk door, elk jaar iets minder boerderij. De groep SusScrofa kreeg de kans om dit van dichtbij te mogen meemaken.
Eerst kwamen we over het terrein van boer Rolfes. We keken in de kapschuur waar we menig weekend hadden vertoefd, toen met de Abdij. Achter de schuur hadden ze een woudreus, een holle beuk, een heuk, omgezaagd. In het koolzaadveld werden enkele reeën waargenomen. dscf5369We zouden die ochtend waden door de reeën. Sinds Schnoeing hier geen jachtopziener meer is leken de reeën opgelucht, blij en amicaal te zijn geworden. De beesten liepen in de verte naar de boerderij van Wulf. Alsof ze wilden zeggen dat het weer eens tijd was voor een bezoek. De uitnodiging namen we aan. Het terrein om de boerderij van boer Wulf was weer een tikkeltje meer overwoekerd dan de laatste keer van ons bezoek. dscf5375De crucifix was door de overwoekerende rododendron nauwelijks meer zichtbaar. De groep verspreidde zich en verdween in allerlei schuren en schuurtjes. dscf5397Toen Vliegend Hert zichzelf binnenliet in een van de bijschuren betrapte hij iemand in de schuur. Deze was net bezig een zak te vullen. In het donker kon Hert niet zien wie hij was of wat hij in de zak stopte. Hert liep naar binnen, hem tegemoet. Nog net kon Hert een foto maken van de man met een gele plastic zak in de hand alvorens hij door de open staldeur naar buiten verdween. Wat kon de man meegenomen hebben uit een oude verlaten schuur? dscf5377Het zal een mysterie blijven. Verderop werd de voormalige jachthut van jachtopziener Schnoeing geopend, hier vonden we nepkraaien en nepduiven. Wat voor perverse hersenkronkels had Schnoeing eigenlijk? Yeti liet zich even later vrijwillig bespringen door een kraai. Zo tam als plastic maar kan zijn. dscf5406De groep verliet het terrein door ten oosten het bouwland op de lopen. Daar stond de groep reeën ons geduldig op te wachten. In het zand vonden we een grote voetafdruk van een wolf. Ze zijn er. Via een omtrekkende beweging langs de Hase kwamen we terug op het terrein van boer Wulf. Ondertussen deed Batman een mooie natuurvondst, een beverschedel. Waarschijnlijk van de eerste generatie. Terug op het terrein van boer Wulf kwamen we in de ruïnes van de voormalige koetshuizen. Een van de huizen had ooit gediend als jeugdherberg, bedden en matrassen lagen hier nog als stille getuigen uit die tijd. dscf5391De gebouwen waren in zodanige vervallen staat dat ze weer mooi werden. Vergankelijkheid in een gestolde fase. In de schuur stond een koets stilletjes te vergaan. Houtwormen deden verwoede pogingen om leven in de brouwerij te brengen. dscf5413Vijftig jaar geleden, als tienjarig welp had Vliegend Hert de schuur al eens bezocht. Toen stond behalve deze koets een grote pronkkoets in perfecte staat met lampen en versierselen. Een paar jaar later bleek de koets uit de schuur te zijn gestolen. Misschien maar goed ook gezien het lot van de overige koetsen. Net als de koets die er nog staat was deze koets op de deur ook voorzien van een gestileerde letter W. dscf5419De W van Wulf. Ook in de andere ruïne stond een koets. Deze was er nog beroerder aan toe. Vergankelijkheid in optima forma. De groep maakte zich op voor de terugweg maar moesten nog even op Oeioei wachten. Die kwam even later aanlopen met een gele plastic zak vol met reeënschedels, had ie gevonden in een van de schuren. Kwam daar nog een kerel tegen met een fotocamera in de hand. Even later zat de groep om het kampvuur om het avontuur na te praten. Oehoeboeroe maakte voor de groep lekker eten en ruimde de boel alvast een beetje op. De wijze Uil had gelijk, het voorjaarsweekend van SusScrofa zat erop. Niet veel later was het weer stil op het kampterrein en besnuffelden de konijnen de kale plekken in het gras. Tot mei, dan dient het ZOMERweekend van SusScrofa zich aan.

Geschreven door Vliegend Hert.dscf5407

November 2016

November 2016

Vrijdag 25 november 2016
In verband met vermeende tijdsgebrek gingen we die morgen boodschappen doen. Aldi in Klazienaveen. Een trede bier per man. Dat deden we toch elke keer? Natuurlijk hadden we weer eens teveel bier ingeslagen. Komt komende derde kerstdag wel op is dan de stralende oplossing. Dus iemand moet voor de datum van 27 december helemaal naar Groß Dörgen (GD) rijden om dat voordeeltje op te halen. Tradities zijn wel vermoeiend. Gelukkig hoef je hierbij niet na te denken. Ook een traditie was de zoute haring die weg moet zwemmen met een ouwe klare. De zoute haringen die in de Aldi opgebaard lagen lieten we dit jaar gelukkig liggen. Vishandel Wesseling wist dit weekend ons van dienste te zijn. De ouwe klare moesten we bij Boni halen. Een bedevaartsplaats voor Anonieme Alcoholisten (AA). De ziel komt bij Boni in een apart met glas afgeschermde ruimte. Vervolgens hoort de ziel in de supermarkt via de luidsprekers wie van het personeel de man in de doorzichtige drankenhal kan helpen. Van de AA kan een A af, namelijk dat van Anoniem. Na klazienaveen moest bij Schepers het nodige teveel Bockbier worden ingeslagen. In ieder geval genoeg om die avond er beroerd van te worden. Die middag vertrokken we redelijk op tijd naar Duitsland. De stemming zat er goed in. Het was fris, tegen het vriespunt, de lucht was staalblauw. Perfect voor onze fotografische plannetjes voor komende zaterdag. Het enige wat ons van die plannetjes kon afhouden was een ondoordringbare mist in combinatie met motregen. Gezien de blauwe lucht en de weerberichten konden we hier smakelijk om lachen. Te onwaarschijnlijk, te weinig kans. Het kon alleen maar een weergaloze weekend worden. We hadden namelijk ook wel eens weekenden meegemaakt dat we onze Heimat niet of nauwelijks uitkwamen. Maar gelukkig wezen alle tekenen erop dat ons dit niet zou overkomen. In Stadt Meppen gingen we nog snel even naar de supermarkt K&K om Jagdslock en braadworsten in te slaan. Een half uur later stonden een viertal zwijnen in het bronsgroene Wald van GD om een knapperend kampvuur. Zo doe je dat. De omgeving stond in het typische harde gloed van de Novemberzon. dscf5166De luiken van de Ketel werden open gezet om de zaak eens even flink uit te luchten. Ondertussen werden in de prachtige stille omgeving van GD de eerste blikken in de natuur geworpen. Tja, een halve liter is zo op. Want observatori di Natura waren we! Die avond hadden we een probleempje, de gaskachel was met geen mogelijkheid aan te krijgen. Gelukkig hadden we alternatieven in de vorm van elektrische kacheltjes. D’r vielen geen dooien ofzo. Alleen onze koude poten misten de gaskachel. Yeti mailde de gaskacheldeskundige (gkd-ge) in de vorm van Bambam. Deze had het weekend over laten gaan om onze koppen nu eens niet te zien. Bam beloofde de volgende morgen even langs te komen. De avond werd weer een oergezellige avond zoals we die kennen uit eerdere weekenden. Geknars van apennoten, gesis van blik, gekraak van brekend worst, verder veel geluid omdat er veel krom- recht- en bijgepraat moest worden.

