SusScrofa

2010 Maart

2010 Maart

Sus scrofa maart 2010 Na enig heen en weer gemail en gebel waren we er toch uitgekomen. Yeti, Oeioei en Bat rijden met de batmobile langs de kruidenier om alles te vergeten wat we wel mee moeten hebben en Bambam rijdt door Emmen om Uil uit zijn boom te schudden. Hakketee daarentegen komt ‘s avonds pas, maar daarover later meer. Oeioei ging dus wel mee op deze frisse maar zonovergoten morgen. Om dit te bewerkstelligen moest hij eerst een machine laten saboteren zodat de dag toch zinloos was, althans op een treurige grijze fabriek op het industrieterrein. DSCF7592Zeker was deze dag niet zinloos omdat er een weerzien zou plaatsvinden met vrienden en het ons aller vertrouwde en geliefde Groß-Dörgen waar het altijd mooi weer is. Uil en Bambam arriveren als eerste op het ketelterrein omdat ze niet mee naar de winkel hoeven. Dit was met voorbedachte rade want winkelen is niet fijn, je hebt namelijk verantwoordelijkheden en je krijgt op je kloten als je boodschappen vergeet. Bambam had namelijk een schitterend exemplaar van een Pelgrim Bambino op de kop getikt die onze ketel verwarmen zou in geval van koude. De bambino moest natuurlijk gemonteerd worden en nog geen 10 minuten na aankomst en een welkomstplas zat er al een gat in de ketel teneinde de kachelpijp doorgang te verlenen. Ondertussen was Uil al begonnen met een lekker bakkie troost van de laatste koffie korrels in het pak, maar niet getreurd de boodschappen komen zo. En inderdaad verschenen er boodschappen met Bat, Oei en Yeti. Er was aan alles gedacht zoals prei, bier en bonen. Maar koffie, koffiemelk en mosterd moesten tevergeefs zoeken. Mmmm… Binnen niet al te korte tijd dronken wij een flesje bier met een welluidende naam van een klooster welke ons aarsgaatje een beetje deed verkrampen, gevolgd door een heerlijke bak koffie (met een speculaasje, dat dan weer wel) De vergadering besloot dat we koffie gingen halen bij de waterboerin. De waterboerin was blij dat ze ons in goede gezondheid zag en werd nog blijer van de speciaal voor haar meegebrachte roos dus dat maakte de acquisitie van een pak koffie een stuk makkelijker. Na diplomatiek overleg van Yeti togen wij vrolijk , en voorzien van koffie en water, ketelwaarts. Die middag werden er nog onderhoudswerkzaamheden aan de ketel verricht en een afronding van de werkzaamheden aan het nieuwe aanrecht. Het zag er werkelijk schitterend uit! Dit moest gevierd worden. En omdat het toch heel slecht weer werd met wind, snagel, heeuw, en ander onweer gingen we de houdbaarheid van het bier maar even checken en de smaak van de worstjes . Dit was ook het moment dat we de mosterd vergeten hadden. Tegen etenstijd maakte Bat met behulp van glimmende zakjes en water een overheerlijke stamppot boerenkool die ons genoegelijk door de keel deed glijden. pastedGraphic_1Net toen de gezelligheid van de muren droop schudde de ketel hevig en zwaaide de deur open en verscheel een gedaante in de vorm van Hakketee maar dan wit en nat. We zetten de hevig bibberende gedaante in een hoek bij de kachel en toen we er een jägermeister in goten vertelde hij dat hij Hakketee was en dat zijn gemalin hem voor bij de straat had afgezet wegens sneeuw en ijs (toch knap van Hakketee dat hij zo’n eind heeft gelopen) in het donker!!) Het weekend kon geopend worden door Uil en andere de voorzitters die allen hevig door elkaar twitterden (1.Let op, nieuw woord) Uil probeerde het thema van het weekend duidelijk te maken, maar niemand luisterde maar het was “Pad”. Tevens las hij een gedicht voor van Corry van Engelen. “Natuurwandeling” Dwalen naar verre einders, Momenten van rust. Niemand begreep hem maar hoorde hem wel. (in tegenstelling tot Uil die zijn audio-ondersteuning niet goed had ingesteld) Het werd toch gezellig. De volgende ochtend dachten we dat we het licht buiten aan hadden laten staan omdat het enorm naar binnen scheen. Na inspectie bleek dat het een aantal centimeters sneeuw was die de zonnestralen hevig reflecteerden. Na een gedegen Duits ontbijt ging Bambam nog even boodschappen doen en bij terugkomst stonden de troepen al klaar om de velden te inspecteren. Via squaw-valley kwamen we op het grotebollenveld ( waar nu geen koe was) en liepen flux door naar het rivierduintjesmetmeidoornveld. Onderwijl hevig van het landschap genietend, want met sneeuw is het toch ook heeel erg bjoetiful. De fototoestellen maakten weer schitterende opnamen en vooral de koraalzwam trok met zijn fel-oranje kleur alle aandacht naar zich toe. pastedGraphic_2 P1100357 CIMG1430 Via de Eendenknalkuil liepen we naar de plek waar we de laatste keer een lokplaats en mogelijk stroperij-gerij zagen. Wederom troffen wij hier stroperij gerij aan met een dode lokpoes waarvan we bijna zeker weten van wie dit is, maar net niet helemaal. Opper jachtopziender en rijksbëedigd Polizei ambtenaar Schnöing is een leuke naam voor Beëlzebub. Het geeft in ieder geval een robuuste en vertrouwde aanblik, niet iemand die zich schuldig maakt aan zulkse scharrelcriminaliteit. Eens komt recht, de tijd zal leren. Na de vallen op de foto te hebben gezet en deze onklaar te hebben gemaakt. moest Bambam nog even poepen en deed dat in onmiddellijke nabijheid van de voorgenoemde vallen teneinde een duidelijke (DUIDELIJKE) geurvlag te plaatsen die de wilde beesten, en ook anderen creaturen in deze wereld, een signaal te geven dat dit Bambam’s plaatsje is. De rest van de zwijnen keken hierbij vol afschuw naar het geleverde resultaat maar zagen dat het goed was. Via de quer-durchstich kwamen we weer op de gronden van Berend Rolfers terecht, Gronden die rijk zijn aan ijzer. Van de bierdopjes alleen al kan hij en zijn familie al ruim drei wochen op een cruise in das Mittelmeer genießen, ware het niet dat zijn koeien niet mee mogen. Dus hij blijft thuis. Bij de ketel was het tijd voor een hapje en een drankje zoals bij een receptie gebruikelijk is. Niet dat er een receptie was maar het staat zo leuk bij het kampvuur. Op het kampvuur werden diverse dingen geofferd zoals spuug, peuken en artefacten als plastic uilen en rubberen vloermatten. Dit gaf een rook alsof het oorlog was. Vuurtje fikken maakt hongerig en een paar blikjes bier ook dus werd het tijd om de stew te koken. pastedGraphic_4 DSCF7621Met behulp van gehakt, prei, bonen, aardappel in vlokjes, twee verpakkingen struiykx, diverse kruiderijtjes en een gezonde dosis humor metselden Oeioei en Bambam een pan met heerlijke Chili. Bij gebrek aan schone borden kreeg iedereen een lepel uitgereikt waarmee hij geweldig in de pot kon scheppen. Het was wel wat heet. Bat vergiste zich en deed een paar druppels tabasco op een lepel. Een paar druppels op een bord chili was ook genoeg geweest. Deze mis-calculatie kostte een paar biertjes extra. U kunt zich voorstellen dat dit dieet gevolgen had voor de luchtkwaliteit in de ketel. Na een aantal korte schoonheidsslaapjes waren de zwijnen klaar voor het bal. Na een hevig gediscussieer over van alles en nog wat was er het klapstuk van de avond. Hakketee begon te mijmeren over een medaille voor een voettocht naar Dörgen en een nieuwe, afwijkende das voor de plus-scouts van ons aller geliefde scouting groep “ St. Pancratius- Maria Immaculata groep te Erica. Dit schoot Oei in het verkeerde keelgat en na anderhalf uur waren de partijen te moe om er ook nog maar iets van te zeggen. Gelukkig was er de volgende morgen waarin niemand meer wist waar het over ging. The day after. After wat? zullen sommigen van ons zeggen. The day after begon met zonneschijn, koffie, augurken, apelullen en eieren waarvan Hakketee meende dat hij er mayonaise op moest doen, wat geen mayonaise bleek te zijn maar gemalen mierikswortelsmurrie (Chrzan). Wij trokken stoute schoenen aan en liepen richting de koeienweide waar al lang geen koeien meer staan en terstond joegen we Uil weer het ijs op wat hij weer niet durfde, de angsthaas.Hakketee gooide nog wat bongels op het ijs tot iemand SSSSTTT fluisterde en wees naar een stel ree-tjes wees aan de andere kant van het uilenbosje. pastedGraphic_5Na een paar foto’s dwongen we uil een omtrekkende beweging te maken door het uilenbos (…) om de ree-tjes op te jagen richting onze sluiteropeningen. Dit lukte wonderwel en leverde wederom een paar aardige plaatjes op. Nadat we Uil terug hadden gevonden liepen we de dodearmlus in, in de hoop een wild dier van dichtbij te zien, dit lukte na 4 seconden. Een haas schoot met groot geweld door onze linies nog voordat we klaar stonden met onze camera’s. Toen we verder liepen stonden we opeens oog in oog met een reeds vermoedde ree die tevens voor de frontale aanval koos. Met een wulpse sprong liet hij ons achter zich waarbij wij in onze onderbroekjes stonden 7.) zonder ook maar de kans te hebben gehad deze ree te fotograferen. Ook waren er beesten die de minder gevaarlijke route volgden n.l. over het ijs. Sommigen waren hierbij door de niet al te dikke ijslaag heen gezakt blijkens de sporen, wakken en natte plekken op de oever. Onderlangs de dode arm hoorden we een specht werken en na enig getuur wisten we de kleine rakker te traceren wat zonder moeite, met dank aan de ruimtevaart, weer een aantal respectabele foto’s opleverde. Over het homopad bereikte we weer de “bewoonde wereld” van Größ-Dörgen en na de stieren te hebben begroet stonden we vlot weer voor de ketel om binnen een ommezien een aantal bratwursten te bakken. Dit viel prima in onze knorrende buikjes. Daarna was het tijd van afwassen, opruimen en groepsfoto’s maken. Dit is slechts een peuleschil in tegenstelling tot de rest van het weekend waarbij nogal wat gevergd werd van onze lichamelijke en verstandelijke vermogens. En al ras was de boel aan kant en konden we het vuur uitpissen, waarbij wij onze urinedampen met de wereld deelden………… Over dampen gesproken: er is een film geproduceerd waarin de uitwaseming van dampen door een bepaalde diersoort word onderzocht. Rust niet, daar heb je ons voor.) Twitter is een internetdienst waarbij gebruikers korte berichtjes publiceren. Het is     een sociale netwerksite waarop men zichzelf, zoals bij Facebook, een profiel en een avatar kan aanmeten.De activiteit bij het gebruiken van Twitter heet twitteren (ook wordt de term ‘tweeten’ gebruikt), dat kwetteren betekent. Zie: november 2005 3. ijzer drijft niet, ook niet in de Hase. Don’t mention the war!! Don’t mention the war!! Lees hier over mierikswortel en lepelblad (klik dan ook!!) figuurlijk dan, het was veel te koud en bovendien slecht voor de wildstand.         Batman.