Zaterdag 26 november 2016
Pluvius vond het nodig uitgerekend die zaterdag met een ondoordringbare mist in combinatie met motregen te startten en ergo te eindigden. Ons ontbijt bestond uit een hartstopper. dscf5167Dat is een boterham met kaas en ei. We maakten dit jaar gebruik van een nieuwe eierkoker. SusScrofa en iets nieuws was en is reden tot bezorgdheid. Bij het betasten en besnuffelen van het apparaat kwam Oehoeboeroe een maatbekertje en een handleiding tegen. Het doorzichtige plastic maatbekertje werd zorgvuldig bekeken, de handleiding verdween in de doos, waar het hoorde. De wijze Uil zag een maatverdeling voor zachte, halfzachte en harde varianten gekookte ei. Hoe moeilijk kan het zijn! Om een ei te koken moet eerst in het ei een gaatje in de luchtkamer worden geprikt. De verrekte prikker zat wel erg ongelukkig onder in het maatbekertje. Het ei kwam tot halverwege het taps lopend glaasje. Schudden hielp niet, het ei zat vast, het bereikte de prikker niet. Uil begon te loensen en liep trillend vast. In bittere armoede gaf hij het maatbekertje aan Hert. Die draaide het bekertje om en gaf het terug aan Uil. Een ontdekkende lach verscheen op de wijze Uil. De prikker zat onder het maatbekertje. Het apparaat werd ingesteld op zachte ei. Toch werden eieren zo zacht als beton. De volgende lading eieren zal Vliegend Hert met het apparaat tot een zacht eetbare variant maken. Zorgvuldig werden de eieren geprikt, zorgvuldig werd een afgepast hoeveelheid water in het apparaat gedaan. Een zacht eitje zal ons deel zijn. Wederom werden we verrast op een kalk-ei. De handleiding werd uit de doos gediept. Het kantelschakelaar bleek geen twee standen te hebben (aan/uit) maar drie. De derde stand was de warmhouder. Onbeperkt, zonder fluittoontje. Zeg maar gegarandeerd hard. Afijn, er zal ongetwijfeld een weekend komen waarbij het ons wel gaat lukken een zacht eitje te creëren op dat ding, desnoods in de uit-stand. Toen opeens was het gas op. Een reserve gasfles bracht uitkomst. De auto van Bambam draaide het terrein op. Uit de koffer haalde hij wat leek op een enorme zetpil. De gkd-ge nam plaats bij de gaskachel en stak tot onze verbazing en gruwel de kachel zonder probleem aan. De druk of temperatuur in de oude gasfles was kennelijk te laag geweest. Dat was tenminste onze collectieve smoes. Bam legde uit dat de zetpil een gastank was uit zijn kamper. Het ding zat nog vol gas. Het gas mochten wij wel hebben. De tank lag onder de Ketel en zal in de toekomst er ooit wel een keer uitgediept worden. Bam ging weer terug naar Erica. De kachel brandde, de braadworstjes snissterden in de pan, wie deed ons wat. Toen was het gas op. Reservepot? Ook. Alle gaspotten? Ook. Even later werd de zetpil van Bambam onder de Ketel opgediept en aangesloten. Wij kregen een vlam! De braadworstjes en wij bleven warm. De Bonefatiustocht was door de barre weersomstandigheden aangepast in tijd en plaats. Een tocht dat deed denken aan vroeger. dscf5228Toen ik eind jaren zestig als jong verkennertje voor het eerst in GD kwam gingen we een keer met de fiets naar Bokeloh. Ik dacht toen werkelijk dat we onze tenten aan de Radde nooit meer zouden terugvinden. Na Bokeloh, op de terugweg naar GD kwamen we op een smalle fietspad. Links keek je in het donkere bronsgroene woud en rechts had je een weidse blik over een zacht glooiende landschap. Aan het fietspaadje leek geen eind te komen. Je hield de voorganger goed in de gaten, die mocht je niet uit het oog verliezen. Dan was je het spoor kwijt, je zou eeuwig rondzwerven in een onbekend gebied waar ze geeneens Ericaans spraken. Het fietspad hield eindelijk op. Het veranderde in een brug. We moesten afstappen omdat de brug iets hoger lag dan het fietspad. Langzaam verlieten we de donkere omklemming van het woud. Met de fiets in de hand liepen we over de brug. Aan beide weerszijden van de brug hadden we onbeperkt uitzicht over een kronkelend rivier in een bosrijke omgeving. Ook weilanden en landbouwgronden waren te zien. dscf5187Met de fiets in de hand zochten we over de natte brugdelen zacht glibberend de overkant van de brug. De brug deinde onder de vele verkennertjes zacht mee, alsof het ons wiegde. Dat zagen we toentertijd toch even anders, we rilden toen we de overkant bereikten. Daar troffen we opnieuw een groene wal van eikenloof. Enorme takken van enorme eikenbomen helden over om ons te omhelzen. GD heette ons welkom. Het dorpje lag pal aan de overkant en lag zo’n zeven meter hoger dan de rivier. Toen we de overkant bereikten bleek in de groene wal een opening te zitten. Een zandpad begeleidde ons achter een huis die donker in het bos lag en waaruit geen licht brandde. Hier moest Hans und Gretel wonen. Rechts in de dichte struiken waren huisjes te zien. Dwergen?Nu pas konden we de enorme boomstammen bewonderen die het groene dak tilden. Zulke bomen hadden we op Erica niet. Het zandpad liep verder. dscf5238We kwamen langs een enorme boomstam die een heus kapel leek te bevatten. Maria zou er zo uit kunnen stappen. Aan het kruis op de kapel was te zien dat het ooit een keer was gebeurd. Het zandpad was inmiddels donker geworden. Ik vroeg me af of we in het dorp nog een boze heks tegenkwamen. Zulke pittoreske dorpen hadden we om Erica niet. We naderden de achterdeur van de boerderij die vlak aan het pad stond. Het bladerdek leek iets te wijken, een opening werd zichtbaar. Het werd iets lichter. Het zandpad maakte plaats voor een verharde straatje. We zouden net weer op de fiets stappen toen iemand ons halt leek te roepen. Tot zover, zeiden de gespreide armen. Het bleek Jesus te zijn die hier als crucifix al vele jaren de weg aangaf. Zoiets kenden we in Nederland niet, daar hadden we ANWB. dscf5239We sloegen linksaf het dorp in, we mochten helemaal doorfietsen naar Alwies Rolfes onze gastherr. Zesenveertig jaar later liepen op een donkere zaterdagavond dezelfde lieden op dezelfde plek. Nou ja, enkelen daarvan dan. De groep kwam terug van een voettocht naar de Hasebrucke. De groep sloeg niet als destijds linksaf maar ging nu rechtsaf. Hier liep het asfalt door. Links de achterkant van de boerderij van Berend Rolfes, rechts hoge bomen ondoordringbare bosjes en struiken. Ooit maakte, vanuit een dezer bomen, een Bosuil met zijn sinistere geluid ons in de Abdij wakker. Het pad splitste op. Linksaf naar de oude kapschuur waarin we met de vouwwagen (Abdij) menig SusScrofa-weekend gevierd hebben. Recht een zandpad die langzaam afliep en eindigde in een weiland met een brede bosrand. dscf5186Tussen de zandp
aden liet GD haar ongenaakbare schoonheid zien in de vorm van een weidse uitzicht over een golvend landschap die in de verte werd onderbroken door donkere bosranden. Het zandpad rechts sloegen we in. Op het eind van het zandpad liepen we tegen een hek, daarachter een open golvend weiland met bossages en bosranden. dscf5182Staande voor het hek, rechts, verborgen in het groen, lag nauwelijks zichtbaar ons kampterrein. Het kampterrein lag net als het dorp zo’n zeven meter hoger dan rivier de Hase. Volop in de wind dus. Fris ook, maar aangenaam in een broeierige zomer. Op het zandpad was het vaak warmer, kon de temperatuur flink verschillen t.o.v. het kampterrein, het kon een jas schelen. Onze tocht voor die dag zat erop. Die zaterdagavond brandde de kachel en werd de dag doorgenomen. Op het menu stond spareribs. Daar werd door de club vol overgave doorheen gevreten. dscf5170Natuurlijk namen we geen risico, alles werd met een slootje bier vakkundig weggespoeld. Terwijl enkele groepsleden zware oogleden kregen en langzaam kantelden bleven de Diehards overeind. Het werd die avond gezellig, warm, vermoeiend en laat en voor sommigen ietsiepietsie misselijk.Bockbier begon te bocken en eiste langzaam zijn tol. Die nacht kwam een bosuil met zijn spookachtig geluid ons een goede nacht toewensen maar schrok van het gesnurk wat uit de Ketel kwam. Over sinister geluid gesproken.dscf5171
Zondag 27 november 2016
Het ontbijt liet ons goed smaken. In de provisiekast gekeken te hebben kwamen we tot de conclusie dat we teveel hadden ingeslagen (tja, traditie). Wanneer we de braadworsten, eieren en de rest hadden geconsumeerd zou er geen ruimte meer bestaan voor macaroni en aanverwante artikelen. Macaroni werd het dus niet die dag. Naar buiten gekeken was de mist en motregen verdwenen. De zondag trakteerde ons op een staalblauwe hemel met een temperatuur rondom het vriespunt. Maar de zondag was geen zaterdag. Klein Reussies tocht werd meer een uitwaaitocht. dscf5199Het werd een tocht naar de Kolk, Uilenbos, HaseAltarm en terug. De natuur had nagenoeg haar herfsttooi afgeschud en maakte zich op voor de winter. De oorverdovende stilte om ons heen was daar een voorbode van. Alleen onze geschuifel door het bladerdek, een boer en een scheet verbraken enigszins de stilte. dscf5217Terug op het kampterrein werd de afwasmachine aangezet in de vorm van een kampvuur. Het gebruik van papieren bordjes had gedurende het weekend zijn voordeel. Die middag vertoefden we een beetje om het kampvuur waarbij Oehoeboeroe ons nog even verraste op roerei en bruine boontjes. Bockweekend 2016 zat erop. De luiken van de Ketel werden gesloten. Plunje werd in de auto’s gepropt, de deur werd vergrendeld. Het kampterrein is tot 24 Maart 2017 vrij van SusScrofa’s.
Moed broeders, struikel niet. Vliegend Hert

September 2016

September 2016

Vrijdag 23 september.
Het was vroeg, 06.00 uur en nog donker, toen Batman en Vliegend Hert ons geliefde dorp Erica verlieten voor een hike van 35 kilometer. whatsapp-image-2016-09-23-at-06-22-35Binnen de bebouwde kom was het uitkijken, sommigen reden je bijna de sokken van de enkels. Bij de Dordsedijk hielden we onze eerste korte pauze. Daarna was het licht. Het stuk na de Kamerlingswijk hadden we zicht tot aan de horizon. dscn5441Vaag stak daar de contour af van de St. Antoniuskerk te Zwartemeer. Daar liepen we met gezwinde pas naar toe. Door de wolkenpakket drong de Koperen Ploert zich met moeite heen en liet zich in een purper en oranje kleed zien. We liepen langs de ingang van de Meerstalblokken. Vlak daarachter ligt de uitkijkbunker waar de Baardmannetjes zich vermaakt hebben. We liepen echter stug door naar het oosten. Het beloofde een prachtige dag te worden, de hemel was hoofdzakelijk onbewolkt met alleen aan de horizon een wolkendek. De temperatuur was met zijn 18 graden iets aan de warme kant maar te doen. Achter Sint Antoniuskerk was een theehuisje te zien, zag er romantisch uit. Voordat we de gravelpad naar de Duitse grens gingen volgen hielden we pauze. Tied veur een pafke. En natuurlijk een boterham en koffie. Langs de grens gekomen zagen we in de volle lengte een strook van zo’n honderd meter breed volledig gestript natuur. Het leek wel de Oost-Duitse grens, alleen de wachttorens ontbraken.

Barry en ‘n Duitser hangen aan de toog. “ik ben van oorsprong timmerman zegt Barry”. De Duitser heeft het niet goed begrepen en vraagt: “Was sagen sie?” Waarop de Barry antwoordt: “planken.”

dscn5442_2Gek eigenlijk dat sommige ambtenaren aan ongerept natuur denken door eerst alles weg te kappen. Onze ingang van het smokkelpad werd niet langer verborgen gehouden door struweel en hoog pijpenstro, Het leek wel de entree van een pretpark. Op het bruggetje namen we een foto. We trokken Duitsland in. De bezemwagen werd bestuurd door Yeti. Deze zou later met de koffie komen, had nog wat te doen. Gaf niets, wij liepen ondertussen gewoon door. Met de wind in de rug en niet al te warm schoot het lekker op. Af en toe moesten we plaats maken voor de enorme landbouwmachines die her en der het land op moesten. Ze leken elk jaar te groeien, die machines. Zo zagen we een zelfstandig rijdend aardappelrooimachine die maar liefst 4 rijen tegelijk meenam bij het rooien.

Een boer pakt zijn vrouw bij een borst en zegt: “Als die nou eens wat groter was, dan konden we een melkkoe wegdoen.” De volgende dag pakt de boer zijn vrouw bij de andere borst en zegt: “als die nou ook eens wat groter was, dan konden we twee melkkoeien wegdoen.” Waarop de vrouw de boer bij zijn lul grijpt en zegt: “Als die nou eens wat groter was, dan konden we de knecht ook nog wegdoen.”

Bij het oude postkantoor bij het Griendsveen hielden we traditiegetrouw een pauze. dscn5444De zon begon nu goed door te breken, het zou warm gaan worden. We trokken snel verder. Langs grote varkensschuren, langs stille veengebieden, langs grote kippenschuren. Het gerestaureerde abortusweggetje werd weer stilaan aangetast door de elementen. Heel in de verte zagen we auto’s over de autobahn A31 flitsen. Grofweg de helft van onze tocht hadden we erop zitten. Bij de Waldweg vlak voor de viaduct over de A31 gingen we pauzeren. Het ging lekker, te lekker. We lagen ruim voor op onze schema, we konden het zelfs kalmer aan doen. In de trekkershut bij Fullen namen we een extra pauze. Het was een prachtige nazomerdag, wie deed ons wat. We trokken dwars door Fullen. In de verte waren de eerste huizen van de buitenwijken van Stadt Meppen zichtbaar. dscn5445Het landschap werd hoofdzakelijk bepaald door electriciteitsmasten van en naar de centrale in Haren, die in de verte te zien was. De condensor van de centrale was beschilderd met de kaart van de wereld, zodoende herkenbaar vanuit alle kanten. Over de uiterste puntje van de masten liep nog een apart lijntje. Waar zou die voor zijn, een geheime telefoonlijn of een privé lijntje voor een dikke sigaar? Het gaf een beeld waar de gesprekken onderweg zoal over gingen. En geloof me, het was zelden stil. Bliksemafleiding, daar was het bovenste lijntje voor, nu weet jij het ook. Na een pauze vlak achter Fullen liepen we richting Stadt Meppen. Vlak voor Stadt Meppen hield een zwarte auto ons in, de bezemwagen. We vulden onze waterflessen bij en maakten met Yeti nog een praatje. Hij zou ons weerzien bij Gasthof Giese te Bokeloh. Na een vrolijk claxonnetje reed hij voor ons uit en verdween in het verkeer. Batman en Vliegend Hert keken elkaar aan. Beide hadden het gevoel dat ze iets misten. Verrek…….de koffie!! dscn5446Die zagen we in de verte nog net de hoek omdraaien. Verder dan maar weer, dan maar zonder koffie. De binnenstad met het drukke verkeer gaf ons onder het lopen enige afleiding. Het lange stuk langs de Ems werd spoedig genomen. Al snel passeerden we de brug. We roken de stal. In de vorm van een café. Hier werden we zelfs herkent door de serveerster. Sind Sie schön wieder da? riep ze vriendelijk. Als BDers (Bekende Drenten) namen we plaats en verdwenen achter een paar bellen bier. Zelfs op weg naar de volgende kroeg kwam ze ons op de fiets voorbij en groette freundlich.

Wilt u iets eten?”, vraagt de serveerster aan de man aan het tafeltje. “Waaruit kan ik kiezen?”, vraagt hij. “Uit ja en nee”, zegt ze.

Bij de kroeg aangekomen, eigenlijk Schnell Imbisch, namen we een biertje plus patat met een half haantje. Half haantje? Eerder een taai bos hennep. Niet te vreten. Volgende keer alleen Pommes, de prutsers. Op naar Bokeloh. Een prachtig kronkelende weg door een bosrijk gebied stond ons te wachten. dscn5447Dan na zo’n vijf kilometer, onder de kerk, Gasthof Giese. Bij Gasthof Giese zat buiten eenzaam aan een tafeltje Yeti alleen te zijn met een leeg glas bier. Daar gingen we onmiddellijk wat aan doen, aan het lege glas.