pastedGraphic_7

2009 September

2009 September

Het weekend begon voor twee van ons weer vroeg. Hakatee en the Bat zouden ook dit keer van Erica naar Groß Dörgen lopen. Eigenlijk zouden er nog twee meegaan Oei Oei, en Uil, die hadden met de jaarlijkse barbecue verklaart ook hier in het najaar aan met te zullen doen. Maar ja als zo vaak het vlees was weer zwakker dan geest. Bij Hakatee is dit anders om, we hadden al een kilometer of 9 er op zitten toen hij the Bat vroeg of die nog rookte. Deze beantwoorde bevestigend. “Normaal niet maar op zo’n weekend wil ik toch een sigaartje kunnen roken”. O, zij Hakatee, “ Nou ik ben er al zes weken van af”. “Dat is knap” zij the Bat terug, Het werd even stil en daarna vroeg Hakatee,” Heb je nou ook sigaren bij je?”. “ja!” bevestigde the Bat, en constateerde dat Hakatee bleef staan. “Nou dan doe mij er maar één” riep hij. Zodat zijn teller weer op nul kon worden gezet. Verder kreeg the Bat Hakatee nog meer van zijn geloof af ; Van dat je van een glas bier het in de benen krijgt. DSCF7260Bij het eerste cafe in Meppen sloeg ook hij een halve liter naar binnen en daarna nog een. Het was mooi weer en waarom zou je het laten. Het volgende cafe was in Giesen in Bohkelo waar de heren nog maar eens aangingen en naar weer twee halve liters begon er toch een licht gevoel te komen. Maar niet erg nog 1,5 km te gaan. Ondertussen belde Yetie hoever we waren. Verteld dat we er bijna waren en dat we geen koffie meer hoefden. Wist die genoeg en had al een paar biertjes voor ons klaarstaan. We hebben de rest van de middag, buiten het waterhalen, doorgebracht aan het kampvuurtje. Tot ook Oei en Uil aanwezig waren kon het weekend officieel beginnen. Naar vele sterke verhalen aan het kampvuur en van die glazen met een kraag er op. Werd het koud en trokken we ons terug in de ketel. Waar we nog tot in de kleine uurtjes zijn doorgegaan. De zaterdagmorgen was gebruikelijke ritueel met oogjes wassen en tanden poetsen met een augurk. Met een paar eieren op zak gingen we op stap. De tocht die we gingen maken was via Boer Wolf naar de monding van de Mittelradde in de Hase. En daarna aan de kant van Klein Dörgen langs de Mittelradde. We waren hier al een keer door Ober Statlich Angestelte Furstverwalter Snoinigh weggejaagd, maar daar trokken we ons niets van aan. Hij had daar namelijk niets te zeggen. Na eerst door de jungle van riet en wilgentenen te zijn geslagen. Kwamen we naar een waterloopje te zijn overgestoken op een terrein waar we in al die jaren nog niet waren geweest. We troffen ook hier sporen van de bever aan. En vele soorten bloemen en kruiden. De meegenomen jassen waren ondertussen om de middel geknoopt want het was warm. Ook vinden we een hol, uitwerpselen en sporen welk ons doen vermoeden dat deze van een Das zijn. Neen, niet die af en toe in ons logboek schrijft maar een echte. DSCF7285 DSCF7276Onze tocht ging verder langs de radde richting de brug bij Klein Dörgen. Hier aangekomen hadden we zo’n dorst dat een meegenomen borrelglaasje werdt gebruikt om water uit de beek te drinken. Via een omtrekkende beweging door het bos dat langs de weg richting Lare loopt zijn we binnendoor weer richting de Hase gelopen met als richting de uitkijktoren. Hier rusten we even uit en genieten op de toren van het uitzicht. Als we weer op de Hase brug over de Mittelrade zijn aangekomen ontdekken we in de verte een zwaan hier in zwemmen. Zou dat toch waar zijn met dat sprookje en een prinses die veranderd is in een zwaan ons aandacht wil trekken. Genoeg voor onze heren met een telelens om deze witte bruid op de foto te krijgen. Naar nog even aan de verse hopbellen te hebben geroken die hier in overmaat groeien zijn we via het bos van Wolf en de weilanden van Berend Rolfers teruggekeerd naar de Ketel. Hier tracteerden we ons op een lekker pilsje en een kampvuurtje. Naar vijven werdt het tijd om met het eten aan de gang te gaan en Bat en Oeroboeroe trokken zich terug in de keuken. We hadden dit keer groenten en aardappelpuree bij de grootgrutter in klazienaveen gekocht. zodat ze er gauw klaar mee waren. Ook de avond hebben we het grootst gedeelte doorgebracht aan het kampvuur met braadworsten en een drankje er bij. En dat was de volgende morgen te zien. Overal lagen blikjes, flessen, borrelglaasjes, ketjupflessen etc. DSCF7283Tijd dus voor een grote schoonmaak zeker omdat het ook nog een Gereformeerde regen was komen opzetten. Je weet wel van die waarvan je denkt dat je niet nat wordt, maar naar een uur kletsnat bent. Zowel het kampeerterrein als de Ketel werden goed onderhanden genomen en een aantal zaken die Uil ondertussen weer had meegesleep (Het is toch een Uil? en toch geen Kraai?) konden weer op het vuur of bij de schroothoop. Uitzondering mest volgens hem gemaakt worden voor een bureaumonitor steun die je kunt uitklappen, want als we die nou aan het bordes zetten dan kun je als je gaat plassen je biertje hierop wegzetten. Tegen zoveel logica konden we niet tegenop zodat deze maar is geplaatst en waarschijnlijk een stille dood zal sterven. Tied veur naor huse te gaon. Dus houdt moed broeders, ai dorst hebt dan vindt ie vanzelf wel een tap!

2009 Maart

2009 Maart

“STICHTING BEDOKOKOLOMA” “SUS SCROFA” Afdeling “NOBST” Qwinzelpfad 1 Gross Dörgen VERSLAG OBSERVATIEWEEKEND: 27-28-29 maart 2009. Beste zwienebeer’n Aan mij, de UIL, werd het verzoek gedaan om van het gehouden voorjaarsweekend een verslag te maken. Graag wil ik hieraan voldoen. Vrijdag 27 maart 2009, werd ik door de heren (in alfabetische volgorde) BATMAN, HAKATEE en YETI, gehaald vanaf mijn torennest, teneinde te worden vervoerd naar “DE KETEL” aan het Qwinzelpfad 1 in Gross Dörgen. Aanvankelijk zouden YETI en UIL met BATMANS vervoermiddel gaan en zouden BATMAN en HAKATEE gaan wandelen, edoch de regen zorgde ervoor dat de beide heren beren deed besluiten ook met hetzelfde vervoermiddel te gaan. OKAY, waarom ook niet dan, er was toch nog ruimte over dachten wij. O ja er moesten ook nog boodschappen gedaan worden, och die hebben we dan maar gehaald bij de ALDI, Lidll en C1000 en C1000 slijterij in Klazienaveen , toen deze allemaal waren ingeladen, in het vervoermiddel van het merk NISSAN en het type Terreinwagen, ter beschikking gesteld door BATMAN, moesten wij, de kleinste mensen, HAKATEE en de UIL, enigszins inschikken en enkele boodschappen vasthouden, teneinde te worden overgebracht naar ons aller “KETEL”. Daar zijn we aangekomen zonder ernstige breuken in ledematen, en ook zonder gehirnerschuttering . P1000824Na aankomst hebben we gelijk kwartier gemaakt, in daadwerkelijk één kwartier en 15 minuten, om met zo droog mogelijke kleding in de KETEL te kunnen verblijven. Wij hebben binnen de kachel een iets ontstoken en hebben toen koffie en thee gemaakt en gedronken, daarna was YETI 30 jaar getrouwd en trakteerde op een blik bier, nou je begrijpt het al, wij dronken daarom op de gezondheid van het bruidspaar, in de KETEL vertegenwoordigd door Yeti, daarna hebben we er ook nog een genomen op de komende 30 jaar. Toe moesten we eten maken, we aten stamppot boerenkool met worst en spek denk ik. En hebben daarna afgewassen. In afwachting van BAMBAM en OEIOEI die beide later kwamen, het werk werkte voor hun tweeën niet mee, zijn wij het programma voor die avond en nacht gaan aanpassen i.v.m. overvloedig regengeweld, dus voor één keertje geen nachtwandeling. Toen het hele stel zwien’n compleet waren, was er een warm welkom uitgesproken door onze voorzitter en werd het weekend geopend door middel van een welkomsdrankje, en een heel verhaal zoals gewoonlijk waar niemand naar luistert maar het ook niet wilt missen omdat je dan de voorzitter in de rede kunt vallen en je onvrede kunt uitten over het te voeren beleid inzake de programmering. Nu zomaar een gedicht van Guido Gezelle: Mei, Met de eersten van de mei Hebben de vogels een nest of een ei, Verder met de avond in de Ketel, wij hebben voor de zaterdag het programma aangepast, en hebben besloten dat als het regent wij de regenpakken of regencape gaan gebruiken om niet nat te worden tijdens de observatie. DSCF1211Wij hebben nog zeker één borrel en glas wijn genomen en zijn gaan slapen in afwachting van wat de zaterdag ons gaat brengen. Allen een goede nacht gewenst. De zaterdag, de dag ontluikt het is helder en we zien aan de Hase twee Nijlganzen. Hierover een gedicht van Henk Merts uit het jaar 2000: NIJLGANZEN, Twee nijlganzen met bruine vlekken rond de ogen, Omdat hun tranen maar niet wilden drogen. Men vroeg hen waarom zij zo weenden, Ach zeiden zij, volgens Jonsson zijn wij eenden. Niet verwant met smienten of met slobberbekken, Ook niet met brandjes, met die mooie lange nekken. Nee oom bergeend staat ons meer te na, En onze tante blijkt een echte “Casaraca”. Hieruit blijkt maar weer dat de zaterdag geen mooi weer voor ons achter de wolken had, waar haal je anders de tijd vandaan om een gedicht te gaan schrijven. Toch zijn we na het maken van het toilet en het eten van het ontbijt, brood met marmelade, jam en vleeswaren plus een gekookt ei afgemaakt met een pikkel voor het tandenpoetsen op pad gegaan (UIL bedoeld met op pad gaan, wij gaan op observatie). P1000563Warm ingepakt tegen de kou die nog niet van wijken wilde weten, en waterdicht tegen de alsmaar neerplensende regen zijn we de natuur ingetrokken langs de Hase, waarvan de Pegel aardig hoog stond, zijn we naar de “HASE-ALTARM” gegaan, en hebben het gebied aan de binnenkant voorzichtig geobserveerd. Ik bedoel met voorzichtig dat er erg veel meidoorn groeit, en deze hebben erg veeeeel (en nog meer) stekels. Dus om kleding en eigen velletje heel te houden hebben we voorzichtig geobserveerd. Ja hoor, er werd een Ree gezien, en ree? Ja, een ree, nou volgens mij was het een Haas, o ja, ja want een ree heeft ongeveer deze hoogte en een haas niet zei UIL, die haas is ongeveer zo groot, (UIL geeft maat en schofthoogte aan met gestrekte arm en hand). Nou dan hebben wij ons mooi vergist want wij dachten dat het een hert was, OK dan praten wij daar niet meer over en laten wij het Haas gaan observeren, laten we ons verspreiden over het gebied, dan komen wij het Haas vanzelf tegen. Maar voordat we vertrekken wil ik nog even zeggen dat het ook geen HERT was, Hert is gewoon een verzamelnaam voor Ree, Edelhert en ook Damhert en Eland deze zijn te onderscheiden in Bok en Hinde en jonkies. Snappie? Ja, dan nu observeren. De regen viel gestaag door, maar wij waren volhardend, wij gingen ook door. Na het hele gebied uitgeplozen te hebben kwamen we tot de ontdekking dat wij aan de binnenkant van onze regenkleding ook nat werden, en ook de Haas liet zich niet meer observeren, daarom besloten we om onze observatie voort te zetten in het Dörgener Oerbos. Daar hebben we een ransuil mogen observeren, deze zat tegen de stam van en boom op een tak te roesten. Omdat wij ondertussen ook knap moe werden hebben we besloten om Ketelwaarts te keren, de regen ging gestaag door dus wij gingen ook gestaag door naar de Ketel, omdat het ook aan de buitenkant van de KETEL regende zijn wij naar binnen gegaan om daar enigszins op temperatuur te komen om daar ons te drogen leggen en omdat het al laat in de middag was konden we gelijk het avondeten bereiden. PLOTSELING KNIPPERDE HET LICHT, knipperde het licht, knipperde het licht, HET LICHT VIEL HELEMAAL UIT, o, man de radio doet het niet meer, enne de kachel is uit, shit wie doet nou zoiets, gelukkig doet het gasstel het nog anders moet je aardappelpuree uit een pakje eten, en dat stof is dan niet zo lekker. Van schrik hebben wij een biertje genomen en ook iemand een wit wijntje van Duits grondgebied, de schrik was niet zo erg snel over want toen wij eenmaal waren bekomen van de schrik waren we 3 biertjes verder en hebben we de kachel uitgezet, TOEN WAS ER LICHT. Die dag gebeurde dat gedoe met het licht nog drie keer, wij hebben toen besloten om een elektrakabel vanaf de boerderij van UIVER naar de KETEL, bovengronds, in de regen als noodvoorziening aan te leggen, want zo kon het niet doorgaan, wij wilden die avond nog kijken naar de film Dancing with Wolves, die zou eenmalig gedraaid worden in ons Clubhuis Der Zweinstall, aan het Qwinzelpfad 1, in Gross Dörgen. Julie snappen het natuurlijk al, die film ging mooi niet door want wij zijn in overleg getreden over het herstel van de hele stroomvoorziening en het moderniseren van de KETEL door er een Bordes aan te maken. Ook de uitbreiding van slaapplaatsen kwam aan de orde. Uiteindelijk is er besloten dat de stroomvoorziening voorrang moest krijgen, omdat deze toch heel erg belangrijk was. Door al dit gedoe en ook omdat UIL nu toch wel een ietsie moe was, hebben we besloten om vroeg naar bed te gaan, HAKATEE moest ook vroeg op de volgende morgen. De zondagmorgen werden we verwelkomt door een waterig zonnetje, deze deed even de observant in ons opkomen, want we zijn allemaal buiten gaan kijken, hebben het kampvuur ontstoken en zijn gaan ontbijten, binnen want inmiddels was het ook weer gaan regenen. Tegen 10.00 uur die morgen vertrok Hakatee met de Nissan van Batman Ericawaarts, hij had een afspraak met zijn vrouw, dus dan ge ja. Na uitgebreid afscheid van hem genomen te hebben zijn wij gewoon op onze zondaagse observatie gegaan. Wij hebben nog een tweetal haviken en kauwen gezien en in de verte een Hert (ree), Heel voorzichtig kwam over de ES achter de schuur van Berend Rolfes de haas de wij zaterdag bij de Hase-altarm wilden observeren aan gerent, naderde ons tot op ongeveer 10 meter, schrok en verdween in het bos richting Hase, Tjonge hadden wij ons fototoestel vergeten, door de regen denk je daar niet zo gauw aan. Wij zijn daarom een beetje teleurgesteld teruggekeerd naar de Ketel en hebben daar toen het weekend afgesloten met een etentje waarbij een biertje werd geschonken en een wit Duits wijntje, maar die werd niet genuttigd want die persoon moest nog terugrijden, naar ons geboortedorp. Na de hele bliksemse bende opgeruimd te hebben zijn wij na het nemen van de afsluitende foto’s en ook het dankwoord van onze voorzitter, huiswaarts gekeerd. Tjonge alweer een weekend voorbij, ondanks de regen, hebben wij genoten, daarom wil ik vanaf deze plaats zeggen, Mannen, tot het volgende BEDOKOKOLOMA-WEEKEND. En nog een ter afsluiting van Riny Assink: Een Vogelaar, Een vogelaar, zit altijd daar Waar vogels zijn en leven De lenzen in zijn kijker klaar te zien wat zij hem geven De rust, emotie, pracht en praal Het wijdse van de lucht Het borstje rood, een merel vaal De stad daarom ontvlucht Een vogelaar, zit altijd daar Zijn vlucht te doen ervaren Het turen blijft, hij is nooit klaar Een droom te doen bewaren.                                                                                              Oehoeboeroe.