Komt een man in het café en vraagt aan de barkeeper: ’19 bier a.u.b.’ Zegt de barkeeper: “Weet u het zeker, is dat niet teveel? Zegt de man: ‘Ja, maar er hangt een bordje met de tekst “ONDER DE 18 WORDT NIET GESCHONKEN”.’

Even later was het op het terras bij Giese een vrolijke boel. De tocht zat er bijna op. Tijdens de laatste kilometers werden we onderweg ontvangen door Bambam. Traditioneel werd een groepsfoto gemaakt van alle hike-deelnemers. Er volgde een vrolijk samenzijn aan de stamtafel op het terrein van ons clubhuis. De gele rakkers met hun witte kuiven kwamen en gingen. dscn5449Later vervoegde Oei-oei zich bij de vrolijke boel. Het werd langzaam donker. En fris. De avond ging door in de Ketel, tussen talloze foto’s van eerdere prachtige weekenden. Tot ook daar het licht uitging. Het werd stil in Groß Dörgen, de vrijdag droeg het over aan de zaterdag.

Zaterdag 24 september 2016.
Het werd gehunker naar een bunker. Bammetje had tijdens zijn geliefde bezigheid, geocaching, in Bokeloh in het bos een betonnen bunker ontdekt. Daar keken we niet zo vreemd van op, om Meppen was in de oorlog hevig gevochten. In die tijd was bunkertje bouwen een geliefde bezigheid van de Duitsers. Onderweg naar de bunker toe deden we ook een ander monument aan. Van Kaizer Wilhelm. Daar kwamen we toch langs. Bovendien wou Bambam checken of de geo-caching aldaar nog klopte. Niet. dscf5106We liepen door het zandgat. In het gouden najaarszonnetje was dit geen straf. Richting Bokeloh namen we een andere weg. Ons verscheen een onbekend stukje Bokeloh. Bij een tafeltje hielden we pauze, een borreltje volgde al snel. Om ons heen hetzelfde beeld die we al vaker zagen. Prachtige huizen met in de prachtige tuinen vlijtige Duitsers. Geen grasspriet stond scheef. Blijkbaar een ander geliefde bezigheid van de Duitser. Overigs geen kwaad woord over de Duitser, gastvrijer volk bestaat er niet.

Zitten een Belg, een Hollander en een Duitser aan de bar. Zegt de Belg ”Mijn vrouw heeft laatst een Ferrari gekocht, maar ze heeft geeneens een rijbewijs. Zegt de Hollander ” o, mijn vrouw heeft een zwembad in huis aan laten leggen, maar ze kan niet eens zwemmen. Zegt die Duitser, dat is nog niks, mijn vrouw ging laatst op vakantie nam ze een hele doos condooms mee, maar ze heeft geeneens een lul”

We staken een drukke straat over en moesten plots van leidsman Bambam het bos in. Waar fuhrte Bam ons heen? Naar bomen, veel bomen. Dat is in een bos niet zo’n vreemd verschijnsel, dat wende snel. Met zijn neus op de leepfoon (smartphone) volgden we Bam in een ganzenpas. Plots stonden we voor een betonnen kolos. dscf5111Een donker hol leidde ons naar binnen. Althans Bambam en Yeti. Het betonnen bouwsel was bijzonder ruw en slordig gebouwd. Binnenin was een ruimte waar het betonijzer gewoon naar binnen priemde. Aan de buitenkant waren rollen prikkeldraad half verzonken in het beton. Bovendien ontbrak een schietgat, een niet onbelangrijk onderdeel van een bunker. Bovendien stond de bunker midden in een bos. Voor het geval dat een Britse soldaat was verdwaald? De slordigheid waarmee de bunker was gebouwd was niet des Duitsers. Dit was meer een haastig gebouwde schuilhut die onder het zand had gezeten. Destijds was ook in Duitsland verzet. Deze strijders hadden een depot nodig. Ook mensen met Cohen als achternaam hadden in die tijd een gegronde reden om buitenhuis te gaan wonen. Na gegronde inspectie en het nemen van foto’s gingen we richting rivier de Hase. Via snoerloze telefonie, de leepfoon, kregen we bericht binnen dat Hakketee lopend vanuit Erica het stadje Bokeloh had bereikt. Thans had hij plaats genomen op de stoel voor Gasthaus Giese waar Hert een dag tevoren met zijn reet op had gezeten. De troep stak de kruisweg over en ging richting het huis van Panoramix, de druïde. dscf5117Deze bezat een huis met uitzicht over het Hasetal. We hadden hier vaker gelopen maar kwamen thans op een onbekende route. Hier had een natuurkunstenaar, of de druïde zelf, zich artistiek helemaal laten gaan. Het had een hoog Anton Heyboer gehalte. Goed voor museum, of kliko.

Anton Heyboer staat al een tijdje een naaktmodel te schilderen als hij de moed bijeen heeft geraapt en haar een zoen geeft. “Wat krijgen we nou?!”, vraagt het model. “Doe je dat bij al je modellen?” “Nee, jij bent absoluut de eerste!”. “En hoeveel modellen heb je al hier gehad?”, vraagt zij.
“Vier”, antwoordt Anton. “”Een appel, een meloen, een pompoen en een kiwi.”

Beneden bij de HaseBogen gingen we de rivier volgen richting Bokeloh. Als we deze steevast gingen volgen kwamen we vanzelf uit bij de stoel van Hakketee. En zo geschiedde. Het werd op het terras van Gasthaus Giese even bar gezellig, zo temidden van al die overige Nederlanders. Even later bezochten we een andere kunstenaar, Otto Pancock. dscn5469Zijn schilderijen voerden ons naar de Ketel. Een daverende avond aan de stamtafel om het kampvuur volgde. Daar kregen we op het eind van de avond onverwachts bezoek, de Bosuil.

Twee wijze uilen, die in de toekomst kunnen kijken, komen elkaar tegen op een tak. Zegt de ene tegen de andere: “Goh, je ziet er beter uit dan volgende week!”

Deze liet zich aanvankelijk in de verte horen met zijn sinistere gehuil. Toen Batman op zijn Leepfoon het gehuil van de Bosuil imiteerde kwam de vogel ras naderbij. Meerdere Bosuilen volgden. De gloed van het kampvuur scheen tegen de grote Sparrenbomen. Op gegeven ogenblik leek uit elke Spar het klagelijk gehuil van de Bosuil te komen. Ze vlogen zelfs over het vuur van boom naar boom. Op een eerder kamp werden sommige leden zelfs door de Bosuilen aangevallen! De namaakroep uit zo’n leepfoon maakt de dieren blijkbaar agressief! Uiteindelijk doofde het kampvuur, het uilgeluid stierf weg, de zondag bedankte de zaterdag en nam het over. De SusScrofa’s en bosuil gingen slapen. Kamprust.

Zondag 25 september 2016
Batman en Vliegend Hert stonden vroeg op om Hakketee uit te zwaaien. Deze besloot de terugweg naar Erica opnieuw lopend te vervolgen. Na het ontbijt zwaaide Hakketee af. img_0276_2We liepen tot aan de Hasebrucke met Hakketee mee. Hier namen we afscheid. Zelfs Oei-oei vervoegde zich nog even bij ons, Hakketee was inmiddels in het Wald verdwenen. Mourir c’est partir un peu. Het landschap lag onder een witte deken van nevel en dauw. Hun aanwezigheid werd gezwind vervangen door het gouden gloed van de ochtendzon. In een prettige grafstemming liepen we richting de Ketel. Ieder was die dag relatief vroeg uit de veren. Zodoende werd al vroeg aangevangen met de Klein Reussietocht. We werden verrast op een herfstdag gemarineerd in een gouden gloed van de lage najaarszon. Het leek wel of we zo een landschap van Brueghel inliepen. dscn5475Het werd klassiek dauwtrappen langs de Kolk, bospad en HaseAltarm. Via het executieveldje uit de tweede wereldoorlog, nog een damaliges geliefde bezigheid van onze oosterburen, kwamen we terug bij de Ketel. Een paar blikjes droog drinken. Borden en bestek op het afwasvuur. Ieder kroop die namiddag weer in zijn eigen cocon. Op naar het Bokweekend in November.
Moed Broeders, struikel niet. Vliegend Hert

Maart 2016

Maart 2016

Opgedragen aan Marlies.

Vrijdag 18 maart 2016.
Het was nog donker toen Batman op 06.00 uur bij Vliegend Hert binnenstapte. Na een kort afscheid togen de heren op pad. Hike Maart 2016 was begonnen.
DSCF4513DSCN4713Nog voor dat we de Kerklaan hadden verlaten begon het te lichten. Wat erger was, het begon te motregenen. Snel zetten we de pas er in. Tegen de tijd dat we Erica achter ons lieten stopte de motregen, om af en toe weer geniepig toe te slaan. Het was te weinig om te storen. De temperatuur was zo’n acht graden, bij de Dordsedijk gingen de jassen uit, het was te warm. Het lange eind richting Zwartemeer ging rap. Sint Antonius was ons welgezind. Na de kerk gepasseerd te hebben maakten we onze eerste rustpauze, het was nog maar 08.00 uur. We doken het natuurgebied De Meerstalblokken in en liepen een poos langs de grens met Duitsland. Een strook van zo’n vijftig meter aan beide zijden van de grens was volkomen plat gezaagd. Waaronder prachtige oude eikenbomen. Voor een brandgang? Het smokkelpad naar Duitsland was nu duidelijk te zien. Snel vluchtten we Duitsland in. Gelukkig viel het met de drassigheid mee, ook het zandpad was redelijk droog. We moesten opschieten. We hadden een Rendez Vous bij het Griendsveencomplex. Om 09.00 uur zou Yeti daar ons ontmoetten. Volgens planning stond hij daar met een kop koffie ons op te wachten. Yeti nam nog even een foto van de twee binken en vervolgde zijn weg terug naar Nederland. Batman en Vliegend Hert toogden verder richting de Autobahn A31. Hier hielden we een korte pauze bij een bankje aan de Waldweg. Vlak voor Fullen pauzeerden we nog even in een bushalte. Hierin zat een oude verdwaalde Duitser. Door hem minuten zwijgend strak aan te kijken stond hij op en vertrok. Zo, nu konden we ons even uitstrekken op de bank. We hadden de gang er goed in. Normaal pauzeerden we bij onze Russische vrienden en namen we de middagpauze vlak voor Meppen. Beide sloegen we over en liepen met de Nordic stokken gezwind door. Voor ons kwam in de verte een parasol op ons af. Wat zullen we nu krijgen? Het bleek een scootmobiel waarvan de berijdster niet in de zon wil zitten. We verdwenen in de binnenstad van Stadt Meppen. DSCN4725 DSCN4726Opnieuw viel ons oog op een wel erg merkwaardige Duitser. Hij sprong van de fiets om al lopend moet een handveeg zijn achterwiel schoon te maken. Hoofdschuddend keken we hem na. Dit beloofde een spannend weekend te worden. De kroeg waarnaar wij zochten, die we vaak gesloten aantroffen, was open. Hier betaalde het vroeg opstaan van vandaag zich af. We namen plaats achter een tafel en zaten even later genoeglijk achter volle bierglazen, zo groot als bloemvazen. Na een tweede ronde werd ons vriendelijk te kennen gegeven zo snel mogelijk op te rotten. Wat is toch aan de hand met die beroemde Duitse gastvrijheid? Niets dus, de schilder kwam zo langs, het gehele interieur werd geschilderd. Dan zaten die twee Niederlandische nathalzen daar maar in de weg, dus…wegwezen. Kwam ons goed uit, het volgend adresje in de Stadt was een Schnell Imbiss, hier namen we een patatje met een poot. Daar konden we weer verder op lopen. We verlieten Meppen en toogden richting Bokeloh. Bij Gasthaus Giese hadden we wederom een Rendez Vous, nu met Yei en Oehoeboeroe. De heren waren exact op tijd, dus wij ook. Na vijfendertig kilometer achter de kuiten lieten Batman en Vliegend Hert het gerstenat goed smaken, Yeti en Oehoeboeroe deden niet voor ons onder. In het Gasthaus zaten twee stelletjes aus Die Niederlanden, dorpsgenoten zowaar! Wat deden die nu op een vrijdagmiddag zover in Duitsland? Het bleek dat het gebied om Bokeloh razend populair was bij veel Drenten uit de Zuidoosthoek. Het werd bar gezellig. Na een hartelijk afscheid begonnen we aan onze laatste stuk van de Hike. De brug over de Hase in Bokeloh was niet meer. Weg, foetsie. De oude brug begon gebreken te vertonen, had zijn tijd erop zitten. Ernaast lag een noodbrug. DSCN4729 DSCN4730Gelukkig maar, anders hadden we een andere route moeten nemen. Een opmerkelijk frisse Yeti en dito Oehoeboeroe namen met Batman en Vliegend Hert op de brug van Gross Dorgen de pose aan voor de traditionele foto. Later ‘s avonds voegden de heren Oei-oei en Bambam zich toe aan de groep. Zoals gewoonlijk werd het weer een bar gezellige weerzien die rijkelijk werd besprenkeld met het gouden gerstenat. Nog voor twaalf uur kwam de man met de hamer en sloeg ons allemaal het nest in.