2008 November

2008 November

Het begon op de vrijdagmorgen 28 nov. omstreeks 7:00 toen twee leden Hakatee en The Bat begonnen aan hun voettocht naar Groß Dörgen. Ook dit begint al langzamerhand een klassieker te worden. Misschien wel iets voor een medaille of zo, maar daarover straks meer. DSCF1056Het was nog flink donker en the Bat had een rood looplichtje achter op zijn rugzak gestopt. Help zij hij, de auto’s beginnen langzamer te rijden als ze het lichtje zien. Hakatee hoorde het aan en mompelde nog iets van; eigenlijk niet zo gek, je wordt tenminste wel gezien. Maar de er klonk twijfel in zijn stem. Maar nadat er twee auto’s langs hen waren gereden en die ook echt afremden begon hij enthousiast te worden op het looplichtje. Moet ik eigenlijk ook hebben sprak hij. Maar hij het nog maar net gezegd of een auto reed met volle vaart de Bat’s broekspijpen in een vouw. Toch maar aan de kant als er een auto aankomt. Blijkbaar rijden er nog steeds mensen met een optiek van +16 rond. De tocht ging voorspoedig en bij de Meerstallen in Zwartemeer werd de eerste pauze genomen achter een observatiescherm die je van het zicht onttrekt van de dieren in het reservaat. Dat bleek te meer toen een zwerm Grauwe Ganzen vlak over hun heentrok. Je kon ze bijna uit de lucht plukken. The Bat begon haastig naar zijn fototoestel te zoeken. Maar was te laat om een Close Up van een ganzensterretje op de gevoelige chip vast te leggen. Dit ritueel herhaalde zich nog een paar keer tot Hakatee er genoeg van had en de tocht hervatte en The Bat in een vertwijfelde toestand, fototoestel nog in de hand, achter zich aan kreeg. In Groß Füllen werd de middagpauze met een broodje genomen. DSCF1054 DSCF6456 DSCF6474Lang werd niet gezeten want het was gloepens koud! Door dan maar naar Meppen waar ze om 13:00 bij het station stonden. Hakatee moest nog sigaren inslaan en de Bat kwam aan de praat met inlander die ook nog over Nederlands paspoort bleek te beschikken. Zijn Opa kwam uit Zwartenberg wat vroegen bij Nederland hoorde. Wij hadden hier nog nooit van gehoord, wat hem weer vertwijfeld deed stamellen “Ihr komt toch aus Emmen?”. Ja, klikten Bat en Hakatee. Bei Ruhtenbroek stamelde de inlander nogmaals, aangekeken door nog twee stommere gezicht. Ihr weist doch da in die nahe liegt nog ein platz woh man fur jahre alle neu had gebaut? De vertwijfeling sloeg onze beide natuurobservanten toe. The Bat begon allerlei namen te noemen en Hakatee dacht we moeten van die gek af. Met een kreet van ie bedoelen zeker het Veenpark? had hij het in een keer geraden. De inlander helemaal blij dat hij toch nog door twee “landgenoten” werd begrepen begon wild enthousiast te zwaaien. We moeten verder onderbrak Hakatee en liep de inlander gedesillusioneerd achter. Op naar de kroeg voor een koppie koffie. The Bat wou bier en vroeg om “Ein Großes bier”, wat hem een halve liter opleverde in een glas met ons logo erop. Naar weer wat opgewarmd te zijn gingen het op voor de laatste 6 km. Het was bijna half drie toe ze op de brug bij Bohkelo waren aangekomen. Laten we even stoppen stelde the Bat voor, kunnen we onze bezemwagen vertellen dat we bijna ter plekke zijn zodat hij vast de koffie klaar heeft. De bezemwagen was namelijk Yeti die s’morgens boodschappen voor het weekend zou doe, weinig kans dat jullie dan uitvallen, was nog een uitspraak van hem. En middags kon “De Ketel” als uitvalsbasis dienen voor de bezemwagen, en kon alvast de kachels worden opstookt, en koffie worden te zetten. Wat The Bat hoorde was; Hallo? met een hoop mensengeruis op de achtergrond. Wat The Bat vervolgens deed opmerken; Waar ben jij nou?, dit werd direct met een wedervraag beantwoord; Waor bent ie dan? Jety hoorde namelijk allerlei kerkklokken op de achtergrond van de oude kerk van Bohkelo. Wie bent in Bohkelo antwoordde the Bat, en ie dan? In de winkel; kwam het van de andere kant. Het is allemaal zo moeilijk te vinden hier klaagde hij nog. Voor the Bat en Hakatee was het duidelijk, geen koffie bij aankomst als we nu doorliepen, maar wel kou kleumen buiten “De Ketel”, dan maar een sigaar bij Giesen. De reden van Jety’s late vertrek lag mede aan het feit dat Jety’s buurvrouw haar woning de vorige avond in brand had gestoken en onze Jety de buurman van een verstikkingsdood had gered. Wat trouwens niet veel had geholpen want deze, met het verstand van een pak vla niet overstijgend, stapte vrolijk weer naar binnen, en moest later door de brandweer nog eens worden gered. Maar dit gaf wel het nodige nieuws zodat onze Jety door allerlei persmuskieten de volgende dag werd belaagd. En voor een interview op de TV was Jety even vergeten dat hij ook nog bezemwagen was. Maar goed toen Hakatee en the Bat hun sigaartje rustig hadden opgerookt en de laatste kilometer hadden afgelegd was ook Jety net gearriveerd.DSCF1057Nadat de kachels waren opgestookt werd het tijd voor zo’n goudgele rakker met een witte kraag. Beter smaakt niet naar een lange voettocht. Het werd nu echt gezellig en tegen 17:30 begreep Jety als er nu geen water wordt gehaald dan wordt het vandaag niet mee meer. Ook de Bat kreeg in de gaten dat er ook iets vasters in de maag moest anders redden we het niet tot middernacht. Tegen 19:30 was ook ons laatste lid voor dit weekend aanwezig Oei Oei en konden we eindelijk achter de koffie. Maar de kwartiermakers hadden al zoveel gele rakkers achter de kiezen dat zelfs de Bat als oudste een openingswoord vergat. En hij was niet de enige. De koffie was nog maar net op en de eerste troost, iets in een 25 cc glasje, was nog maar net naar binnen. Begon Hakatee met een boompje: Het is toch wel een prestatie om lopend naar het weekend te gaan een tocht van 36 km daar moeten we eigenlijk iets voor doen. Bijvoorbeeld een medaille die hem ook haalt! Nu begon het echt, moest dit van naar, of naar van en wat moest er dan op deze medaille? Hakatee vond dat iedereen die dit in één dag deed dit verdiende. Daar was Jety het niet mee eens. Want een gehandicapte moest ook mee kunnen dingen. Twee en een half uur later had The Bat er genoeg van, de vele drank had hem al de hik gebracht, en de discussie over die medaille hing hem sowieso de keel uit. Ik ga even liggen riep hij en zocht het plafond op. Een uur later was het eindelijk zover de heren waren er over eens dat er toch maar twee medailles moesten komen; voor mensen met één been en een voor mensen met twee benen. Tijd voor de braadworsten vond men, dus the Bat moest er weer bij. Deze wenste alleen van het plafond te komen als we niet meer over die medaille werd begonnen. Beloofd klonk het gedrieën wat de Bat zo deed schrikken dat hij letterlijk en figuurlijk van het plafond viel. Dit ging niet geheel correct want in zijn val nam hij de hoek van de bank mee, Welk hem de rest van de week een blauwe ringvinger opleverde. De zaterdag begon met het tikken van de regen op het dak. Tegen achten waren de eerste leden er uit, en keken voorzichtig naar buiten. Dit was toch niet voorspeld. Het zou juist droog zijn die zaterdag? Maar wij hadden regen en het bleef regenen tenminste tot 12:00 SMS’de oude uil vanuit zijn werkplek, Hij moest namelijk werken dit weekend en voordat hij zich naar buiten begeeft wordt eerst buienradar geraadpleegd. Maar dat was niet het enige pech wat ons overkwam.DSCF6445_2 Bij het warm maken van de apelulletje bleek de gasfles leeg te zijn. Naar nog even gekeken te hebben of we een reserve ergens in de omgeving hadden staan, besloot Oei om naar huis te rijden om een andere fles op te halen. Ondertussen kregen we de uil weer aan de telefoon dat het waarschijnlijk de hele dag zou blijven regenen. Het buienfront bleef namelijk hangen. Gedrieën gingen we op de Hasebrug kijken daar ontwaarden we in de verte een witte vogel met zwarte vleugelpunten. Hakatee probeerde hem nog de kant van de kamera’s op te krijgen maar dat lukte niet. De vogel vloog de andere kant op en weg van een dichtbij foto. Terug naar de ketel waar druk werd gediscussieerd welke vogel dit moest zijn. Met de terugkomst van Oei die ook zijn mening mocht geven op de lange afstandsshots waren we er over eens dit moest een mannelijke blauwe kiekendief zijn.Tegen 15:00 was het toch minder gaan regenen zodat we toch op stap gingen. Richting de andere kant van de Hase waar we de ook de Kiekendief hadden gezien. Deze hebben we niet gezien maar wel allerlei andere observaties zoals het hart van een door de bliksem getroffen boom. Ondertussen knalde het aan de overkant van de Hase. Onze Oberforstverwalter und tierschutsen Schnoeing had weer een knalparty georganiseerd. Op een geven moment liepen wij aan de ene kant in de bosje en aan de andere kant van de Hase liepen zo’n 20 jagers met honden. Bij de iedere knal die werd gegeven riepen wij hard van Au Au! Dat het hielp was een tweede of, het was toch al het einde van de jacht want de heren stopten en wij konden weer verder. DSCF6452 DSCF6455Tegen de avonds werd de dag nog eens doorgenomen met de plaatselijke autochtonen en ook wat we de volgende dag zouden ondernemen. Dat zou het “Moor” worden want hier waren weer zwijnen gesignaleerd. Zondag Voor sommigen was het weer veel te vroeg, maar we hadden nog een tocht voor de boeg. En dit keer geen klein reusies tocht. Maar een echte omdat door de regen van zaterdag dit er niet van gekomen was. We gingen langs de Hase richting het zandpad en hier vonden we de eerste sporen al van omgewoelde grond. Maar hoefsporen waren niet duidelijk aanwezig zodat moeilijk was te zeggen of het onze zusters waren. Bij het zandgat moesten we nog een beekje oversteken welk weer op de gebruikelijke manier ging. Men zoeke een kletsnatte boomstam op, die legge over de beek en dan proberen zonder weg te glibberen om de overkant te halen met droge voeten. Welk weer allerlei capriolen en natte voeten opleverde. Direct aan de overkant van de weg naar Haselune richting Moor vonden we wel de hoefsporen van onze zuster evenals allerlei wroet sporen. We gingen verder richting het Moor en ontdekten op grote afstand twee reeën. Hier zijn we behoedzaam heen gelopen en de reeën voor ons aan het bos in, welke wij maar gevolgd zijn. En het moeras recht overgestoken, natte voeten proberen te ontwijken door over de pollen te lopen. Aan de andere kant van het Moor zagen we weer twee reeën in de verte. Zijn daar verder omhoog gegaan om te kijken wat er over was van een groot Hoornaars nest. DSCF6458 DSCF6459Deze bleek de tand des tijds niet te hebben overleefd en was nog in stukken aanwezig. Even verder zijn we aan de achterkant van het moeras langs gegaan, en teruggelopen naar het pad waarop we naar het Moor waren gekomen.Ondertussen nog een zo goed al nieuwe meisjesfiets in de struiken te vinden. Terug op het pad naar het Moor vonden we nog versere sporen als morgens, zodat dit ons bewoog om het bosje van een nader onderzoek te voorzien. Hoewel veel verse sporen, geen Sus Scrofa’s gezien, of het moet dat stelletje zwienen geweest zijn dat met camera’s door het bosje liepen.

DSCF6476

Ondertussen begon het bij sommigen zover de grindbak te verschuiven dat ze niet meer durfden bukken en de Hudo van dichtbij wilden zien. Dus werd de terugweg geaanvaart onderweg nog even gekeken naar een reeën skelet, maar deze was zover uit elkaar dat we hier geen trofee van konden maken. Terug in de ketel was het tijd om de laatste restjes op te maken.
Saucijzen, kikkerruggen etc. we kwamen er weer niet door. Naar alles opgeruimd te hebben was het tijd om afscheid van elkaar te nemen en van de Ketel die ons weer een weekend onderdak had verleend. En teruggezien over het weekend was dit weer een geslaagd weekend en wil hierbij iedereen bedanken die daar aan mee hebben gewerkt. Om het maar bij zwienepraot te houden. Je hoeft niet direct met modder te gooien, om er toch onder te komen te zitten.

2008 September

2008 September

Sus scrofa-Weekend, 26-27-28 september 2008, Ik wil beginnen met een Drentsche wiesheid.   OEZE TONGE IS ´T GEVAORLEKSTE STUKKIEN VLEIS.   Vertaald in het Nederlands staat er:   Onze tong is ´t gevaarlijkste stukje vlees.   Het betekend zoiets van niet te veel praten, dan krijg je nergens last mee-van.     Zo nu vangen we aan met het weekend/verslag.   Wij zijn vrijdagmorgen 26 september 2008 rond 10.00 vertrokken vanaf de grot van Yeti. Wij zijn Yeti,Batman en Uil, de rest BamBam en OeiOei volgden later die dag, terwijl Hakatee (Walkman) door omstandigheden niet kon deelnemen aan het weekend. Jammer maar soms gaat het niet anders.   Wij hadden voor de vrijdag onderhoud aan de “KETEL” ons onderkomen, gepland. Wij hebben hiervoor het nodige materiaal moeten aanschaffen, waaronder hoekijzers etc. voor het verstevigen van de trap. Daarna moesten wij nog boodschappen doen bij een aantal supermarkten dit voor het levensonderhoud tijdens dit weekend. Het middagmaal werd ons aangeboden door een man in de supermarkt, iets met bonen en gehakt, zodat we verzadigd waren toen we vertrokken.   Toen vol goede moed naar “SUS SCROFA’S PLATZ”, hier zijn we vol goede moed begonnen aan het onderhoud van de “KETEL” en het inrichten van “SUS SCROFA’S PLATZ”, als kwartiermakers hebben we daarover ongeveer een hele middag gedaan. DSCF6297 DSCF6306Tussendoor hebben we koffie en één biertje gedronken.   Avondeten, Wij hebben dit keer erwtensoep, ook wel “snert” genoemd, tot ons genomen, dat heeft geholpen want we raakte daarvan behoorlijk verzadigd, zat.   Ja, we komen op een leeftijd dat het niet meer allemaal vanzelf gaat, daarom hebben wij ons even een kwartiertje te rusten gelegd, om nieuwe energie te tanken, o ja, dat deed ons goed.   Tegen ongeveer 18.00 uur kwam er van tussen de bomen een geluid, gelijkend op een krachtbron van een Ford Fiësta, en jawel hoor onze siësta was over, want daar kwam BamBam aan gereden en kwam ons team als eerste versterken. Wij werden verwelkomd door hem met een Tsjechisch drankje, welke onze slaappappillen danig op de proef stelde. Maar goed we konden het weekend aanvangen. De Voorzitter, deed zoals ieder weekend zijn openingswoord. Het openingswoord,   Goedenavond beste deelnemers,   Ik wil beginnen Vincent van Gogh te citeren:   Gross Dòrgen is zoo mooi, zoo zeer pakt het mij algeheel in en voldoet mij absoluut, dat ik, indien ik niet voor altijd hier kon zijn, ik liever ´t maar niet had gezien. DSCF6262  Beste mensen, deze woorden werden ooit geschreven door Vincent van Gogh, aan zijn broer Theo, toen hij een aantal maanden verbleef in Drenthe. Daar waar ik begon met Gross Dórgen, begon hij met Drenthe, Ik vind dat deze plaats zo erg is verweven met Drenthe dat men er van gaat houden.   Wij als groep `SUS SCOFA`bestaan dit jaar 20 jaar, daarom breng ik een toost uit op elk lid hoe jong ook. En dat wij als groep nog lang door mogen gaan.   Het thema van dit weekend is `OP HOGE POTEN` en zo vangen wij de nachtwandeling ook aan.   Ik stel voor dat wij de rest van de avond in vergadering bijeen komen en het programma bespreken, tot ongeveer een uur of 23.30 en dan de wandeling aanvangen.   Dit werd met algemene stemmen aangenomen, doordat inmiddels OeiOei ook was aangeschoven als vijfde lid.   24.00 uur des nachts, de zaterdagmorgen begon voorzichtig, terwijl wij een nachtwandeling hebben voorbereid, gingen de meeste mensen `OP HOGE POTEN` naar bed, zij hadden de vrijdag hard gewerkt en konden, hoe treurig het ook klinkt, geen PAP meer zeggen, hun ogen lagen diep in de kassen, en hadden veel slaap nodig. Ja, en ik moet zeggen mijn hoge poten waren afgebroken dat was een van de ingrediënten voor de nachtwandeling, dus die kon niet doorgaan. DSCF6276Wij die overbleven, niet direct gingen slapen, hebben op deze teleurstelling een borrel genomen en zijn ook gaan slapen. DSCF6273    Zaterdagmorgen, 27 september 2008,   07.30 uur zijn we opgestaan en hebben een gezamenlijk toilet gemaakt, inhoudende tanden van zowel vast als kunstgebit gepoetst, in de spiegel gekeken of de ooghoeken vrij waren van slaapresten, zo niet, dan werd dit met koud water verholpen. De Ochtendkok had ondertussen pannenkoeken met dobbelsteentjes spek gebakken, eieren gekookt, melk, thee en koffie gemaakt, brood opgediend en voor een enkeling Brintapap gemaakt. DSCF6285Dus het ontbijt was van grote klasse.   Na het ontbijt hebben we afgewassen, en zijn we vol goede moed begonnen met het observeren van de natuur welke deze dag in overvloed aanwezig was. We zouden de natuur omgeving Mittelradde-Hase gaan observeren. Het was behoorlijk warm, we waren gekleed in de zelfde kledij die wij altijd tijdens de november weekends dragen, foutje dus, we raakten uitgedroogd hadden maar een zakflacon drinken bij ons. Afzien, maar nooit opgeven, dat staat niet in ons woordenboek, hebben wij de observatie beëindigd, wij hebben onze dorst met wilde appels, die wij vonden aan de bomen in het bos, kunnen lessen. Wij waren bij terugkomst op `SUS SCROFA`S PLATZ` behoorlijk moe en hebben ons gelijk ter ruste gelegd, nadat wij ook een fatsoenlijk middagmaal tot hadden genomen.   Wij hebben tijdens de observatie, meerkoeten, buizerds, sperwers, haviken, aalscholvers, kauwen, roeken, merels spreeuwen, vinken, reeèn, hazen een enkelkonijn en veel mussen mogen observeren. Ook hebben wij Paddenstoelen in alle soorten en maten mogen determineren. Dus onze observatie van de zaterdag was ruimschoots gelukt.   DSCF6265 DSCF6290De Namiddag hebben we besteedt aan het bereiden van het avondmaal, dat werd voor deze keer BOERENKOOLSTAMPOT met AARDAPPELPUREE, daar doorheen SPEK en KOOKWORST: en lekker dat dat was toen wij het gingen eten, wij hadden voor de zekerheid ietsie meer gedaan, zodat niemand kon zeggen, is er nog meer. Nee, alles is opgemaakt.   Batman had ons voor die nacht verlaten, zijn schoondochter was jarig en hij moest daarbij aanwezig zijn . Wij zijn een avondwandeling gaan maken, we hoorden de jagers in het bos. Toen zijn wij maar weer terug gegaan, zo sloten we uit dat de jagers gestoord werden in hun gejaag. Wij zijn koffie gaan zetten en hebben het genuttigd, toen ving voor ons de avond aan, met het bespreken van de dag, wij hebben toen ook de voorbereidingen getroffen voor de film van het egeltje, deze is inmiddels opgenomen en is te bezichtigen op de site van SUS SCROFA, ook hebben we nog een wijntje gedronken, en zijn gaan slapen.   Zondagmorgen 28 oktober 2008,   Gezamenlijk opgestaan, en het zelfde ochtendritueel gevolgd. Daarna de flessen gevuld met water, want het zal ons niet meer gebeuren dat wij overvallen werden door de dorst. Ook deze dag mochten wij verschillende dieren observeren rondom de Hase+altarm, Zoals de bever, en muskusrat. Ook groeiden er veel paddenstoelen en andere schimmels, wij hebben re verder een mooie wandeling van gemaakt. DSCF6365 DSCF6373 DSCF6387Tegen 13.00 uur waren wij weer op het kampeerterrein aanwezig, daar hebben we nog gegeten, en afgewassen en de traditionele weekendfoto gemaakt. Het kampterrein is door ons opgeruimd en rond 15.00 uur zijn we vertokken naar huis.   Nog een Drentsche wiesheid,   Griep de geleegn`heid bij de baord, van achter heffe `n gladde kont.   Vertaald.   Pak de kans als ie zich voordoet, achteraf is het te laat.

2008 Mei

2008 Mei

Vrijdag; Yeti en Bat zijn om omstreeks 10:00 uit hun rustieke dorpje vertrokken. De eerste stopplaats was bij de C1000 in Klazienaveen om de noodzakelijke foerage in te slaan voor het weekend. Dat het voor beide heren geen dagelijkse bezigheid was, bleek wel uit het fijt dat we verschillende stellingen wel vier keer passeerden. Waar ligt die verdomde koffie toch? Ons lijstje van internet en de winkelindeling kwamen niet echt overeen. Als verdwaalde zwijnen zwalkten we tussen de winkelende huisvrouwen door die ons soms verdwaasd nakeken. Zeker nog nooit naar eten zoekende Sus Scrofa’s gezien! Naar een poosje was onze kar gevuld met de zaken die we nodig hadden, op naar de kassa. De kassamevrouw was aardig tegen ons, en vroeg nadat al onze boodschappen langs de scanner waren geweest. Willen jullie ook spaarzegels? Wij kwamen in een totale ontreddering. Wat moeten we met spaarzegels? Kun je daar ook een nieuw dak voor sparen op de ketel? Nee dus; alleen maar zaken die wij allang hebben, en waarvoor wij allang in het verleden zijn gesponsord, en wij zelf ook allang niet meer thuis hebben. Nee dus, en Yeti greep in. “Wol ie die zegels zelf niet hebben?” zij hij tegen de kassamevrouw. “Nee” antwoordde deze robuust “Ik mag geen zegels aannemen” Maar Yeti was hiermee niet uit het veld geslagen. “Moei ook ok unse zegels” zei hij tegen de vrouw die naast ons stond aan de volgende kassa. Twee gretige ogen keken ons aan; ” Graag geef maar hier”. The Bat die niet alles meegekregen had en alleen de gretige ogen en de uitspraak had meegekregen. Begon zijn wenkbrauwen te fronsen. Wat gaat hier gebeuren? Toch geen publieke sex in de C1000? Maar gelukkig met het overhandigen van de zegels wist ook de Bat wat hier was bedoeld. Buiten de winkel bleek het te regenen. Verdomme had die Wijze Uil toch gelijk gekregen. Hij had ons namelijk gebeld toen we net waren vertrokken; en vertelde ons toen dat we het nog een uur ongeveer droog hielden en het daarna het de gehele dag zou regen. Maar ja, als je net vertrokken bent en al 14 dagen een stralende blauwe hemel hebt gezien. Dan wil je zelf een uitspraak van de Wijze Uil wel eens in twijfel trekken. Maar ook deze keer kwam de wijsheid van onze Uil weer tot zijn recht, ook al kwam dit via Buienradar.nl. Het was begonnen met zachtjes regen, maar het begon het steeds harder te regen. Zodat bij aankomst bij de ketel er niets anders op zat dan onder het afdak wachten op betere tijden.DSCF5975 DSCF5978 DSCF5960 Met een gele jongen met een witte kraag lukte dat gelukkig wel. En met een bezoek van herr Mummelmann (een haas) werd onze aandacht op de natuur gehouden. De haas was zo groot dat Yeti,die zijn bril in de ketel had liggen verzuchte; Goh, ik dacht eerst dat het Sindi (de jachthond van Knubbe) was. Toen het wat minder begon te regenen zijn we op pad gegaan. En een rondgang gemaakt langs de met bosstruwelen omzoomde weiden voor de Boerderij van Wolf. Ook hier zagen we nog een drietal Mummelmannen en nog twee reeën. Tegen 19:00 was ook Oei Oei aanwezig. Hij was nog bij Haketee langs geweest want hij had niet doorgekregen dat deze niet meer mee ging. Zodat we het weer eens met zijn drieën het moesten maken. The Bat en Yeti hadden ondertussen er tegen gedronken om flink wat nattigheid weg te werken. Kan schelen met al die regen. Zodat het misschien eerder droog zou worden. We hebben dit nog doorgezet tot in de kleine uurtjes Zaterdag 17 mei Tegen 8:30 kwam er langzaam weer leven in ons. Naar de tanden te hebben gepoetst met veel Pikkels, we hadden namelijk vergeten dat we met zijn drieën waren en weer een grote pot laten aanrukken. En konden we met veel koffie weer wachten tot het minder begon te regenen. Ondertussen belde Uil om de regenkansen door te geven. Dat gaf niet veel hoop. Maar melde Uil tussen 11:30 en 11:35 zou het droog zijn. Wij hebben daar maar niet opgewacht in zijn in de regen maar vertrokken. Naar het zelfde gebied welke we de vorige dag al hadden verkend. Op weg naar de waterkolk zagen we op tweehonderd meter afstand een ree staan aan de boszoom. Terwijl wij langsliepen bleef hij gewoon staan. Welk ons misschien de kans gaf om langs de kolk een rondtrekkende beweging te maken en een fotoshot te maken.