Zaterdag 19 maart 2016.
Het thema van dit weekend was: IJzer uit de Oertijd. Ooit was de ijzertijd begonnen. Ooit hadden onze voorouders een klont ijzeroxide in handen waarmee ze iets wilden doen. DSCN4735 Als je het spul ging verhitten en, als je er maar lang genoeg op bleef meppen, ontstond iets wat veel langer scherp bleef dan vuursteen of brons. Maar hoe kom je aan ijzeroxide? Bij het dorp Schleper kwam het uit de grond, letterlijk. Het spul lag op de bouwland voor het oprapen. Daar gingen we die zaterdag naar toe, om ons even in de ijzertijd te wanen. Natuurlijk namen we erts mee als souvenir. Die ochtend ging het ontbijt redelijk snel. Het was dicht bewolkt maar niet koud, het regende niet. Kortom, prachtig wandelweer. DSCN4745 DSCF4533We toogden op pad richting Schleper. Jaren geleden zijn we daar ook geweest om de nieuwe snelweg uit te peilen in een weiland. Toentertijd hadden we met closetpapier een denkbeeldige snelweg aangelegd. Bambam had vanuit een kanzel hier foto’s gemaakt. Bij de boerderij van Alwies Rolfes namen we het zandpad richtig de rivier Mittelradde. Halverwege het pad sloegen we af naar de oude huis van Tensings ( zoeremelkboer). DSCF4528 DSCF4526Dit was inmiddels een ruïne. Aan de oude balken kon men het vakmanschap nog steeds aflezen van de toenmalige bouwlui. Oude geschriften uit de jaren vijftig lagen daar op de deel nog steeds voor het oprapen. We snuffelden door het huis en Oehoeboeroe vond een balk waartegen hij zijn hoofd kon stoten. Nu was zijn hoofd al niet zo fris, het herinnerde zich het kittig sapje van gisteren. Achter het huis liepen we het veld in. Bouwgrond wisselde zich af met rivierbeddingen en bosstroken, enorme zwerfkeien vormden hier natuurlijke stuwdammen. Dit zie je niet in het propere Nederland. Al hadden ze in Duitsland wel iets properder mogen zijn. Overal lagen oude vallen, ontelbaar aantal lege flessen, vreemde balletjes met nummers, flarden plastic of onderdelen van landbouwmachines. Een boer had ooit een lier gebruikt om een boom om te trekken. DSCF4525 DSCF4522Na de klus bleef het gereedschap aan een boom hangen, ‘t is maar geleend spul. De Universität Osnabrück had hier ooit veldonderzoek gedaan. Overal vonden we hun Forschungsgerät terug. Stelletje Öcoschweine. Maar gelukkig vonden we ook sporen in de natuur, keutels, botten en een schedel. Richting Radde kwamen we op een heuvel, hier stond een kanzel. Stond. Het ding lag plat. Je hoorde geen ree mopperen. We kwamen op een pad waarbij de bramenstruiken zich gedwee lieten uitvouwen zodat we vrij baan hadden. Yeti noemde het pad treffelijk het ‘Mozespad’. DSCF4560Op dit pad vonden Oei-oei en Oehoeboeroe de eerste nuggets ijzeroxide. Het lag gewoon als dikke kluiten op het pad, het voelde alleen veel zwaarder aan en had een roestkleur. Op de brug van de Radde namen we een pauze. Even later plonsden glazen flesjes in de Radde. Nog meer Öcoschweine maar nu onder ons. Op een veldje lieten een paar reeën zich gewillig fotograferen. We trokken verder het veld in richting Schleper, richting de snelweg. Langs de oever van de Radde dreven vele rattenvallen. Hopelijk zien de bevers het verschil. Anders zag Oehoeboeroe het wel met zijn reuzenlens op de fototoestel. Langs de snelweg in Schleper waren ze bezig het spoor van nieuwe bielzen te voorzien. Hier dronken we onze meegebrachte pilsjes. DSCF4542 DSCF4561Oehoeboeroe, inmiddels frisgroen als zijn overjas, zocht plotseling in de berm naar viooltjes. Na de Radde opnieuw te hebben gepasseerd kwamen we op het weiland waar we toentertijd de foto’s hebben gemaakt. Niets was veranderd, zelfs de kanzel stond nog op zijn plek. Ze hebben ons niet gemist. Toentertijd kwamen we van de andere kant, logisch dat we deze weg zochten voor de terugweg. We wisten ons nog te herinneren dat het een moerasgebied was, toen tamelijk droog en diengevolg doorwaadbaar. Dit keer ontbrak factor droog, daarmee de mogelijkheid doorwaadbaar. Na lang zoeken raakten we in paniek, een borrel volgde. Wederom waren dicht bij ons een paar Öcoschweine te zien. Eindelijk vonden we een doorwaadbare plaats, nota bene naast de oever van de Radde. We staken een maisveld over. Hier vonden we waarvoor we kwamen. IJzer, ijzer en ijzer, overal klonten roest tussen de maisstronken. Bambam spaarde apart ijzererts in een plastic zak, hij wil proefondervindelijk bepalen hoe onze voorouders het ijzer uit het erts verkregen. Al snel had Vliegend Hert meer dan een kilo aan ijzererts in zijn jaszak. Helaas bleven alle verdere jaszakken leeg en schoon. Oei-oei, Oehoeboeroe en Yeti vonden het opeens mooi genoeg geweest. Ze verlieten de scene. Bambam, Batman en Vliegend Hert besloten op het Mozespad verder naar ijzer te zoeken. DSCF4572 DSCF4575Op het pad maar vooral op het maisveld richting de visvijver werd ijzeroxide in overvloed gevonden. Sommige nuggets waren na miljoenen jaren nog steeds vuistdik. Bij de visvijver vonden we ossenschedels aan de bomen gespijkerd en serpentdraad over de hekken. Een eng ventje vist hier. Een totempaal bij de ingang moest indringers afschrikken. We verlieten de visvijver en liepen naar het pad richting spookboerderij. We waren voorzichtig, misschien zagen we het prachtige blauw van een ijsvogel. DSCF4585 DSCF4579Toen we het pad naderden zagen we inderdaad blauw. Een Nederlandse blauwe personenauto met een natuurvriend en -vriendin. Beide op de achterbank. De vriend had het blijkbaar warm, hij had zijn broek op de knieën. Zoals reeds opgemerkt, het landschap hier is populair bij de Nederlandse Naturfreunde. We lieten ze verder van de natuur genieten en liepen door. Bij de oude houten brug bleven we staan. Oer zette het riviertje in een overdadige kleur van roest. Ook hier zou binnenkort een noodbrug aangelegd moeten worden. Op sommige plekken veerde de planken van de brug vervaarlijk mee en was deze erg doorzichtig. Na enkele foto’s van het roestkleurig riviertje te hebben genomen trokken we richting spookboerderij. Over een ruïne gesproken, de voorgevel was zo verzakt dat betreding van het pand eigenlijk niet meer veilig was. Ooit een jeugdherberg, ooit een stal voor kostbare koetsen, nu een pittoreske bouwval. We trokken via de boerderij van Wulf richting het thuiskamp. DSCF4588Daar wachtten de overige leden reeds op ons. Van de ijzernuggets die Vliegend Hert in zijn jaszak had verzameld maakte hij achter de Ketel op een betonplaat een soort van piramide. Hij vond dat we het aangename met het nuttige moesten verenigen. De verzamelde klonten ijzeroxide kreeg als bestemming: pissoir. Een waardige souvenir van deze dag. Spoedig was de stamtafel gevuld met gerstenat en draaiende braadworsten. Een gezellige avond volgde, menig puntje werd van de i gehaald, menig kant die de wal zocht, iedereen had gelijk. Dat laatste pas toen iedereen sliep.

Zondag 20 maart 2016
De Klein Reussiestocht voerde ons op verzoek van Bambam naar het keizergedenkplaats. Bambam is nog al wild van geocaching. Daar zou eentje liggen. Het zat die zondag tegen. Op de tocht naar het zandgat werden we begeleid door motregen. De hele natuur om ons heen was druilerig, had er niet veel zin in. Bij het zandgat aangekomen druilde het daar ook. Ondanks het verbod op motorcrossers zagen we kapot gereden hellingen en bandensporen.DSCN4785

 

 

Gelukkig hadden we de Geocaching van Bambam nog. Als we dat vinden zit er tenminste nog iets mee die dag. Bij het monument aangekomen zat het niet mee. De geocach bleek te zijn gestolen. Een biertje dan maar. En een groepsfoto. Je moet toch wat. Na een tijdje gezellig te hebben gekletst besloten we voor even weer Öcoschweine te zijn. Dit moeten we snel weer afleren! Terug lopend naar het thuiskamp begon het nog harder te regenen. D’r zat niets anders op, we trokken nog een blik open. Daarna ruimden we de spullen op. Sloten de boel af. De Ketel werd weer aan zijn lot overgelaten, binnen de wanden wel enkele mooie momenten rijker. IJzer uit de Oertijd-weekend had zijn doel behaald. Het weekend gaat als geslaagd in de boeken. Moed broeders, struikel niet.