DSCF5987 DSCF5946 DSCF5997

Bij de waterkolk werden onze aandacht eerst getrokken door een nest van een rietzanger. De Rietzanger had namelijk onze aandacht getrokken door net te doen of dat hij niet kon vliegen. Naar deze op de digitale plaat te hebben vastgelegd, was de ree de volgende. Want hij stond er nog steeds. Fotootje gemaakt. Naar alle weiden te zijn rondgegaan, kwamen we langzamerhand terug bij onze kampeerplek. We zijn nog even via de kapschuur van Berend Rolfes gelopen, hier lag namelijk een dode Kerkuil welke twee leden met de Pinksteren waren tegengekomen. Naar dit bezoek zijn we terug op de kampeerplaats onder het zeil gaan zitten. Het begon steeds harder te regenen. En onder het genot van een pilsje werd de middag verder doorgebracht. Naar een poos onder het dekzijl te hebben gezeten met onze natte kleren kregen een aantal leden het koud. Yeti kwam op het idee om een windscherm te plaatsen. Naar wat gemorrel kwam hij met een windscherm uit opslaghok. DSCF0740Dit was een echte Yeti creatie. In plaats van stokken, stangen die je zo de grond in kunt steken, zodat je geen spantouwen en haringen nodig bent. Naar een opmerking van de Bat; “Van dat is handig” straalde hij helemaal en kon de Bat meehelpen, en toezien bij plaatsen van het windscherm. Naar het windscherm uitgeklap op goede plek begon Yeti met het in grond drukken van de eerste stang. Dat lukte niet een, twee, drie. En met een verwrongen gezicht werd nog harder gedrukt, maar geen resultaat. Op het vragende gezicht van de Bat begon hij op een andere plek de stang opnieuw in de grond te drukken wat ook niet lukte. The Bat zijn gezicht was ondertussen al op lachen gezet. Zodat ook Oei Oei werd gevraagd om mee vast te houden en Yeti een hamer kon halen om de stang in de grond te slaan. Wat uiteindelijk lukte. The Bat lag ondertussen te rollen van het lachen, te meer omdat Oei de tweede stang met een lichte beweging in de grond drukte, en daarna de derde ook. Nu was het de beurt aan Bat om de vierde en laatste pen in grond te drukken. Wat ook met een lichte beweging lukte. Yeti’s gezicht bestond ondertussen uit een groot vraagteken. En Oei en Bat lagen krom van lachen. Tegen het eind van de middag waren we behoorlijk verkleumd. Mede door natte kleding en natte voeten. Dus zijn we richting ketel gegaan en de braadworsten op het vuur gezet. En de verwarming aangezet. wat even later resulteerde in drie rooie koppies. wat weer resulteerde dat de jalousieën langzamerhand op de stand dicht kwamen te staan. Tijd voor een napje. Je wordt tenminste een dagje ouder nietwaar! Naar dit napje hadden we geen tijd voor een nachtwandeling omdat we om 22:30 nog achter de koffie zaten. En er we toch ook het bier moesten opmaken. De discussie of een songtekst “He a Son of a Gun” ook werkelijk kan worden vertaald in hij is de zoon van een geweer gaf het niveau aan van een dag regen. We waren er zo zat van, dat twee van onze leden besloten om net zo lang te blijven zitten tot op houden te regenen en de zon zou gaan schijnen. Tegen 5:30 was de zon daar en de vogels zongen hun hoogste lied. The Bat die het om 3:00 voor gezien hield, en in zijn slaapzak was gekropen, kwam er om 9:00 er uit en vond een tweetal snurkende leden en een zonovergoten ketel. Tijd voor koffie en knakworsten. Nadat de tafel gedekt stond, werd het tijd om de twee anderen te wekken. En naar enige tijd zaten we gedrieën aan het ontbijt. Er waren er bij die wel hoofdelijk maar niet geestelijk aanwezig waren. Oei gaf het naar drie verplichte bakken koffie het op en vertrok weer richting slaapzak. Yeti en de Bat gingen op pad om toch nog wat natuurobservaties in te halen. We zijn een vertrouwd rondje gelopen via de weidekolk, en rond de altarm. Dit was een succes. We hebben een drietal reeën gezien, één bever(rat?)geobserveerd alsmede een ijsvogel.DSCF5929 DSCF5950 DSCF5996 Die laatste wou maar niet op de foto. Maar hij had zijn nestplek wel verraden toen hij ons voor de tweede keer voorbij ging met een visje in de bek. Terug op kampterrein was Oei ook wakker. En was ondertussen begonnen aan het opruimen. Omdat het nu mooi weer was, zijn Yeti en Bat vast begonnen met een kampvuurtje te bouwen. Voor de braadworsten aan stok, en het brandbare afval. Met af en toe een zonnetje in het gezicht, een braadworst roosterend boven het vuur, een pilsje of vruchtensapje er bij, werdt het aangenaam vertoeven. Tegen 15:30 werd het toch een tijd om serieus aan een vertrek te denken. En werden de laatste zaken opgeruimd. Naar een hartstochtelijk afscheid van elkaar ( we zagen elkaar de woensdag al weer) werden de neuzen van de auto’s richting thuis gezet.

2007 November

2007 November

Het weekend begon al vroeg voor twee van onze leden. Ze hadden namelijk besloten om lopend naar Gross Dörgen af te reizen, een tocht van zo’n 34 km. Om 6:50 stond Hakatee bij de Bat aan de deur. En om 7:00 vertrokken ze compleet met wandelstokken, want dit had Hakatee ook goed geholpen op zijn tocht naar Rome, dus moest het nu ook. Voor de Bat was het de eerste keer en de eerste kilometers was het niet anders voor hem dan iedere keer weer opnieuw beginnen om het goede ritme vast te houden. Aangekomen bij het huis van Oei Oei en Ketchup had hij er genoeg van en bond hij de stokken weer op zijn rugzak. Nog even uitgezwaaid door Oei Oei en Ketchup ging het verder. Bij de Mosweg gingen de truien al uit. Het was warmer dan we hadden verwacht en het zou een mooie dag worden. Bij het passeren van de Oude Dodse Dijk werden we gebeld door Jan “Half kippetje” dat het in Nieuw Amsterdam zo’n 10 km terug al regende. Wij nog; dat kan niet veel zijn, zou toch volgens de weerprofeten een droge dag blijven? Maar op de hoogt van de Kloostersmanswijk in Klazienaveen werden de regencapes toch maar te voorschijn gehaald. Ook Bat’s wandelstokken kwamen weer van de rugzak en we gingen tikkend verder richting Zwartemeer. Net voor de Veenkerk van Zwartemeer werden we ingehaald door een wandelaar. Wij maakten nog een opmerking van dat wij de lange afstand wandelaars waren en dat wij eigenlijk niet voorbij moesten worden gegaan. Maar deze vriendelijke man had geconstateerd dat Hakatee volgens hem! de stokken verkeerd gebruikte. De Bat begon al in een houding te komen ik spring hier zo tussen. DSCF0463Want als je tegen iemand, die al 1800 km zo heeft gelopen, zegt dat hij zijn stokken verkeerd gebruikt dan vraag je om moeilijkheden. Maar gelukkig bleef Hakatee vriendelijk en wimpelde man af. Wij gingen trouwens ook richting Duitse grens en hij richting Zwartemeer. Vlak bij de grens begon de Bat met Hakatee onder het wandelen over hoe lang hij al af was van het roken. Drie weken vertelde hij met trots. En jij dan, vroeg hij aan de Bat? Nou ik rook gewoon op zo’n weekend en vindt het wel lekker om zo onderweg een sigaartje te roken. Hakatee bleef staan; “ je hebt dus sigaren bij je? Dan doe me direct maar een. Dus werd een kleine rookpauze ingelast. Het regende nog steeds flink en tegen 10 kwamen we aan bij de Griensveen huisjes in Schönigdorf. Hier hebben we even koffiepauze gehouden. Zo’n 2 km verder begon de regen op te houden en de Bat vond het tijd om zijn regen cape uit te doen. Net goed of wel, weer op weg kwam hij er achter dat hij zijn bril miste. Toch niet bij de Griendsveen laten liggen? Of is hij bij uittrekken van de regencape misschien afgevallen. de eerst leek hem gek want dan was het wel eerder opgevallen. Dus terug en kijken op de plek waar we de cape hadden uitgetrokken. Met de stokken nog eens door de plassen gewoeld maar geen bril te vinden. Was hij dan toch bij de koffiepauze blijven liggen en moesten we 2 km teruglopen? Dan bel ik Yeti wel was Bat zijn besluit, we lopen verder. Toen kwam er toch nog een ingeving; “ Ik heb hem toch niet in mijn regencape ingerold?” Kijken dus, en ja hoor, daar kwam een compleet verbogen bril uit. Na deze weer een beetje in model te hebben gebogen ging het verder.De middagpauze tegen 12:00 hebben we genomen in Gross Fullen. Ondertussen kregen we contact met Jeti en Uil. Ze waren nog aan het winkelen. En net uit hun derde winkel gekomen. Hadden we dan zo’n moeilijke boodschappenlijst? Ze vroegen waar we liepen zodat ze ons achterop konden komen. We waren ondertussen weer onderweg richting Meppen en gaven door waar we waren. Ontmoet hebben we elkaar niet ondanks de diverse mailtjes over en weer. In Meppen aangekomen hadden we afgesproken om even een kop koffie te drinken bij de Italiaan. Bleek dicht evenals veel meer kroegen. Uiteindelijk, naar te hebben nagevraagd, kwamen we in een café / restaurant terecht vlak bij het station. Naar twee kopjes ging het met een kleine onderbreking, een stramme spier insmeren, weer verder. De Uil SMS’de weer eens waar we waren, want hij had de koffie klaar. Terug gemaild dat we net koffie in een café hadden gedronken en onderweg waren naar de volgende kroeg voor een biertje. Dit gaf direct reactie i.p.v. een sms ging de telefoon. Zeg stelletje zwienen ie bent toch niet een kroegentocht aan het doen. Naar de zwienen in de salon enigszins gerust gesteld te hebben en dat we bijna daar waren konden we rustig onze tocht beëindigen. Met een foto op de Hasebrucke.

DSCF0465 DSCF0462

Rest volgt van Oei Oei: The Bat ———- Wij, bestuurders van Sus Scrofa, gemeenschap van natuurvorsers en levensgenieters, enz., enz., enz., Allen die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten: Alzo wij in overweging hebben genomen, dat het wenselijk is van nieuwe historie voor onze dierbaren, en allen die daar niet mee benoemd zijn, kennis te geven, zo is het dat wij, bovenaangehaalde bestuurderen, hebben goedgevonden en verstaan, dat hierbij gepubliceerd wordt, de kroniek van onze wedervaardigheden in gezamenlijkheid, de dato 23, 24 en 25 mei van het jaar 2007. Geachte lezers, want ja wij verwachten grote belangstelling voor deze kroniek ja, voordat u denkt dat Sus Scrofa’s niet meer zijn dan zwijnen, wilde beesten, ongeletterden, geven wij u het volgende ter overdenking, een vraag van een Engels filosoof, John Stuart Mill: “Is het beter om een ontevreden mens te zijn dan een tevreden varken? Is het beter een piekerende denker te zijn, dan een losbandig beest?” Wij hebben hierover in de korte spanne van ons samenzijn in Salon de Ketel van gedachten gewisseld, en zijn tot een conclusie gekomen. Nu U nog. Succes. Zo u weet als trouw lezer van onze wedervaardigheden hebben wij gedurende onze weekenden natuurlijk geen tijd om slechts met filosofische zaken bezig te zijn. Het is nuttig, het doet de geesten rijpen, maar wij moeten ook nog natuurvorsen, levensgenieten, offers aan Bachus halen, offers aan Bachus brengen, kortom, wij hebben soms een ongelofelijke haast. En toch zien sommigen onder ons kans om de tocht naar het begin van het weekend wandelend te volbrengen. Ik geef het u te doen, met alle dwalingen, oponthoudingen, geheelonthoudingen en regenbuien onderweg, hebben Bat en Walkman ruim twee keer de helft van de normale weg naar Gross Dörgen gelopen. Te voet. Omdat het zo onthaastend werkt. Reeds in de uiterst vroege ochtend zag ik, scribent, vage schimmen in het duister onder de lantaarnpaal voor mijn woonst. Wreed riepen zij mij uit mijn studie van het nieuws van die nacht, gepubliceerd in een ochtendblad. Het was nog duister, maar zij vertrokken reeds. Voor hen was het begonnen, voor mij lag nog een lange werkdag. Ooit zullen zij getrouw verslag doen van hun avontuur. Terwijl deze beide heren beren stap na stap dichter bij hun einddoel geraakten, togen twee andere heren beren heen de kruidenier. Want er moet wel gegeten worden. Daar zij niet alles bij de kruidenier konden verkrijgen, togen zij naar een ander filiaal van deze zelfde grootgrutter, en ook nog naar een kruidelever, ook bekend als slijter. Niemand heeft mij ooit kunnen uitleggen waarom een personage dat gedestilleerd verkoopt een slijter heet. Wat slijt hij dan, wie slijt hij, en als ik slijter moet interpreteren als verkoper, waarom heet meneer Tangenbergh dan niet “automobielslijter”? Afijn, Jethy en Torenuil zorgen ervoor dat wij zonder budgetoverschrijdingen ruim aan Bachus en een paar van zijn collega’s konden gaan offeren. Dit koste hen het grootste deel van de dag. Planning, voorbereiding, er valt nog zoveel te leren. Goede vriend BamBam moest na een dag tussen de Groninger kinderen eerst nog langs de lokale drukkerij. Hij stond daar niet in de druksterij, want hij was nog ruim voor mij aanwezig in de ketel. Met een exemplaar van onze prachtige poster op Adrie, waarvoor onze ruime dank en een geringe vergoeding gaat naar kunstenares Daisy, zie ook elders op deze site, en een geplastificeerd Aviertje, welks wij later in het weekend aan de wand hebben gekleefd. Hangt mooi. DSCF0473 DSCF0474Zelf kon ik, gedoucht, dat wel, arriveren juist voordat het weekend echt openging, en na een welkomstdrankje en wat koffie en nog een paar welkomstdrankjes, was eenieder in de juiste stemming. Tijd voor een ouderwetse opening door de heer Torenuil, daarbij de nodige onderbrekingen door eenieder, dus niemand weet nog wat hij sprak. Da’s niet erg, dat is hij wel gewend. Reeds vroeg na de Koek-koek gingen wij te ruste, in gespannen afwachting van wat de zaterdag zou brengen. De zaterdag bracht ons allereerst de morgenstond. Zonder goud in de mond. Wel was het weer weer aangenaam. Droog, niet te warm, niet te winderig, ook wij droegen niet bij aan lokale vlagen. Na een aangenaam ontbijt van boterhammen en dergelijke laadden wij onze uitrusting in de diverse zakken en tassen. Want een zaterdagse tocht, vereist een aantal zaken. Mee gaan natuurlijk fotocamera’s en verrekijkers. Maar ook moet een versnapering voor tussen de middag niet worden vergeten, en een kleine noodvoorraad tegen het verdwalen. Wij hadden reeds tevoren besloten een tocht van middellange afstand te maken, twee onzer hadden immers reeds een paar kilometer in de benen, twee ander onzer hadden geen benen waar veel kilometers in konden.

DSCF5421 DSCF5426 DSCF5476

En de overige twee drongen niet aan op meer mijlen. We gingen over de brug links over de dijk voorbij de Hasebocht, langs een weg van der naar her, tot wij bijeen soortement kolk kwamen, een ogenschijnlijk van de rivier afgescheiden uiterst korte dooie arm, die echter vol leven zat. Ooit hebben wij op deze plaats een levenloos exemplaar van de Karperorum Wallus aangetroffen, deze was nu weg. Zijn fiets stond ook nergens. Let wel, een waterfiets natuurlijk. Op onnavolgbare wijze zijn we weer begonnen aan de terugtocht, hierbij deels de zelfde paden bewandelend, deels nieuwe wegen inslaand. Uiteindelijk vonden wij de ketel terug. Natuurlijk hebben wij en route
ge-observeert. Ondanks de jacht die aan de andere kant van de Hase de bloeddorst van onze vriend de jagdaufseher, staatlich be-auftragt, das wel, moest lessen, en die tevens natuurlijk resulteert in een fijn stukje wild bij menig kerstdis, en volgend jaar oogstschade voorkomt, (ik ben niet tegen de jacht, wel tegen sommige jagers), zagen wij toch veel van het gebruikelijke wild. Of wij hoorden ze. Een aantal reeën kruisten ons pad, niet in het minst onder de indruk, buizerden vlogen, een vond zelfs nog wat thermiek om boven de wolken te geraken. Dit doet mij een puntdicht met u delen, hetwelks ik jaren terug al eens po-eette, en let wel, hiervan ligt het auteursrecht bij mij, u leest een voorpublicatie uit mijn nog te verschijnen bundel “Licentias poetica”: Nu ben ik het haasje, dacht Haas ietwat boos, Toen ‘jagersloop zijn hazenpad kroos. Dit dus terzijde, ruim boven het voorgaande ziet u enige afbeeldingen onderweg gemaakt, en omdat paddestoelen, naast hun taak als meubilair voor padden, of als sociale woningbouw voor kabouters, de goede gewoonte hebben om stil te staan en in deze tijd van het jaar te verschijnen in grotere getale dan anders, zijn zij oververtegenwoordigd.

droppedImage droppedImage_1 droppedImage_2 droppedImage_3 droppedImage_4 droppedImage_5

Nu dacht ik voor de lezer een keurige beschrijving van iedere soort te geven, maar dat doet wellicht het educatieve karakter van onze stichting geweld aan. Niets beklijfd zo goed, als kennis waarvoor men moeite heeft gedaan. Kortom: wij leveren wat plaatjes, u zoekt de tekst erbij. Wat wij toch niet onvermeld willen laten, om zeker te zijn dat u vind wat wij vonden, zijn de laatste twee foto’s, hierop ziet u een maretak. Deze zagen wij langs een pad dat we menigmaal liepen, maar nooit eerder viel de plant ons op. Gezien de grootte lijkt me dat hij er toch langer dan een halfjaar zit. Hierover hebben we wel iets opgezocht zie Maretak.

droppedImage droppedImage_7

Terug op het kampterrein stookten wij het vuur, omdat reeds naderde het avonduur, wij aten chili, heel erg chili volgens sommigen, met bonen. Lekkerrrr, moederrr! Bam moest na het eten terug naar huis, hij moest Willem in de kroeg steunen. Een schone taak, hem toevertrouwd. Later moest ook Walkman het veld ruimen, ook niet leuk, maar wij hebben er het beste van gemaakt, en zijn na een goed gesprek, gelardeerd met versnaperingen gaan rusten. De zondag hebben we gezien de weersomstandigheden geheel benut om de ketel te ontdoen van diverse nutteloze zaken. We hebben gekuist, en dat was nodig. We hebben een aantal zaken ritueel verbrand op het kampvuur dat zijn uiterste best deed door de regen geen kampwaakvlammetje te worden, en een aantal zaken zijn gedoneerd aan de Ericase scouts. DSCF0482Zij waren daarmee niet onverdeeld verguld. De terugtocht naar huis verliep bijna vlekkeloos, Jethy had zijn huissleutels weliswaar in de verkeerde auto, maar dankzij mobiele telefonie en een begrijpende Batman, kwam alles weer waar iedereen hoorde. Onze eerstvolgende activiteit is de kalkoentocht, derde kerstdag, voor de liefhebbers. Vooraleerst sluit ik dit verslag, Gegeven namens de bestuurders, na het weekend, ruim na het weekend, opdat eenieder wie zulks aangaat, een glimlach niet zal kunnen onderdrukken. Quod erat scribendum, Oeius Oeius Avis.

2007 Mei

2007 Mei

Voorjaarsweekend DoKoMaLo: 4, 5, en 6 mei 2007 Het zieke weekend van de vier kleine zwijntjes en het rosarote afwasteiltje. Om dit weekend in het kort samen te vatten, zou ik willen spreken van een ziek weekend, een héél ziek weekend. We vertrokken uitgedund, wegens misselijkmakende thuisomstandigheden bij Bam, vanaf deze plaats nogmaals beterschap mevrouw Bam. De Bat kon alleen mee nadat hij zijn eega een voorspoedig herstel van zijn eigen gestel op de mouw had gespeld. droppedImageMevrouw Bat: hij had u niet de gehele waarheid verteld, getuige zijn gesteldheid op de vrijdagavond: u ziet hem op deze foto op het moment juist voordat hij in slaapstand aan het keteldak gaat, boven zijn grote liefde voor dit weekend, het rosarote afwasteiltje. Slechts Jethy en Oei waren fit. Of wat daar op lijkt. We waren in ieder geval in staat om het weekend te openen. Dit deden we met een stille toespraak, zodat niemand werd gestoord, of gestoord werd. Het weer was niet geschikt om buiten observaties te verrichten, buitendes was het donker. En hoewel wij wortelen aten tot ze op waren, wij hadden slechts één kilo ingekocht als gezonde snack, onze ogen werden niet beter. Jethy demonstreerde dat even. Wij besloten in de beschutte omgeving van de binnenkant van Salon de Ketel een interieure observatie te verrichten.

droppedImage droppedImage_1 droppedImage_2 droppedImage_2

Dit heeft als groot voordeel dat de deur dicht blijft, en Bat niet van het plafond tocht. Bovendien stook je de ketel dan niet alleen warm voor één persoon maar voor drie, zodat het energie verbruik en dus de milieubelasting per persoon laag blijft. We blíjven nadenken! Eerst en vooral viel ons de gedachtenis wand op. Martes Foina, lood was zijn dood, Castor Fiber, die ééns deelnemer was aan een barbecue waarbij hij veel blootgaf, Vulpes vulpes, der hier schon lange nicht mehr spricht, en een restje Capreolus capreolus, hic est nec caput nec pedes. Vaag zagen we ook producten van leden van de familie der araneae, lokaal beter bekend als spinnigen. Wijselijk gaan we er niet verder op in, laat de spinnen spinnen, liever buiten dan binnen, en zeker niet te vermetel, dus als het niet hoeft, niet weer in de ketel. Dat rijmt wel, maar de ketel is niet dichter. Met het licht op wordt de ketel wel lichter, en door gaten en kieren komen dan weer nieuwe dieren. De meest opvallende is de meikever, ook bekend als de soort Melolontha melolontha, uit het rijk der dieren, animalia, de stam der geleedpotigen, arthropodia, de klasse der insecten, insecta, orde der kevers, coleoptera, de familie bladsprietkevers, scarabaeidae. Deze vroeger algemene, nu door bestrijding relatief zeldzame kever, is het resultaat van liefde. Tussen twee meikevers. De larve, de engerling, gevreesd om zijn eetlust, verpopt zich na een leven van twee tot drie jaar onder de grond, waarna hij zich in mei weer ontpopt tot zijn uiteindelijke imago, de meikever. Deze vliegt slechts enkele weken rond, etend van groene blaadjes, op zoek náár en groen blaadje, waarna door de liefde de cyclus zich herhaald. Onderstaand de afbeeldingen van respectievelijk een jonge engerling, een oude engerling, een pop, het volwassen imago, en de door hem spontaan aangenomen rugligging het welks het voor ons mogelijk maakte hem te determineren als een mannetje. Vanwege de grotere voelsprieten, anders hadden we wel een anatomisch vollediger foto afgebeeld. Zaterdagmorgen kwam Bam ons versterken. Dat was nodig. Bat hing meer dood dan levend aan het plafond, zijn rosarote geliefde in de buurt, als een ware verpleegster. De momenten dat hij rechtop kon gaan, meldde hij zich onmiddellijk aan de picknicktafel, teneinde ons niet geheel te laten opgaan in ons medeleven. Ook wilde hij natuurlijk graag deelnemen aan de geanimeerde gesprekken, als zaten wij aan ener stamtafel in een lokale kneipe. Bam nam wijn tot zich, wij, Oei en Jethy, gerstenat, terwijl Bat zich stoer ontfermde over het pak vruchtensap. Ik kan de inhoud van de gesprekken niet woordelijk weergeven, topgeheim, u weet wel, wat er rond de ketel wordt besproken, blijft rond de ketel. Wel durf ik u de conclusie mede te delen: wij dronken een glas, wij deden een plas, en alles bleef zoals het was. Althans, totdat wij de BBQ ontstaken. De rook stoorde op Bat’s sonar. Hij ging wandelen, alleen en niet ver. Wij hoorden een bronstig hert. De ribbetjes op de bbq waren mals, botergaar, en niet te versmaden. Ieder kreeg zijn deel, wie het niet op kon gaf zijn deel aan Rataplan, allerbeste vriend van iedereen. Wij hebben deze zaterdag niet ge-observeert, slecht nog de wereld om ons heen gedetermineerd. Reuze gezellig. Des zondags in de vroegte, de vogels zongen hun hoogste lied, stonden wij op. Als iemand zich afvraagt waarom vogels altijd hun hoogste lied zingen, dan is er vast ook iemand die daar het antwoord op weet. Ik niet. Hieraan kunnen wij een gespreksronde wijden gedurende het aanstaande najaarsweekend. Koud en guur, verwarmd door een hartelijk gegund glas. Afijn, om toch nog enigszins het idee te krijgen dat we kerels zijn en geen gevulde koeken, gingen we een tochtje maken langs de Hase. Over de brug links, door de weide, langs de oever, en bij de eerste schijnbeweging van de Hase naar links, gingen wij rechts. Langs de oever zagen wij nog dit schitterend staaltje architectonisch vogelvakmanschap. Een mooi gevlochten nest in de wilgen. droppedImage_4Niet als in het spreekwoord in de wilgen gehangen, maar met opzet op die plaats. Omdat daar de eieren gelegd waren. Verder lopend bleek dat een Bauer de normale paden had verlegd. Wij werden gedwongen de door hem aangelegde rundersnelweg over te steken. Dat betekend tweemaal over de vangrails, die eruit zagen alsof Ellert en Brammert er nog over moesten klímmen. Zonder enige vorm van zekering gingen we steil tegen de eerste vangrail omhoog, de runderen naderden zienderogen omdat ze dichterbij kwamen. Alle door ons gedragen apparatuur kwam heelhuids mee over de eerste hindernis. De runderen zij kwamen nieuwsgierig dichterbijer. Toen zij ons met stomende neusgaten in de nek stonden te hijgen, ja ook zij hadden het niet gemakkelijk op die onverharde rundersnelweg, zij hadden weliswaar vierpootaandrijving en zo te horen enorme gasturbines tot hun beschikking, zij moesten ook elk een melkfabriek meesleuren. Compleet met voorraadtanks. Vlak dat niet weg. Halfweg de beklimming van de tweede vangrail, op weg naar de bevrijdende landerijen daarachter gelegen, zagen wij dat er een nooddeur in de vangrail zat. Deze kon gewoon open. droppedImage_5We konden onze tocht rustig voortzetten over het oude fietspad naar de voetgangersbrug. Enige fietsers moesten ons passeren en kwamen ons tegemoet, niet dezelfde natuurlijk, al had dat ook gekund als zij nadat zij ons passeerden weer terugkwamen, maar onze in observatie getrainde ogen zagen bovenstaand omschreven voorval niet gebeuren. Terug bij de Hase zagen wij nog een eend met haar jongen, echte eendenkuikens. Stil van alles wat we hadden gezien, en denkend aan alles wat we niet hadden gezien, besloten we terug te keren naar onze dagelijkse woonplaats, om te herstellen, en om ons voor te bereiden op volgende kampeerweekenden, quocumque modo, op welke wijze ook. Quod attestor, et quod bene notandum, Oeius Oeius Avis

2006 Oktober

2006 Oktober

We vertrokken iets later die vrijdag de 6e Oktober 2006. Het was het eerste weekend in Oktober, we moesten nog even wennen dat het nu midden in de herfst valt. Net als de laatste jaren was het ook dit najaar ongekend warm. Het leek wel of de zomer steeds meer opschikt richting eind van het jaar. Wij profiteerden er in elk geval van. Die avond knorden de varkentjes er weer lustig op los. Het was weer Berengezellig. Zaterdag 7 oktober. De volgende dag stonden Bat en Hert vroeg uit de veren voor dauwtrappen. Hoewel het een mooie dag zou worden dreigden de luchten boven ons naar iets anders.

DSCF0021DSCF0073In de vroege ochtendschemering schreeuwde de bloeiende groenbemesting om aandacht. In de verte schitterde het dak van ons zo vertrouwde kapschuur die zovaak onze hostess was. Natuurlijk kreeg de herfst extra aandacht zoals Eekhoorntjesbrood, een eetbare paddestoel. We trokken verder door Squaw Vally. Na het mooie natuurgebied doorgetrokken te hebben kwamen we in de natte weilanden waarlangs de Hase haar stille weg vervolgde. We hoorden een Buizerd, toen we beter keken was het een Kraai die deze jager feilloos nabootste. We trokken naar de hoger gelegen zandrug en vonden in een wal van wit zand een hol. Naast de hol vonden we krassporen en een pootafdruk. Het was van een groter dier, w.s. een Das of Marter. Een eindje verder lag een meerstal. Een geliefd plekje voor eenden. Een bezorgde jager leek de beestjes een handje helpen door nestmogelijkheden te creëren d.m.v. een oude geiser.