Vliegend Hert

November 2015

November 2015

Vrijdag 25 november 1015.
Precies op tijd, namelijk om 13.30 uur, draaide een witte Volkswagen bestelbus de oprit op. Iedereen aanwezig? Nee, Oehoeboeroe de Uil ontbrak. DSCN0090 DSCN0107 Net toen we weg wilden rijden toeterde een auto op straat. Uil werd nog even nabezorgd. Eindelijk toogden we voor de zoveelste keer naar ons geliefde plaatsje in het grote Duitsland, Groβ Dörgen. Het was november, dat wil heten Bokweekend. Maar eerst nog even boodschappen doen. Bij de Aldi in Klazienaveen. Later nog in K&K in Stadt Meppen. Daar maakten we nog iets bijzonders mee. Een hoogzwangere Poolse vrouw kreeg opeens weeën voor de kassa. Waarom zijn die Poolse vrouwen toch altijd zo foeilelijk? Deze leek wel erg op zijn vader met haar snor en ongeschoren kin. DSCN0113 DSCN0115Maar goed, een vrouw in nood moet je helpen. Het was echter te laat. Midden voor de kassa braken de vliezen. Nou, vliezen, het was meer de jas die brak. In plaats van een kleine roze Polak die over de plavuizen stuiterde gulpte een stortvloed tubes tandpasta over onze schoenen. Een wenkbrauw van de chef begon te fronsen. Maar Yeti en Uil boden EHBO, al hadden ze nog nooit zo’n vreemde bevalling meegemaakt. Eigenlijk hadden ze nog nooit een bevalling van tube tandpasta meegemaakt. Maar alert waren ze, de heren Yeti en Uil. DSCN0117 DSCN0127Vliegensvlug stopte Yeti de betaalpas in handen van Batman. Hier was actie gewenst en Yeti wilde voorkomen dat Batman en Vliegend Hert maar in de weg zouden lopen. Bevallen van een mud tubes was geen sinecure. Batman moest maar samen met Vliegend Hert de boodschappen afrekenen. Yeti duwde Batman de Rabocard in handen en fluisterde hem de pincode in zijn oor. Fluisteren? Het had net zo goed door de interne audio-omroepsysteem van K&K gekund. Terwijl Batman stond af te rekenen brachten Yeti en Uil de kraamvrouw en haar echtgenoot, net zo lelijk, naar de kamer van de chef. Wat bracht de nageboorte, tandenborstels? Batman was zo door de gebeurtenissen overdonderd dat hij bij de kassa de pincode was vergeten. Gelukkig wist het personeel van K&K plus alle aanwezige klanten de pincode te herinneren. DSCF4324DSCF4309Maar Batman kreeg een briljante inval, als iedereen de pincode wist dan neem ik gewoon een andere Rabocard. Batman nam geen risico en rekende met zijn eigen Rabocard af. Op de parkeerplaats werden de boodschappen ingeladen door Batman en Vliegend Hert. Yeti kwam spoedig aangestoven, hij had hulp nodig. Yeti kwam mededelen dat de Pool geen lelijke kraamvrouw was maar gewoon een lelijke Pool. Yeti gaf uitleg dat een Pool wel kan bevallen op een trap maar als je een Pool betrapt dit..uhh.. hem niet beviel. Batman en Vliegend Hert keken Yeti strak aan. Na een stilte vroeg Yeti of ze alsjeblieft even mee wilden gaan. Op draf terug naar de kamer van de chef. Daar zaten ze, de twee lelijke Polen. Naast een berg tubes tandpasta en een watercontainer. Dat laatste hoorde er niet bij. We gingen in de deur staan en riepen, ‘Hier kommt kein Maus mehr aus’. DSCF4313 DSCF4323De hulpchef ter grootte van een flinke hamster keek ons dankbaar aan. Hiermee waren de mogelijke vluchtplannen van de winkeldieven vervlogen. Toen de Polizei kwam staken we automatisch de polsen naar voren, een reflex. Maar de chef wees tijdig de daders aan en de rakkers werden ingerekend. Als dank kregen we van de opperchef een doos chocolade die we bij de kassa mochten afrekenen, de pincode wisten ze al. Voor de Troep eindigde hiermee het avontuur en trok verder naar Groβ Dörgen. In de Ketel werd nog flink nagepraat en slonk de Bokbier zienderogen. ‘s Avonds voegde Oei-oei zich bij de Troep, Bambam excuseerde zich voor het Bokweekend. Na het openingsritueel waarbij een zoute haring werd weggespoeld met een jenevertje kapseisde Oei-oei. Maar goed dat hij hier voor de rust kwam. De rest vierde het leven tot in de late uurtjes.
Zaterdag 26 november 1015.
Volgens gebruikelijke recept werkten we ons het ontbijt naar binnen. Voor wat het weer betreft kwam een stille wens uit. Een staalblauwe hemel. Over de Hasebrücke sloegen we linksaf over de dijk en volgden een poos de rivier Hase. Een najaarszon zette het landschap in die typerende harde zonlicht. Een reiger verwelkomde het reisgezelschap beneden aan de dijk. Verderop liet de Hase in de bocht een zandafzetting zien die de rivier door de eeuwen heen altijd heeft veranderd. We verlieten de rivier en trokken het woud in. De natuur was zoals verwacht in diepe rust. RSCN0121 DSCF4327De felrode bessen van de Gelderse roos gaven enigszins kleur aan de grijze massa. Net als je denkt dat gaat het niet worden gebeurd er iets onverwachts. Yeti ging het licht zien. Zomaar. Het licht ging aan. Met een devoot gezicht keek hij ons biddend aan. De verschijning duurde maar even. Toch kon daarvan nog net een foto worden gemaakt. Het was ook zo weer over. Een glasboer ruimde de afvalemmer leeg en nam en passant ook Yeti’s aureool mee. Hij keerde terug op aarde en werd weer simpel. ‘Meer’, riep Batman, Yeti ging weer devoot kijken en wachtte af, met één oog open, of er meer kwam. Maar Batman bedoelde een meertje in het bos, dat was onze voorlopige doel. Plotseling uit het niets verscheen, pal voor ons, een grote haas. Voorzichtig brachten we onze lenzen in positie. Dit is de reden waarom we hier zijn, observatie. Op het moment dat we de knoppen wilden indrukken hoorden we Oei-oei ineens roepen ‘Goeiedag Haas’. Foetsie was de haas. Foei-foei Oei-oei. Bij het meertje vonden we Duivelsnaaigaren en een bijzonder heuveltje. Het leek wel een grafheuvel. Hoe komt een grafheuvel midden in een bosmeer terecht? Hadden we een groot natuurhistorische ontdekking gedaan? Totdat we erachter kwamen dat de grafheuvel bestond uit de muts van al onzer Uil, die stond voor de lens van de fotocamera. DSCF4311 DSCF4316Uil’s muts of een grafheuvel. Het grote verschil is dat de inhoud van de grafheuvel voornamelijk bestaat uit zand en de inhoud van de muts…uhh…niet. Via topografische kaarten op de mobiele apparaatjes kwamen we tot de ontdekking dat we drie kilometer terug naar rechts hadden moeten afslaan. Best interessant om het woud van de andere kant te bekijken, al waren niet alle leden even enthousiast over deze keuze. Na eindelijk de ingeslagen pad te hebben gekozen liepen we een dorp binnen. Hier stonden oude boerderijen die aan oude glorie niet hadden ingeboet. Bij een van de boerderijen had zelfs een windveer wortel geschoten. Om de boerderijen lagen grote zandheuvels, vroeger kunstmatig aangelegd, die thans de boerderijen uit de gure wind hielden. Via een zijpad verlieten we het dorp en werden we uitgezwaaid door Jezus. Een prachtige crucifix die in elk dorp in de buurt te vinden was. DSCF4326 DSCN0140In de verte huppelden twee borsten op ons toe, een trimster. We namen plaats achter een hek en besloten van de heuvels te genieten. We trokken het bos in en kwamen op een wel heel vreemde open plek terecht. Overal lagen tissues. Hier moest iemand snotverkouden zijn geweest. Snel verlieten we deze besmette plek. In de verte hoorden we een staccato aan knallen. Hier in Duitsland werd de kerstdis in het bos gevonden. In de verte werd de dijk waarop we vanmorgen zijn begonnen zichtbaar. We trokken de dijk op en liepen naar de vertrouwde Dorgenerbrücke. In het donkere woud zagen we de Ketel in de verte staan. Bij terugkomst in de Ketel ging de kachel aan, het werd spoedig behaaglijk. Terwijl we ons laafden aan het leven werd om de Ketel een drijfjacht gehouden door mannetjes in fluorescerend roze pakjes. Dan bedoel ik geen kabouters van Rien Poortvliet. DSCN0152 DSCF4342Het werd vroeg donker om de Ketel en de hoofdact diende zich aan. Op zilveren borden. De Schweinehacken. Het werd een feestmaal die met sloten bier moest worden weggespoeld. Met ronde buiken en voldaan gekreun duurde de avond niet bijzonder lang. Het luide gesnurk was spoedig hoorbaar. Vliegend Hert had een minder prettig herinnering aan de feestmaal, zuurbranden van de vette hap hielden hem de nacht wakker. Een vorm van nagenieten zou je het kunnen noemen.
Zondag 27 november 1015.
Het weer was zoals we het oorspronkelijk vreesden, harde wind met hevige slagregens. Het was zo troosteloos dat we direct na het ontbijt aan de zuip gingen. Yeti keek bezorgd naar buiten. Het toegangspad naar ons kampterrein was één modderpoel. Daar moet straks een Volkswagenbusje doorheen. DSCF4336 DSCF4349Dat zou niet gaan als nog een paar uur werd gewacht. Yeti rukte de zwijnen achter de pot bier weg, er moest gewerkt worden. De bus werd met vereende krachten door de blubberige zooi geduwd. Het lukte ternauwernood maar het busje stond verderop veilig op het droge. Met gerust hart kon Yeti de zwijnen weer achter de potten bier zetten en hun bezigheden laten vervolgen.
Het regende de gehele dag zodat alle geplande activiteiten in het bier vielen. Tenslotte werden de biezen gepakt, wegwezen uit die natte prut. Op naar de Kalkoenentocht op derde kerstdag. Moed Broeders, Struikel niet.
Vliegend Hert

September 2015

September 2015

Vrijdag 25 september 2015
Het was een donkere mistige morgen toen twee mannen uit Erica slopen, al hadden zij een belastingschuld. Het waren Batman en Vliegend Hert. Op weg naar hun clubhuis, 35 kilometer naar het oosten, diep verscholen in een donkere eikenwoud in Duitsland. Het herfstweekend van de SusScrofa’s was begonnen. DSCN4410 DSCN4411De eerste negen kilometer speelde zich af in het schemerdonkere ochtendgloren. Traditiegetrouw werden bij de heren op de Ensingwijk bijna de sokken uit hun schoenen gereden door haastig werkverkeer. Desalniettemin werd er stevig doorgestapt zodat de eerste halte in Zwartemeer, achter de Sint Antoniuskerk, al ruim voor negen uur werd bereikt. Het was de laatste halte in Nederland. Hierna doken de heren in het natuurgebied De Meerstalblokken en volgden de verborgen smokkelpad naar Duitsland. Het weer knapte wonderwel iets op maar het bleef zwaar bewolkt, gelukkig geen 
regen. De temperatuur bleef schommelen om de vijftien graden, een prettig Hike-temperatuur. Ook dit keer zagen de beide SusScrofa’s in Duitsland nieuwe enorme schuren verschijnen. Laat hier geen misverstand over ontstaan, het is puur opgefokte productie voor de kiloknallers in de winkel. Op sommige plekken ging het al, gezien de penetrante geur, behoorlijk op Brabant lijken.

Misverstand:
Een non komt terug van het klooster en is op weg naar huis. Als ze bij een bosje is, springt er een man uit en zegt: “Noem een popgroep of ik verkracht je.” Zegt de non: “Doe Maar.”

Bij het oude huis van Griendsveen, de hikers hadden er zo’n vijftien kilometer op zitten, verschenen de ondersteuningstroepen in de vorm van Yeti met zijn witte tank. Batman en Vliegend Hert konden hun watervoorraad bijvullen en werden getrakteerd op een bak koffie. Tegenover de straat op de brug verscheen een vermoeide Duitse trimmer die het blijkbaar erg zwaar had. Even leek het erop dat hij over de leuning zou springen. Terwijl de wanhopige man over de leuning naar het diepe zwarte water stond te kijken keken drie SusScrofa’s toe. Yeti ging haastig  DSCF4095 DSCF4111de koffiemokken bijvullen, de heren wilden niets missen. De trimmer bedacht zich, zag het zonnetje weer schijnen en strompelde moeizaam verder richting Schöningsdorf.

Misverstand.
Een grote gespierde man komt de kroeg binnen, duwt een man opzij en drinkt zijn pilsje op. Begint de man te huilen. Zegt de zielepoot, ik kwam vanochtend op mijn werk, werd ik ontslagen. Ik dacht, ik pleeg zelfmoord. Ik naar de treinovergang, komt er geen trein. Ik hang me op, knapt het touw. Dan maar naar de kroeg, bestel ik me een pilsje, gooi het vol met vergif en nu drink JIJ het op…!!!

Voor de SusScrofa’s, die er inmiddels helemaal voor zaten, zat er niets anders op om de mokken leeg te drinken en voort te gaan met hun bezigheden. Yeti ging in stadt Meppen onze voedselvoorraad aanvullen met echte Bratwursten die natuurlijk alleen in Duitsland verkrijgbaar waren. En natuurlijk een paar flessen Jagdslock tegen vergeling van de levers. Batman en Vliegend Hert trokken in oostelijk richting verder Duitsland in. Hun volgende halte was een oorlogskerkhof. Een, overigs goed onderhouden, overblijfsel uit de ’2e Weltkrieg’.

Emslandlager X (Fullen) in het Emsland, op slechts enkele kilometers van de Nederlandse grens, werd opgericht in 1938 als strafkamp voor tegenstanders van het Nazi-regime. Er was in het begin ruimte voor 1000 gevangenen. In de oorlog werd het een krijgsgevangenenkamp. In 1944 en 1945 werd het kamp voornamelijk gebruikt als interneringskamp voor Italiaanse militairen. Zij ondergingen net zoals de Russische gevangenen een zwaar regime waaronder ontginningsarbeid onder zware omstandigheden in het veen, waardoor vele honderden stierven. Ook onder de Russische gevangenen was het sterftecijfer hoog. Er is niet veel overgebleven van het kamp, behalve de kamp begraafplaats (Kriegsgräberstätte). Hier rusten 137 slachtoffers die bij naam bekend zijn (voornamelijk Russen) alsmede ongeveer 1500 onbekende Russische militairen. Oorspronkelijk waren hier ook 751 Italiaanse militairen begraven, zij zijn overgebracht naar Italië of naar de Italiaanse erebegraafplaats in Hamburg-Öjendorf.

Even later verschenen de buitenwijken van Meppen. In het centrum werden de heren opnieuw geconfronteerd met een tegenslag zoals ze dit tijdens vorige Hike’s ook al hadden meegemaakt. De kroeg was gesloten. Op vakantie. Scheisse. Dan maar over op plan B. In deze kneipe kregen de heren heerlijke koude Krombacher pils. Batman en Vliegend Hert verlieten oostelijk de buitenwijken van Meppen.Ze trokken op naar het stadje Bokeloh, zo’n zes kilometer naar het oosten. Het was de laatste halteplaats en gelijk de mooiste: Gasthaus Giese.

Misverstand
Een Marva kreeg een rekenkundige vraag:
Je hebt 100 soldaten en je trekt er 99 van af. Wat hou je over?
Antwoord van de stoere meid: Een emmer vol en een lamme hand.

Hier troffen we wederom Yeti, onze steun en toeverlaat tijdens deze hike. Gezamenlijk dronken we een paar gigantische bellen echte koude Duits bier. Onovertroffen. Dat ging lekker in de spieren zitten. Al gistend werden de laatste drie kilometers gezamenlijk afgelegd.

Yeti heeft een tennisarm.
Zegt Yeti, ik heb al een tennisarm en met dat lopen ben ik nu bang voor een voetbalknie. Batman antwoordde: Kiek maor uut da’j gien wandel-aars kriegt. DSCN4418 DSCN4417

Op de Hasebrucke werd traditioneel een groepsfoto gemaakt van de binken die al die kilometers achter de kuiten hadden. De drie gelopen kilometer waren voor Yeti genoeg om bescheiden deel te aan de groepsfoto. De Hike zat er op. Op onze kampplaats had Yeti reeds de overdekte (geen dekzeil) stamtafel ingericht. Na van droge kledij te zijn gewisseld namen de Hikers voorzichtig hun eerste blik bier. Nou, dat voorzichtigheid was er snel af hoor! In de avond werden de troep versterkt door Bambam. De SusScrofa’s Oei-oei en Oehoeboeroe bleven dit herfstweekend 2015 op de reservebank. Elk had hun eigen reden en waren bewust van hun gemiste kans op een mooie herinnering.

Zaterdag 26 september.
Batman en Vliegend Hert gingen vroeg in de morgen dauwtrappen, de overige leden besloten hun coma nog even voort te zetten. De dauwtrap ging naar de Kolk, een watertje of meerstal in het bos. Het bleek dat de heren niet de enigen waren die tijdens dit weekend in het mooie Dorgen vertoefden. Hier stikte het van de Duitsers, het leek hier wel de Nordseeküste. DSCF4086Een volledige weiland langs de Kolk werd in beslag genomen door tenten. Batman en Vliegend Hert liepen langs de enorme tentenzee van slapende Duitsers. Plots zagen ze in de verte een waslijn met een kittig behaatje. Voor een paar ouwe SusScrofa’s een leuke, onverwachtse en interessante natuurverschijnsel. Toen de ouwe knarren de waslijn passeerden bleek het behaatje een paar schoenen te zijn, bungelend aan de veters. Een (gaap) totaal oninteressante natuurverschijnsel. DSCF4105

“Moeder, ik ben al 14 jaar, wordt het nu geen tijd dat ik een b.h. krijg?” “Nee Tinus…!”

Voorbij de Kolk namen de beide bekoelde SusScrofa’s sfeerfoto’s van de opkomende zon in dampende mistflarden. In deze mystieke wereld werd de eerste ree geobserveerd. Via een omtrekkende beweging werd de teruggang naar de Ketel aangenomen. Terug op de kampplaats waren Bambam en Yeti inmiddels teruggekeerd in het land der levenden. De groep ging ontbijten en maakten zich klaar voor de Sint Bonifatiustocht. Het ijzerweekend, wat aanvankelijk gepland stond, ging niet door. De heren hadden namelijk een Beverburcht in gedachte. Wat scheelt er aan een beverburcht, dat toch ook interessant? zou U als lezer zich afvragen. Jawel, geachte lezer, een beverburcht is inderdaad een prachtige natuurverschijnsel ware het niet dat het in dit geval de naam is van een KROEG. Stelletje sponzen.  DSCN4452

Yeti stopte plotseling en keek de overige zwijnen ernstig aan: Weten jullie dat er in bier vrouwelijke hormonen zitten? Als ik tien glazen bier op hebt, begin ik allerlei onzin uit te kramen…ik ga me overal mee bemoeien.. en ik kan dan ook geen auto meer rijden!

Maar de heren hadden geluk, het werd die dag een prachtige herfstdag met typische Hollandse wolkenluchten. De leden der SusScrofa snoven de herfstsfeer op met volle teugen. Niet zonder risico overigs, er is altijd wel een zwijn in de buurt met een overvloed aan methaangas. Niet te beroerd de groep te verrassen of vergassen. Badend in de herfstzon liet een ree zich gewillig fotograferen om even later weer gaperig in het wilgenstruweel te verdwijnen. Toeristen bah. DSCF4128 DSCF4129Van de omgeving werden prachtige sfeerfoto’s gemaakt. Dat de atmosfeer geheel in rust was bewees een enorme damppluim aan de horizon. Het was de condensor van de kerncentrale in Lingen. De pluim was vele kilometers hoog. Verderop zagen we een boer het mais van het land halen. Waar we vroeger een boertje in een blauw boezeroen verwoed op de maisstengels zagen inhakken zagen we nu een groene monster die zestien rijen mais tegelijk maaide, kneusde en verhakselde. De groene massa werd als diarree in een meerijdend wagen ernaast gespoten. Bunder voor bunder werd door deze monster opgevreten. Bij de boerderij zagen de SusScrofa’s een bult hout zoals alleen een Duitser die kan opbouwen.

Een houten been gemaakt van kreupelhout, is als een pyromaan die een vlammend betoog houdt, is als een overvolle tas een obesitas noemen, is applaus krijgen van klapschaatsen. DSCF4133

Bijna waterpas en correct in de houding. Eindelijk werd de Biberburg bereikt. Gesloten. Dreimal Scheisse. Gelukkig had Bambam een viertal blikjes bier in zijn rugzak meegenomen. Die werden soldaat gemaakt bij de stalen uitkijktoren enkele kilometers verderop. Ondertussen een prachtig natuur onder een gouden najaarszon passerend. Als een berggeit klom Bambam in de toren. Vanaf de grond nam Vliegend Hert een foto van Bambam al zijnde in de stratosfeer. Vanuit deze hoogte nam Bam een foto van het uitgestrekte Naturgebiet. IMG_6200Bij de toren stond een insectenhotel waarvan de bovenverdieping gereserveerd werd door Hoornaars, zeg maar de Mick Jagger in zijn soort. Alleen niet zo lelijk. Grote wesp? Dan zal die angel ook wel groot zijn. Kijk, daar hielden de heren niet van. Snel werd doorgelopen naar de Mittelradde, een zijrivier van de Hase. Op een oude wilg groeide een grote Berkenzwam waaraan verschillende generaties meededen, heel apart. Het bospad naar de ruïnes van boer Wulf was bijna geen pad meer. Wegens een ‘definitief transfer’ had boer Wulf in geen jaren het bospad meer gebruikt. In het totaal overwoekerde pad vonden de heren zowaar een groene kikker. De foto’s laten niet alleen het amfibisch monstertje zien maar ook Yeti’s technische handelingen, benodigd om de foto te maken. DSCF4146

1 April niet goed begrepen.
Er zitten twee kikkers op een randje bij de vijver. Zegt de ene kikker tegen de andere: “Moet je daar eens over het randje kijken, daar loopt een klein rupsje.” Als de ene kikker gaat kijken, stopt de andere kikker gauw zijn lul in de kont van de kikker en roept: “1 april kikker in je bil !”

Een brug passeren die voor de helft uit paddenstoelen bestond was best spannend. Gelukkig hielden de paddenstoelen ons gewicht. Over een groene monster gesproken, bij de boerderij van boer Wulf stond zowaar er eentje. Een vervaarlijk monster met een cabine die leek op een gaskamer uit een Amerikaanse gevangenis. Een sparrenvreter op wielen. Op het terrein met panden behorende tot de voormalige boerderij was de sfeer zo dood als de huidige status van de toenmalige boer. DSCF4163Terug op het kampterrein namen de heren met een zucht plaats aan de stamtafel. Niks was op die dag zo lekker als het sissend geluid van een geopende blik bier op een zaterdagnamiddag in september. DSCF4196 Die avond werd, op de Hasebrucke, in het gouden gloed van de najaarszon, tegen het bronsgroene bladerdek van een eeuwenoude eikenboom, een groepsfoto gemaakt van vier SusScrofa’s. Het werd een tijdsmonument. De daarop volgende nacht stond nachtfotografie op het programma. Het object was de maan, verantwoordelijk voor het natuurverschijnsel dat vloed heet. Er werd zowaar een behoorlijke resultaat bereikt. Vloed werd het ook later in de Ketel. Een bar gezellig avondje volgde waar heel Erica even doorgenomen werd.

DSCF4180

DSCF4157 DSCF4156

Zondag 27 september.
De vroege ploeg begon al rap aan de ochtenddienst. Gezien de tijd van het jaar en de vochtige omgeving in de natuur stond voor Batman en Vliegend Hert een logisch programma klaar, paddenstoelen. Hiervoor zochten de heren een geschikte biotoop in de buurt. Die werd gevonden in een Alt-arm van de Hase. Hier stonden voldoende grove sparren die een overdaad aan paddenstoelen opleverde. Na het ploeteren door natte kreupelhout waadden Batman en Vliegend Hert even later tot aan de enkels door een zee van paddenstoelen. Ardappelbovisten, Bloedrode gordijnzwammen, Denne-eekhoorntjesbrood, Elfenbankjes, Gele korstzwammen, Grote oranje bekerzwammen, Kleine viltinktzwammen, Meniezwammetjes, Rode korrelhoeden, Roestrode ringboleten, Russula’s, Trechterzwammen, Vermiljoen houtzwammen, Vleeskleurige korrelhoeden, Zwerminktzwammen enz. enz. Het leek wel het hof van Eden. Eva had zich niet hoeven te bezondigen aan een appel. Hallo, had toch gewoon een heerlijke Ringboleet genuttigd. Was je het hof ook niet uitgeknikkerd. Een hoop gedoe was ons bespaart gebleven. Batman en Vliegend Hert struinden de gehele binnenkant van de lus af in de oude rivierarm. Zwerminktzwam Vleeskleurige korrelhoed Vermiljoen-houtzwam Trechterzwam Russula

 

 

 

 

 

Russula 2 Roestrode ringboleet Rode korrelhoed meniezwammetje Kleine viltinktzwam

 

 

 

 

 

 

Grote oranje bekerzwam

Bloedrode gordijnzwam Elfenbankje Denne-eekhoorntjesbrood Bundel moskopje

 

 

 

 

 

 

Een abortuskliniek met een wachttijd van 9 maanden, is als een kind uit Tsjernobyl met een stralende glimlach, is een impotente man met een slaapzak, is als een taxichauffeur een afzetter noemen, is als een Citroën-dealer afpersen, is als een Katholieke kannibaal die alleen op vrijdag vissers eet.

Langzaam werd nattigheid gevoeld in de schoenen. Het gras en onderlaag was doordrenkt met water. Het was watertrappen in plaats van dauwtrappen. De prachtige lichtval van de najaarszon in het groene struweel maakte alles weer goed. Terug in de Ketel werden de sokken gewisseld voor droge. De overige heren leefden inmiddels ook weer verticaal. Het ontbijt volgde. DSCF4243Op het afsluitprogramma stond het ‘spel der ballen’. Om het spel interessanter te laten lijken moet het in een andere taal worden uitgesproken, jeu-de-boul.  Op het kampterrein gingen we dat van harte spelen. Ondertussen dronken we een pilsje. Tot de onvermijdelijke tijd aanbrak om de spullen te pakken. Het herfstweekend september 2015 was voorbij. Zal ook nooit weer komen. Elk weekend der Zwijnen is immers uniek. Prachtig weer gehad, veel gezien, veel gelachen. Ieder een prachtige herinnering rijker. Gewoon genieten, meer niet.