DSCF0050Naast bezorgd was de jager ook gemakkelijk, een stoel bood het nodige comfort. Wanneer de boutjes rijp zijn had hij zo`n 10 meter te overbruggen om de eendjes met een schot hagel uit te schakelen. Het blijft tenslotte een jager, bezorgd of niet. Gedurende het verstrijken van de ochtend streek het najaarszonnetje prominenter met haar gouden gloed over het mooie landschap. Aan de horizon blowde de fabriek in Bokeloh zijn vertrouwde pijp. Koolmezen en Vinken vlogen van tak tot tak, het hof van Eden leek even nabij. We zagen een gleuf in een afrikpaal, als klem om een zaad, een zgn. spechtensmidse. Batman maakte een kiek van een zwam met als resultaat: zijn foto. In de verte aan de oever van de rivier deden een paar koeien hun best om in de gouden gloed mooi te wezen. Zelfs distels lieten hun bladeren door het zure ondergrond vuurrood opgloeien. Het was de tijd van overvloed. De natuur gaf in haar drang tot voortplanten al hun vruchten en zaden af. Het kwam vreemd op ons over dat de ene eikenboom overdadig vrucht droeg terwijl de buurman nagenoeg lege takken had. Misschien ook een vasectomie gehad, dan blijf je toch mooi zitten met een zaadloze zwiepstengel. Ook waren in het veld een overvloed aan brummels aanwezig, vreemd genoeg waren slechts enkelen zwart doorgerijpt zodat je ze kon proeven. Met een omtrekkende beweging zetten Bat en Hert weer koers naar Squaw Vally waar, helemaal aan de andere kant, onze vertrouwde Ketel stond te wachten. Ondertussen werden we getrakteerd op een mooi natuurverschijnsel. Een regenboog. Onderaan de regenboog zou, volgens de legende, een pot met goud staan. We daarentegen namen de regenboog letterlijk. Het was een boog in de regen. En die kwam hard onze kant op. Plenzend in de regen, onze hoofden diep verscholen in de jassen, kwamen we aan bij de Ketel. Ruw uit onze Edendroom verstoord. Ondertussen waren BamBam en Yeti ook uit de veren. Het Middagprogramma stond op het menu, maar eerst even eten. Op het programma stond een voettocht naar het Dörgener Moor en verder daarachter. Daarachter scheen ook een wereld te zijn. Ons doel was de Historischen Weg te bereiken. Op deze oude weg hebben ooit de koetsen gereden van de Kardinaal en zijn Bisschoppen. Deze kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders vertoefden dan, tijdens hun vakanties, in hun riante zomerverblijf Clemenswerth in Sögel. Het zomerverblijf bestond uit een centrale jachtslot voor de Kardinaal met, stervormig daar omheen, de verblijven van de Bisschoppen. Ons eerste verblijf die wij die middag te zien kregen was het verblijf van de kalfjes bij boer Berend. Eens een eenvoudig hokje, gestapeld uit pakken stro, was nu een heuse kindercrèche voor onze toekomstige biefstukjes. Op de kruising naar boer Wolff liet Scouting Vries zien niet goed hun troep te kunnen opruimen. Het aanwijsbordje naar hun zomerkamp stond nog nadrukkelijk in de berm te pronken. Al snel deden we onze eerste natuurobservatie. Als een kasteel richtte zich een mierenhoop op uit een donkere bosrand. Duizenden takjes en naalden bijeen gesprokkeld door hyperactieve mieren, zgn. ADHD-antz. Zo`n hoop herbergt een complete gemeenschap. Dat is iets anders dan een complete gemeenschap te hebben op zo`n hoop. In zo`n mierenhoop wordt temperatuur, vochtigheid en voedselvoorraden allemaal geregeld door Emmtech-mieren. Het is in ieder geval winterbestendig. Dat gold niet voor de diverse kikkers, die hielden er een riskante levensstijl op na, nml zonnebaden op het warme asfalt. Moet je niet doen, zo`n duizend kilo aan auto kan je dag behoorlijk bederven. En de boer, hij ploegde voort.

DSCF0109DSCF0112De kleur van de tractor leek zich te versmelten met de achtergrondkleur bestaande uit bloeiend groenbemesting. De rode velgen gaven daarentegen een felle contrast. Nog zo`n voorbeeld van industriële schoonheid was de spaanplatenfabriek van Bokeloh. In een golvend zee van geel met daarachter het bronsgroene woud, was een rood-witte pijp door middel van een hagelwitte rookpluim, een baken in een zee van aanstormende blauwe donderbuien. Zelfs de groenbemesting op de akkers deden hun best om met hun parallelle lijnen tot schoonheid te komen. Op macro niveau liet een bes van een hulst zich van de mooiste kant zien. Maar ook op breedhoek stonden wij ons mannetje, een prachtige dreigende lucht dreef noordelijk van ons vandaan. Grappig om te zien hoe ik een kiek maakte met daarnaast het resultaat, het koppie van Bam nog net even meenemend. Sommige bomen droegen zoveel vrucht dat de boom een rode gloed over zich heen riep. In de verte ontwaarde een jachtkansel zoals we die zovaak en zoveel zagen. Bambam klom de stalen trap op om eens in het houten hokje op steeltjes te kijken, om zo maar even van het uitzicht te genieten. Een dreigend gebrom kwam hem in tegen. Bijna een kwart van de ruimte werd ingeruimd door een wespennest die als een hete luchtballon aan het plafond kleefde. Grote rode wespen vlogen drukdoende af en aan zonder acht te slaan op de verschrikte Bambam. De Vespa crabro oftewel Hoornaar valt meteen op: zeer groot en met heel veel rood!

vespa_crabro_ha3_1170_tJe herkent ze vooral aan de omvang en het rood aan kop en poten. Bij alle andere wespen zie je daar hoofdzakelijk zwart of geel. De hoornaar is de grootste sociale wesp in Europa (de koningin kan bijna vier centimeter lang worden!) en lijkt wat betreft gedrag veel op de gewone wespen. Het nest wordt meestal in een boomholte gebouwd, maar ook wel eens in een nestkast, onder daken, in huizen, in jachtkansels of vrij hangend in een boom of struik. De hoornaar is veel minder stekerig dan de gewone wesp, alleen in de buurt van het nest wordt binnen een straal van zo’n vijf meter alles wat beweegt aangevallen (sloek). Daar komt ook zijn erg slechte reputatie vandaan: een koe die binnen die straal van 5 meter komt kan behoorlijk worden aangevallen en zelfs gedood, al komt dat meestal meer van de blinde paniekreactie van het beest dan van het wespengif. Als je de hoornaar benadert buiten deze vijf meter cirkel, dan zal hij (als dat kan) op de vlucht slaan en niet steken zoals de gewone en de Duitse wesp dat wel graag en veel doen. Hoewel hoornaars graag in de herfst op afgevallen fruit afkomen in boomgaarden, bezoeken ze bijna nooit terrasjes of huizen om zich tegoed te doen aan limonade, ijs, jam of iets anders. De dieren zijn heel erg nuttig, omdat bijzonder veel insecten worden gevangen en aan de jongen gevoerd. Door zijn omvang kan de hoornaar ook veel grotere insecten aan dan de andere wespensoorten. Bij Hoorntjes komt een merkwaardig verschijnsel voor: de larven produceren “melk” voor de volwassen dieren, die immers van nectar en niet van dierlijk voedsel leven. De jongen eten het dierlijke voedsel dat door de volwassen dieren wordt verzameld en scheiden zelf een zoetige vloeistof vol suiker af, dat weer door de volwassen dieren wordt gegeten. Het omgekeerde van zoogdieren dus. De hoornaar kwam vroeger ook veel in Nederland en Vlaanderen voor, maar is in de jaren vijftig/zestig bijna helemaal verdwenen. Landbouwgiffen als DDT zullen een erg grote rol hebben gespeeld. Sinds de jaren ’90 neemt het aantal hoornaarsnesten echter weer sterk toe. Toch zul je het dier vooral op de zandgronden in het zuiden en oosten van de Lage Landen en nabij Groß Dörgen aantreffen. In de poldergebieden en op de Zeeuwse klei komt hij weinig voor, al ziet men hem sporadisch in de duinen. De SusScrofa`s togen snel verder. Spoedig deden we de volgende natuurobservatie in dit wonderschone landschap. We roken en vonden een Grote stinkzwam oftewel Phallus impudicus, letterlijk Onbeschaamde Penis. De weerzinwekkende geur doet niet vermoeden dat deze paddestoel ook eetbaar is. Het heksenei (jeugd), ontdaan van de sporenlaag, wordt gebakken opgediend en geldt als afrodisiacum, een middel dat wordt gebruikt met het doel de geslachtsdrift te stimuleren. Jantje huilt Jantje lacht.

DSCF0129DSCF0128DSCF0137In een droge slootkant legden we ons te ruste. In het water waren schoonmakertjes actief bezig druk te doen. De aanwezigheid van dit soort diertjes wijst op de reinheid van het water. Yeti deed even zijn best om een herfstimpressie te geven. Even verderop zagen we weer een jachtkansel voor alweer een luie jager gezien zijn fauteuil. De natuur ademde overvloed uit, we vonden eikels zo groot als meloenen, nou ja, bijna dan. Ongemerkt kroop de prachtige herfstdag voorbij, de vrolijke vriendenclub besloot de Historische Weg maar gewoon historisch te laten. Een landweg markeerde de verste punt van onze route en we maakten een begin van de terugweg. Gaten in het asfalt van de landweg lieten zien dat ook deze landweg een rijke historische achtergrond had. Een eeuwenoude wegverharding onder het asfalt keek ons aan. Waarschijnlijk niet voor de Kardinaal en zijn bisschoppen maar toch zeker voor de dikke reet van de boerin. Een roodborstje mocht het allemaal niet meer meemaken, hij ontbond in stilte. En nog even een kiek van het weldadige overvloed waarin de natuur op dat moment verkeerde. We kwamen in het pittoreske dorpje Lohe. Een Heerboerderij richtte zich op achter de eikenbomen. Een school annex kerkje leken bevroren in de tijd. Menigeen uit de buurt had hier de Duitse naamvallen onder de knie moeten krijgen, thans is het schooltje stil en verlaten. Honderdvijftig jaar oud en nu verleden tijd.

DSCF0161DSCF3828Even verderop zagen we een bekende, een mobiele jachthut. Ooit ons tijdelijk verblijf. Even later leken we een witte geest te zien, op een paaltje. Er zijn mensen die dicht bij de natuur staan. Zo dicht op de natuur dat als ze een maïsveld zien, een onbeheersbare drang krijgen tot het afzetten van hun territorium. Zo ook Bambam. Met geknepen billen zocht hij haastig de zevende rij in het maïsveld op, om daar even een moment voor zichzelf te hebben. Om even later opgelucht, frank en vrolijk weer tevoorschijn te komen. En zeker een stuk lichter. We verlieten Lohe. Even verderop leek het wel lente. We vonden een harige rups met een koddig rood staartje, de Meriansborstel, ook wel Calliteara pudibunda genoemd, maar dan alleen op zondag. De Meriansborstel behoort tot de familie van de donsvlinders. In deze familie vinden we een aantal bekende soorten nachtvlinders, maar bekend is de familie vooral van zijn rupsen. Die zijn altijd heel erg behaard en vele hebben vier grote haarborstels op de rug. Dan nog een rood pluimpje van lange haren op de staart en verder lange haren over het gehele lichaam. En dat alles ook nog eens in de prachtigste kleuren. De volwassen vlinders zien er uit als uiltjes, maar hun vleugels zijn wat groter en lijken meer op de vleugels van een spanner. De rups van de Meriansborstel is misschien wel de mooiste die we in de Benelux kunnen aantreffen. Hij leeft op allerlei bomen en struiken. Maar, zo mooi als de rups is, zo lelijk is de volwassen vlinder. Hij bestaat in een “lichte” en een “donkere” uitvoering. De lichte uitvoering heeft nog wel wat tekening, maar de donkere is bijkans ongetekend en behoorlijk lelijk. De vliegtijd begint in april en is eind juni voorbij. De volwassen dieren leven maar kort en eten in het geheel niet meer. Ze zijn nogal variabel in grootte. Veel exemplaren zijn zo’n 50 tot 55 mm, maar er zijn ook wel exemplaren gevonden met een spanwijdte tot wel 70 mm. De vlinder komt in de gehele Benelux in flinke aantallen voor.

DSCF0171DSCF3835DSCF3799Diverse keren vonden we bolletjes zonder dat we een Surinamer in de buurt zagen. Het waren dan ook geen bolletjes om te slikken. Wanneer je zo`n bolletje doorsneed zag je een wormpje, in ons geval een halve wormpje. Het was de Galwesp. De chagrijnige variant van het Hoorntje. Een eindje verder stond een roedel herten stil, ja dat doen ze. Opnieuw deed het wormpje z`n best om de straat over te steken. Net als ons had ie zijn stekelige jas uitgedaan. Bleek ie toch een groen alien te wezen. Wat stond daar in het veld? Zijn UFO? Het kwam ons bekend voor, jawel het was het bekende jachthutje die we al eens eerder aan een inspectie hebben onderworpen. Nu stond het eenzaam in het veld. Eindelijk kwamen we aan bij de Ketel waar we opgewacht werden door Oei-oei. Deze kwam dit weekend een dag later. Luidruchtig kwam hij vertellen dat hij meer gezien had dan wij de hele dag. Hij had namelijk een dooie ree gezien. Nou, dan had ie nog niet bij Lohe in de zevende rij van het maïsveld gekeken. Aangezien Oei zich inmiddels opgeworpen had als meesterpreparateur, togen we op pad om de ree te ontdoen van hoorntjes, niet te verwarren met wespen. Wat Yeti in de kapschuur te zoeken had en wat hij met die maïskolven ging doen zal voor altijd een raadsel blijven. Hij ontkent nog steeds. Bij terugkomst gingen we nog even naar de vertrouwde HaseBrücke voor een fotosessie. Met name de ondergaande zon kreeg van ons de nodige aandacht, het blijft toch een prachtig fenomeen. En dan `s avonds, lang verwacht, stil verzwegen, nooit gedacht, maar toch gekregen. Een kampvuur!