Moed broeders, struikel niet. Vliegend Hert.

DSCF4173

Maart 2015

Maart 2015

Vrijdag 27 maart om 00.06 uur stond Batman bepakt en gezakt voor de deur van Vliegend Hert. De traditionele hike van 35 km naar Gross Dorgen (GD) was begonnen. Het was zwaar bewolkt waaruit elk moment een plens kon vallen. Maar Pluvius was ons die dag redelijk goed gezind. Vol goede moed vertrokken wij naar de Duitse grens. Achter de Sint Antoniuskerk in Zwartemeer namen we onze eerste pauze. DSCN2259 DSCN2268Met in de verte de witte rookpluimen van de Purit in Klazienaveen namen we afscheid van Drenthe. We trokken via een smokkelpad Duitsland in. Aan beide kanten van ons trok de hemel dicht, de wind nam aan kracht toe. Die hadden we gelukkig achter ons zodat we af en toe een speels duwtje in de rug kregen. Opnieuw was het landschap anders dan voorgaande jaren. In razend tempo werd het landschap over de grens vol geplempt met varkens- en kippenschuren. De lucht hing vol met die van de kiloknallers. In de verte wachtte een ree ongeduldig op ons, achteraf bleek dit de enige ree te zijn die we dit weekend te zien kregen. Op de voorheen abortusweg kwam Yeti met de ondersteuningswagen ons inhalen. Hier konden we uit de wind even genieten van een bak koffie. Yeti was nog niet weg of het begon te regenen. We naderden de autobahn A31. Toen trok Pluvius de sluizen open. Vertwijfeld zochten we naar een overkapping, op een gesloten boerenkar was niets te vinden. Met het hoofd diep in de nek trokken we de A31 over. Zo’n vierhonderd meter verderop wisten we nog een overdekte bushalte te staan. Toen we die eindelijk bereikten hield het op met regenen. De rest van de dag bleef het droog. In Gross Fullen namen we de middagpauze. Omdat we vroeger waren vertrokken kwamen we dit keer in het centrum van Meppen een geopende kroeg tegen. Voldaan namen we buiten onder de serre plaats. Na het nuttigen van een Duits biertje voelden we ons afkoelen. DSCN2270 DSCN2273Wegwezen uit die koude wind. Bij onze bekende Schnell Imbiss waar normaal gesproken de currywurst niet te vreten was namen we Pommes frite. We zaten warm binnen. Daarom bestelden we gauw een paar koude Krombachers. De tocht naar Bokeloh was een fluitje van een cent. De statieweg leek steeds korter te worden. Op het eind wachtte ons de bekende beloning, Gasthaus Giese. Vier bellen Koningsbier later maakten we ons op voor de laatste kilometers van de Hike. Traditiegetrouw werd een foto op de Hasebrucke gemaakt. In de warme Ketel kregen we geen kans om op adem te komen. Bambam, Oehoeboeroe en Yeti verwelkomden ons met bier.DSCN2275 Ach, we droegen het kruis, we namen ten moede aan wat ons gegund werd. Oei-oei lag gedurende het weekend in de lappenmand, was daardoor absent. Zoals de sluipschutter zei tegen zijn vrouw: we hebben je gemist. Naast het bier was dit weekend niet de Bratwurst ons basisvoedsel maar zijn Hollandse neef, de frikandel. Gewoon eens een keer wat anders. Ondanks de siepels en sauzen bleek dit geen succes. Het was uitzonderlijk, dan bedoel ik niet een doodgraver op vakantie. Volgende keer gewoon weer de oude vertrouwde Bratwurst. Ook de roomsoezen, olijven, bitterballen en andere ongein kunnen we maar beter gewoon in het rek laten. Maar zo goed en zo kwaad worstelden we ons hier doorheen, hard werken hoor zo’n weekend.

 

Zaterdag 28 maart 2015.

Het grachtengordelweerbericht uit die Niederlanden beloofde niet veel goeds, regen, hagel, windstoten en andere narigheid. We werden dus wakker van een vroeg voorjaarszonnetje in een strak blauwe hemel gelardeerd met een zacht zuidoostelijk briesje. DSCN2292DSCF3708 Het plan was vroeg te vertrekken zodat we zo lang mogelijk van het voorjaarszonnetje konden genieten. Het keutelde en keutelde maar aan in de Ketel zodat we alsnog laat vertrokken. SusScrofa’s laten zich nu eenmaal niet opjagen, behalve als er geen bier is. Dan willen die stramme benen wel lopen, en hard ook. We namen dit weekend de Grote Voetentocht. Met een prachtige voorjaarszon in de rug trokken we langs de Hase naar Bokeloh. Onderweg zagen we landschappen al zijn ze geschilderd door Monet. De kerk en de zondagsschool in Bokeloh lieten zich op deze mooie dag van hun beste kant zien. Vandaaruit namen we de weg naar de historische Romerlager. Hier hadden ooit een legioen Romeinen een fort gemaakt van aarde en houten stellingen. De aarde is blijven liggen en vormt nu een toeristische pleister. We kwamen in een gebied waar de Hase diverse keren van loop was veranderd. Hoge zandruggen met prachtige landhuizen zakten naar een glooiend landschap met sappige weiden met daarop grazende rode runderen.

Zuiguhh, niet blasuhh!!

Zuiguhh, niet blasuhh!!

We observeerden de beesten een tijdje en deden al spoedig onze eerste natuurobservaties. Tussen de runderen liepen kalfjes met een hoog knuffelgehalte. Maar je hebt altijd weer zo’n rotkind die zich buiten de omheining bevindt. DSCF3734Zo ook hier.

 

 

 

Een Remi-figuurtje stond aan de andere kant van de omheining klagelijk kalfje te wezen. We konden hier niets van maken behalve foto’s. Dat deden we. Dat kleingrut heeft ook zoveel te leren. Hangt daar tussen de achterpoten van mamma een aantal spenen, weten ze niet of ze moeten zuigen of blazen. In dit geval had het kalfje zeer goede longen en besloot te blazen. Hiervan werd een foto gemaakt. De Katholieke kerk in Bokeloh liet zich in het passende landschap gewillig poseren. Bij het Romerlager stond een houten picknick-bankje waar we ons gemoedelijk ten ruste gingen rusten. DSCF3754Tevens dronken we drinken en aten we eten. Bambam leek met een knal zijn rug te breken, net op tijd kon hij hoger op de wal een splinter uit zijn rug trekken. Nou, die kant liepen we maar niet meer op. We gingen nog een historisch feitje bewonderen. Nu geen 2000 jaar terug maar slechts 75 jaar. Een omhoog gevallen korporaaltje besloot de rivier Hase in te korten met een kanaal. Het kanaal zou naar hem worden vernoemd. Nou, het is niks met dat korporaaltje geworden en ook niks met zijn kanaal. Een lange droge kanaal in het bos, dat is alles wat rest. Niemand praat er over. DSCF3735 DSCF3750 DSCN2307 Op landkaarten worden geen namen genoemd. Een roemloos eind. Niet voor ons want wij liepen door. In een tak zagen we een kunstwerkje, een nestje prachtig gedrapeerd om een takje. 

Yeti, Batman en Oehoeboeroe liepen in het bos, ze kwamen een Wensgeest tegen. De geest zei : als je van de duikplank in het water springt , en tijdens het springen iets wenst, dan ligt het in het zwembad vol met dat! Ooh! zei Yeti, ik wil snoep! Dus hij springt en ja .. heel het zwembad vol snoep , dan komt Batman: Naakte Wijven! oke dan heel het zwembad vol naakte wijven. Dan Oehoeboeroe: de Uil neemt een flinke aanloop en hij struikelt! SHIT!

We passeerden een beukenbos en kwamen uit op een buitenbocht van de Hase. Hier passeerde een kano met een paar stoere meiden. Na een paar foto’s van de struisen gemaakt te hebben trokken we verder. Het landschap van lanen en vergezichten bleef mooi. Totdat we eindigden in Bokeloh met name Gasthof Giese. DSCF3750 DSCF3756 DSCF3748Maar zoals al die andere keren was Gasthaus Giese op zaterdagmiddag gesloten. Nu ook weer. Dan maar de hotel bovenaan de trap. Ook gesloten, toen ook al. Gelukkig maar, we hadden immers een traditie hoog te houden. Ondertussen was het steeds harder gaan regenen. We roken de stal. Met gezwinde pas liepen we die paar kilometer snel naar de Ketel. Het was fijn om op een droge warme plek te komen. Snel trokken we een treetje Nat open. Er volgde een gezellige avond waarbij de veiligheid van ons luchtruim werd geëvalueerd. Wat dan uiteindelijk eindigde in een recept voor knoflooksoep. We kropen is ons nest. De gebitsprotheses in het glas, de gehoorapparaten in de doosjes. Kortom, een avondje SusScrofa.

Vliegend Hert en Oehoeboeroe zitten in de kerk. Zegt de Uil ineens tegen Hert: “Ik heb een klein scheetje gelaten wat moet ik nu doen?” Zegt Hert: “Niks, ik maak thuis je gehoorapparaat wel”

Zondag 29 maart 2015.

Een regenachtige dag verhinderde alle geplande activiteiten. Mistroostig aten we de zure haringen, knakworsten en frikandellen. Een unieke combinatie van smaken waarbij het bezit van een sterke maag een vereiste was. Bambam en Oehoeboeroe maakten nog een wandelingetje naar de Hase.

DSCN2277 DSCN2349

Oehoeboeroe wil weer aan het werk. Komt de Wijze Vogel op het politie bureau: ‘Ik zie buiten een poster hangen dat u voor € 10.000 een moordenaar zoekt. Ik wou bij deze vragen, is dat baantje nog vrij?’

Het zat erop, het voorjaarsweekend 2015 van de SusScrofa’s. Geslaagd zoals altijd. Wel een beetje fris en af en toe een beetje nat. We pakten onze spullen en zwaaiden af. Toen de laatste Bumsbullie het terrein verliet werd het weer rustig aan het Qwinzelpfad nr 1.

Moed broeders, struikel niet. Vliegend Hert

November 2014

November 2014

Vrijdag 21 november 2014.

We zouden ons om half elf verzamelen maar kregen helaas bericht van Bat dat hij niet meekon wegens plotselinge huiselijke omstandigheden. We gingen die dag met drieën naar onze schone Groß Dörgen, Oehoeboeroe, Vliegend Hert en Yeti. DSCF3490Hoewel we op tijd waren moesten we nog drie supermarkten bij langs. Allereerst een kersentaart voor Malies. DSCF3491Ze is enkele weken geleden geopereerd en de genezing wil nog niet erg vlotten. Er wil nog niets in haar maag blijven, vandaar de kersentaart. Dus eerst naar Super Plus. Daar behalve de kersentaart ook een flesje oude jenever en vier zoute haringen gekocht. We gaan namelijk met een nieuwe traditie beginnen. Als opening van het weekend laten we een harinkie in de keel wegglijden die weggespoeld wordt met een tulp jenever. Vis moet zwemmen nietwaar? Daarna naar de Aldi om weer eens veel te veel Schultenbräu bier in te slaan plus teveel van het andere gebruikelijke boodschapjes. Dan naar Stadt Meppen in K&K. Hier werden onder andere Jagdslock und Bockbier ingeslagen. Eindelijk hadden we alles, de Bumsbullie was vol. We waren er klaar voor. Op naar Groß Dörgen. Het weer was die dag en ook de rest van het weekend onbewolkt tot matig bewolkt met een gure oostenwind. Dit kon maar één ding betekenen. Toen we op het kampterrein aankwamen en onze spullen in de Ketel gekieperd hadden kwam Yeti met het voorstel om een schutting te maken van dekzeil. DSCF3504Jawel Yeti en dekzeil. Waarschijnlijk is ie op een zeil verwekt want hij heeft iets met dekzeilen. Kwam ie nu maar eens met een kleine. Yeti kwam met een variant van circus Rens aansjouwen. Maar dit keer had Yeti gelijk. DSCF3515De gure wind belemmerde ons om buiten te zitten. Even later zaten we redelijk comfortabel in een grote oranje cabine. Totdat Yeti met een kampvuur begon. Uit de wind en in de rook met zicht op de Hase. Een perfecte situatie voor SusScrofa’s. Het was Bokweekend 2014 dus werden enkele Bockbiertjes opengeplopt. Met een stukkie worst erbij. Of was het nou metworst? Nog een paar Bockbiertjes opengeplopt. Hoe zou de oude jenever toch smaken? Voorzichtig proberen. Dat smaakte voortreffelijk zodat we niet meer voorzichtig hoeven te zijn. Tegen twee uur kwam Oei-oei het team versterken. De wijze Uil viel even later over een stuk dekzeil en smakte met zijn uilekop tegen een circuspaal. Een gespleten wenkbrauw en twee halve brillen later liep Oehoeboeroe rond als Jules de Corte. De kop voorzien van zonnebril. Uil heeft ook altied wat. Leste keer aan de bar in het Schienvat zat ie ook met een kapotte wenkbrauw en een donkere zonnebril en riep plotseling vrij hard naar de barkeeper:DSCF3519 “Hé barkeeper, zal ik jou eens een goeie mop over domme blondjes vertellen?” DSCF3516De barkeeper loopt naar de bijna nietsziende Uil toe en fluistert hem in zijn oor: “De kerel naast je is twee meter groot en heeft zijn blonde vrouw bij zich, aan de andere kant naast je zit een blonde kerel waarvan ik toevallig weet dat hij Europees kampioen kick-boksen is, recht tegenover je zit een blonde kerel die worstelt als hobby en ik zelf weeg 145 kilo en ben ook blond. Weet je zeker dat je die mop nog wilt vertellen?” Zegt de Wijze Uil: “Mwah, laat maar zitten, anders moet ik hem 4 keer uitleggen”. Bij onze openingstraditie het haring happen vloog plotseling een visje door de lucht. Alsof ie de Hase wou bereiken om terug naar zee te zwemmen. Een uur later zochten we de Ketel op, de gure wind deed ons teveel afkoelen. Binnen in de Ketel werd de Bambino aangestoken en was het weldra behaaglijk warm. Het donkerde snel die dag. We hebben die avond nog flink doorgebabbeld over allerlei zaken en daarbij voorzichtig een blikje bier geopend. DSCF3530Die avond wel een halve trede. Dat schiet op, de kop is eraf.DSCF3533

Zaterdag 22 november 2014.

Vroeg op om ham onder een gebakken eitje te schuiven. Yeti even wakker maken. Dan dam en schaap enzo. Later zaten we alle vier aan het ontbijt. Brood, ei en knakworst. Lekker en voedzaam. We maakten ons op voor de Bonifatiustocht. Ons thema van het weekend was: Jeneverbesstruik. Die zouden volgens Yeti staan bij Wulf, zoere melkboer en bij de bijenkorven. Ons eerste doel was die ochtend de spookboerderij van Wulf. We konden kiezen over de droog verharde weg of dwars door het kleddernatte koolzaadveld. Uiteraard kozen we voor het meest logische. Oehoeboeroe liep voor ons om het koolzaad een beetje plat te trappen. DSCF3536Na veel gehannes en gedoe bereikten we eindelijk de andere kant van het koolzaadveld. We naderden de boerderij van Wulf aan de achterkant. De tijd leek hier stil te hebben gestaan. DSCF3542Niets is veranderd sinds de laatste keer, hoogstens een trekkerspoor. Voor de boerderij stond een taxusstruik die nog het meest leek op een jeneverbesstruik. Van de jeneverbesstruik zelf was niets te zien. Nog wat gesnuffeld te hebben in enkele bijgebouwen togen we richting rivier de Mittelradde. De natuur was in volle rust, vooral stilte die werd doorbroken door gekras van een verre kraai. Af en toe werd de grauwe omgeving opgeleukt door de frisse kleur van een paddenstoel. De bomen aan het pad naar de Mittelradde waren voorzien van kasten afkomstig van de universiteit. Het bleken kasten te zijn voor vleermuizen. Ooit zagen Yeti en Vliegend Hert hier een foeilelijke studente bevers bestuderen. Zag ze op een tak een groene papegaai zitten. Liep ze op ons en zei: ‘De man die weet wat voor een vogel op die tak zit mag vanavond met mij naar bed.’ Ze keek naar ons en zei: ‘Jullie mogen ‘t zeggen!’ Wij antwoordden: ‘Uuh, een duif.’ Zei ze: ‘Weet je wat, voor deze keer reken ik het goed.’ De zware populieren aan het pad hadden duidelijk hun langste tijd gehad.DSCF3548 Steeds meer zwammen namen plaats op de stervende bomen. Uit scheuren kon je zo stukken vermolmd hout trekken. DSCF3553Na stil te hebben gestaan bij de betrekkelijkheid van het leven liepen we verder. Aan het pad naar boer Alwies Rolfes stond een oud boerderijtje. Voor het huisje stond een soort van altaartje, ooit voorzien van een crucifix. Thans was het in vergane staat gelijk de boerderij. Het belangrijkste was echter dat het altaartje was voorzien van een jeneverbesstruik. De eer was gered. We gingen snuffelen in de oude boerderij. We vonden nog schoolopgaven die gedateerd waren uit de jaren vijftig van de vorige eeuw. Verder deuren die voorzien waren van de oorspronkelijk grendels en een schouw met beschildering. Een leuk boerderijtje om op te knappen, als er een tiet met geld op je kop valt. Hierna liepen we richting de bijenkorven in het bos tussen de Altarm van de Hase en het grote zandgat. Tussendoor kregen we nog een telefoontje van de schoonfamilie van Yeti. Er zou een boeven op het terrein van Wulf zijn gereden. Dan bel je de Nederlandse schoonzoon. Na het terrein goed gecontroleerd te hebben verlieten we opnieuw het terrein van Wulf. In tussentijd was er geen jeneverbesstruik bijgekomen. Op naar de bijen. De korven waren netjes voorzien van informatie maar het terrein was hermetisch afgesloten. Ooit heeft hier een wetenschapper zich 24 uur naakt aan een boom laten binden om te laten zien dat bijen ongevaarlijk zijn. 24 Uur later troffen ze een slap in de touwen hangende, uitgemergelde en radeloze wetenschapper aan, die jammerend smeekte om ‘verlossing’. DSCF3559“Mijn god”, zegt zijn collega, “ze hebben je toch gestoken!?” “Nee, dat niet,” zegt de wetenschapper, “maar de kalfjes zijn al zes keer komen drinken!” De kalfjes zijn inmiddels verdwenen. Een paar tellen later liepen Oei-oei en Yeti over het lege terrein. Het hekwerk was duidelijk niet SusScrofabestendig. De korven waren leeg, daar was geen bij bij. Er was ook geen jeneverbesstruik bij. Die zul je ook niet aantreffen in een donker bos. We liepen verder richting Hase Altarm om via een omtrekkende beweging naar de Kolk te lopen. Wellicht was daar in de wei nog een ree te zien. Toen we daar aankwamen kwam onze voorspelling netjes uit. Tussen de bomen en takken door konden we een tweetal reeën observeren. Ook die eer is gered. We trokken Gross Dorgen binnen en zagen boer Berend met het dak bezig, daar kwamen nieuwe pannen op. Een hele klus gezien het oppervlak van het dak. Op ons kampterrein namen we plaats achter de oranje dekzeil. Hier werden een paar pilsjes genoten. Toen snel naar binnen want het werd verrekte koud. In de Ketel werd het snel gezellig met stemmig licht en…. een plaat vol met warme vette Zweinehacksen. Gegaard in een houtfornuis door de plaatselijke autochtone schoonmoeder ener ons. Snel en behendig werden de botten ontdaan van alles wat eetbaar was. Dit onder luid gesmak, gekreun en geboer. Een half uur later lag het hele zwik te pitten. Werner en dochter Carina kwamen in tussentijd nog even in de Ketel kijken maar troffen een muur aan van walm met daarachter ronkende neuzen. De radio speelde zachtjes op de achtergrond “Wat een techniek hè, zei Carina, “bij FFN draaien ze muziek en ik kan het hier helemaal horen!” “Ja, ongelooflijk,” zei Werner, “en in Braunschweig maken ze Schultenbräu en ik kan het hier ruiken!” Later, tegen negen uur in de avond liepen vier SusScrofa’s in het stikkeduuster verdwaasd rond op de Hasebrucke. Iemand had dit voorgesteld om wakker te worden. Langzaam verdwenen de schellen voor onze de ogen. Een paar tellen later zaten we gezellig in de Ketel Schultenbräutjes te drinken. We bleven maar zitten en leuterden door. Uil zei op gegeven ogenblik dat ie naar bed wilde en vleide zich ten ruste. We bleven maar zitten en leuterden door. Uil werd wakker en kwam weer bij ons zitten. We bleven maar zitten en leuterden door. Uil zei op gegeven ogenblik dat ie naar bed wilde en vleide zich ten ruste. We bleven maar zitten en leuterden door. Deze cycli bleven zich herhalen tot de klok bijna vijf uur in de morgen aanwees. Plotseling hield het geleuter op. We gingen naar bed.

 

Zondag 23 november 2014.

Iets later dan een paar van ons gewend waren zaten we aan het ontbijt van eieren met spek, kaas en knakworst. Klein Reusiestocht zou gaan naar het altarm aan de andere kant van de Hase. Over een kale landschap deden we in de verte onze eerste observatie van die dag. Een grote groene plant. Er volgde een discussie. Het gevolg was dat de hele meute zich over de lege vlakte naar de groene plant toeliep. DSCF3563DSCF3573Het bleek een koolplant te zijn. Hierop volgde een discussie of het hier kool dan wel kaal was. Bij de SusScrofa´s bleek het gelijk weer eens uitstekend verdeeld. Ieder dacht er genoeg van te hebben. Met een omtrekkende beweging kwamen we terug op de Hase, doorlopen zou zinloos zijn omdat de stroming ons zou meesleuren. Langs de Hase deden we opnieuw een observatie. Tussen de struiken zo´n driehonderd meter verderop stond iets roerloos te zijn. Na de bekende wellus-nietus-discussie moesten we er wel naar toe te lopen. Er bleek een vijfde klep open te staan. De duiker tussen de Hase en de altarm. Ooit gedacht dat dit een ontsnappingsroute uit de hel was. We zagen daar in die dagen namelijk verschillende gerefo’s rondlopen. Waar kwamen zij vandaan? De vliegtuig boven ons kon toentertijd 121 passagiers dragen en vertrok met 120 gerefo’s en 1 katho. Boven Groß Dörgen verloor het vliegtuig haar bodem, iedereen hing met de handen vastgegrepen aan de opbergkastjes. De piloot sprak toen tot zijn passagiers. “Er is overgewicht, 1 iemand zal het vliegtuig moeten verlaten”. DSCF3575De katho antwoordde hierop, “aangezien ik als enigste kathootje hier ben, zal ik me voor jullie krentenkakkers opofferen” ….. Al de gerefo’s klapten toen in hun handen. Thans konden we door de duiker kijken en zagen we de altarm naar ons toe zwaaien. DSCF3578Doorlopen had geen zin. Of hadden geen zin. In ieder geval ontbrak zin. Boven bleven de vliegtuigen sereen het milieu vervuilen. We liepen in prachtige herfstsferen terug naar de Ketel. We namen achter het dekzeil nog een paar Schultenbräutjes en genoten van de prachtige omgeving. Het moest ervan komen, circus Rens werd afgebroken. Doordat we hoofdzakelijk wegwerpborden, -bestek en -bekers hadden gebruikt hoefden we alleen maar weg te werpen. We verlieten voor 2014 definitief het kampterrein en rondden onze Bokweekend 2014 af. Die komt nooit weer. Slechts een chemisch sliertje wegwerp-rook uit de kampvuurplaats verried vervlogen aanwezigheid van gezelligheid, gelach en verbondenheid. Tot Maart 2015. Moed broeders, struikel niet.

Vliegend Hert.

 

1 of 7
1234567