DSCF0206

Met ieders een scherpe rechte tak voorzien van een vette braadworst eindigden we de dag. Nou ja, we dronken d`r ook nog wat bij en luisterden naar sterke verhalen die echt schenen te zijn gebeurd.

Zondag 8 Oktober. Ochtendstond heeft goud in de mond en geen brakke nasmaak in de gagel. Wederom waren Batman en Hert vroeg uit hun warme slaapzakken en maakten zich op voor een stevige dauwtrap. Wat is er toch met die senioren? Groß Dörgen verraste de twee met een prachtige zonopkomst. Spoedig deden we onze eerste natuurobservatie, een stapeltje oorlellen? Nee, het is de Oranje Bekerzwam, een niet zeldzame paddestoel. Het past wel bij de herfstkleuren om ons heen. We kwamen aan bij de oude vertrouwde kolk, ooit een onderdeel uitmakend van de Hase. Thans ligt het als een soort van meerstal langs de koeienweide. Zoals elk jaar had de Kolk veel te lijden van vissers met hun lokvoer. In het verzadigde water ontstaat wildgroei van alg in de vorm van groene smurrie. Langs het Uilenbosje troffen we een overvloed aan van Hop. Hop wordt in de bierindustrie gebruikt om o.a. het bier langer houdbaar te maken. Een macro werd gemaakt van een Meidoornbes. De gouden gloed van de najaarszon streek over het bronsgroene woud. Moeilijk zo`n sfeer digitaal vast te leggen. Maar ik doe een paar pogingen.

DSCF3878DSCF0241Bij de Hasealtarm was iets gebeurd, elke storm of stevige windvlaag eiste slachtoffers in de natuur. Thans waren een paar Grove Dennen aan de beurt. Met hun stammen versperden ze de weg. Nu hebben ze daar een soort van Ranger die met een kettingzaag de boel weer moet vrijmaken. Edoch, in al zijn wijsheid kwam deze niet verder dan een groen lintje spannen. Alsof het anders niet opviel. Afijn, de mensen kunnen er nu omheen lopen wat het avontuurlijke van zo`n pad door het woud natuurlijk weer bevorderd. We vonden een Vliegezwam, zeldzaam dit jaar. Ik schoot met mijn digicamera nog een paar woudimpressies. Terug in het pittoreske Groß Dörgen brandde in de verte tussen de dichte sparren reeds een vuurtje. De overige leden waren uit de veren. Vlug deden we verslag van onze laatste avontuur. Hoe inventief Yeti wel niet kan zijn. Bijvoorbeeld, waar laat je de borstel waarmee je de BBQ-rooster schoonmaakt? Leg je die weg dan is het zo verdwenen. Dan komt zo`n gordijnhouder weer goed van pas. Op het aanrecht ontstond spontaan een herfstcollage waarbij de hoorntjes van de Oei`s ree de finishing touch waren.

DSCF0278Wat doe je met blikken bonen en snert die de houdbaarheidsdatum ruim hebben overschreden? Juist, je geeft die blikken aan Bambam. Hij deed zijn naam eer aan en ging er leuke dingen mee doen, zoals de blikken in het vuur mieteren en wachten totdat ze uit elkaar knalden. Af en toe verscheen een paddestoelvormige rookpluim boven het vuur, gepaard gaande met een doffe klap. Dat was weer een blik. Zondag 8 oktober 2006. Ter afsluiting van het weekend stond nu Klein Reussies tocht op het programma. We togen naar de Hasebrücke. Van deze vertrouwde brug nam ik een paar ongewone foto`s. Ten eerste om de lage waterstand van de Hase aan te tonen en ten tweede om eens naar de staalconstructie van de brug te kijken. Het is een keer wat anders. Na al die jaren mag de brug toch wel eens extra aandacht.

DSCF0292DSCF0289DSCF0294Vlak over de brug vond Bambam een overblijfsel van een zomerkamp. Wel netjes het spul opruimen volk! De tocht zou leiden naar een Altarm van de Hase richting Bokeloh. Het was alweer een tijdje geleden toen we deze plek bezochten. We vonden grote Oesterschelpen, een Wasbeer in actie? Overal zeer prominent aanwezig waren de sporen van Bevers. Vrijwel elke stam vertoonde min of meer knaagsporen van deze nijvere knagers. Sommigen waren kakelvers, hoogstens een week oud. Maar ook ijverige spechten deden zich gelden. Sommigen boorden zich een gat dwars door de boom! Uiteindelijk kwamen we aan bij het eind van de Altarm. Deze bestond uit een dijk tussen Altarm en de rivier Hase. In de dijk zat een doorlaatbunker voor het overtollige water met een grote klep om de terugstroom te blokkeren. Het zat erop onze eerste herfstweekend. Door het zachte weer en de vele bezienswaardigheden in de natuur bleven we tot het laatst actief. Het weekend gaat de annalen in als geslaagd. Rest me nog te zeggen: Moed broeders, struikel niet. Vliegend Hert.

 

2006 Maart

2006 Maart

Het was donker en koud die weekend van 17, 18 en 19 maart, Anno Dominus 2006. De natuur liet een enkele keer zien dat het een begin maakte met het mooie ontluiken dat lente heet. Voor de rest was het bar, koning Winter zat nog steeds stevig op de troon. We konden bij aankomst bij de Ketel gelukkig iets tegen deze depressie nemen. Na iets meer ging het weer een beetje. We togen aan het werk, we moesten nog hout sprokkelen voor het kampvuur. DSCF0024Yeti had reeds een grote boerenwagen georganiseerd. Deze werd in een korte tempo gevuld met hout. Snel doken we de Ketel weer in toen de klus geklaard was. Daar was het warm en licht. Die vrijdag ging op tijd het avondprogramma beginnen. Het vroege voorjaarsweekend 2006 was begonnen. Zaterdag, 17 maart. We waren vroeg uit de veren voor een lange veldtocht naar de Römerlager, een archeologisch bouwwerk van onze Romeinse vrienden, toen die nog geen vrienden waren. Het was die tijd dat wij nog in een berenvel rondliepen en met een knots ons een mokkeltje tikten. De mokkel werd er gewilliger van en wij voelden ons niet zo alleen tijdens die lange nachten. Beide partijen werden er dus beter van. Maar iemand moest het mokkeltje tikken weer zonodig afschaffen. De knots werd gemeentehuis en trouwen. Geeft alleen maar rompslomp en administratie. Uil verscheen niet dus trokken we zonder hem erop uit. We twijfelden aan de sterkte van de brug dus joegen we BamBam als eerste de brug op, de rest van de troep volgde spoedig. Ook deze zaterdag was een donkere dag in maart. De wereld bestond uit roestbruine kleuren en kale takken. Toch zagen we een grote boze nest in een boom. Nog méér kale takken. Ook in Duitsland blijft het water niet op een bult staan en moet verpompt worden. Daarvoor hadden ze een molentje zonder wieken uitgevonden. Daarom heen hadden ze een muur gebouwd voorzien van dakpannen. De deur is voor hoogwater, die doen ze open zodat het water eruit kan lopen. We sloegen af en gingen de dijk op. Lang de bosrand aan de overkant zagen we een ree lopen die zich als paard ophield. Maar daar stonken wij niet in. We zagen direct aan het korte staartje dat het een ree was. We naderden Bokeloh.

DSCF0025 - kopie DSCF0027 - kopie

We constateerden dat helaas ook gemeente Meppen ambtenaren in buitendienst heeft. Met kettingzagen. Moet je niet doen. Wij raken ervan in de war. We zagen overal spiegels van reeën. Toen we niet meer zo in de war waren bleken het afgezaagde stammen te zijn. Te netjes, net een park, vinden wij niet leuk. De troep liep Bokeloh binnen en naderde de brug over de Hase. Aan de overkant links zagen we de rode dak van Kneipe Giessen. Hier hebben we met ons laatste clubjubileum nog heerlijk geschranst. Rechts aan de overkant een eeuwenoude R.K. kerk met schooltje, beide niet meer in gebruik in verband met nieuwe bouw. De kerk bezit een orgel die wordt aangedreven door een enorme blaasbalg. Wanneer de kerkgangers een psalm hadden gezongen, zoog de balg zich weer vol en hoorde je vanachter het koor een aanzwengelend slurpend geluid. Als nieuwe kerkganger zat je vreemd om je heen te staren om vervolgens je achterbuurman smerig aan te kijken. Zo hebben we dat geleerd in Erica. BamBam kwam op de brug verhaal halen waarom hij steeds als eerste de brug op moet wanneer we het niet vertrouwden. We gaven daar geen antwoord op maar bleven hem strak aankijken. Soms werkt het, vooral als je grommende geluiden maakt en met de tong klakt. Hoe de Romeinen in dit immense landschap hun Römerlager konden vinden? Toegegeven, ze hadden geen kompas en kaarten. Toch was het voor die mensen simpel, er stond namelijk een bordje. En rivier de Hase werd hier ook aangegeven. Wanneer hier Ems had gestaan waren ze bij de Lager van hun overburen, de Barbarenlager, hun vijand. Dan weet je hun wachtwoord weer niet, vervelend allemaal. Scouting Erica had ooit een kabelbaantje aangelegd en vergeten het weer mee te nemen.

DSCF0022 DSCF0057

Volgens Batman was het geen kabelbaan maar een meetapparaat die stromingssnelheid van de rivier kon meten. Aangezien er geen valkjes op de lijn zaten geloofden we hem. We waren weer thuis. Wie heeft in de tussentijd onze Ketel oranje geverfd? Wil Uil Duitland demotiveren in verband met komend WK voetbal? Gelukkig zag Oei-oei net op tijd dat het onze Ketel niet was. Volgens hem zat de deur bij de Ketel aan de andere kant. We geloofden hem en trokken verder richting Römerlager. Aan de overkant van de Hase zagen we kleurrijke hoop veren drijven. KWAK zei het. Yeti mompelde, “`t is gien doefe, die zeg gien kwak, behalve als ie op mien auto schet”. Het bleek een manderijneend te zijn (later opgezocht in de boeken). Ja ja, als je zegt dat Niels Holgerson voorbij komt varen moeten wij dat zeker ook geloven? Doen we ook, lekker puhh.

DSCF0061 DSCF0075 DSCF0084

 

 

 

 

 

 

We lieten Bokeloh achter ons, slechts in de verte konden we tussen de boomtoppen de kerk ontwaren. We naderden nu de woningen op stand. Vakwerkhuizen met uitzicht op de Hasetal. Kost een paar centen maar dan heb je ook wat. Trouwens, onze Ketel is ook met vakwerk in elkaar gezet en we hebben ook uitzicht op de Hase. Take that Wolfgang und Brunhilde!! Volgens Uil werden deze woningen bewoond door Panoramix, een illustere druïde uit die bewuste Romeinse tijd. De Römerlager zelf is eigenlijk een verhoogde bunder aardappelveld met een informatiebord. Gedeeltelijk natuurlijk verloop en de rest met veel zweet opgebracht. Het wiel was nog maar net uitgevonden, sta je daar aan de krooje grond te verzetten. Julius Caesar had ieder soldaat een stukje grond belooft. Maar toch niet in een krooje! Rare jongens die Romeinen. We trokken door een moerasachtig gebied waar het riekte naar ontbinding. Hier waarde de dood. Bleek het zowaar een dooie arm van de Hase te zijn. We kwamen in een witte landschap. In een fase van totale ontkenning beweerde Yeti dat het een reuze ropplaats is van vogelveren. Dit kon geen sneeuw zijn want het was voorjaar. Het blijft toch je familie. We zagen onderweg nog een spiernaakte boom. Elke boom met enig schaamtegevoel heeft nog een stukje bast voor zijn noest. Deze boom was, wat je noemt een potloodventer maar dan met blote takken. We liepen snel verder langs de oever van de Hase. We naderden een prachtige visstek. Zulk een visstek moet aan bepaalde voorwaarden voldoen. Het water moet redelijk stilstaan en d`r moeten vooral geen bomen in de buurt staan. In beide gevallen ben je zo je lijn met dobber kwijt. Welnu zo`n visstek vonden we. Het was de visstek van Mad Dog McCee, een importduitser uit Schotland. Een norse maar stevige drinker die zo`n vijfentwintig jaar geleden spoorloos was verdwenen.

DSCF0115 DSCF0118

Opgelost in de aardbodem zogezegd. Maar wij vonden nu zijn visstek en strompelen er bijna over. Over Mad Dog McCee. Iets mager in het gezicht maar nog evenmin spraakzaam. Was hij nu een Schot of niet? Onze conclusie was dat hij wel een Schot had gehad. Dit is onze uitspraak en daar moet je het mee doen. Vliegend Hert maande om stilte. Iedereen zweeg op slag, geloof ik. Met handgebaar en vingerbewegingen probeerde hij iets duidelijk te maken. Had ie `n keer gezien op TV. Hert zag een Damhert in het donkere zwarte woud. Nu had hij dat ook gewoon kunnen zeggen omdat iedereen pal om hem heen stond. Dan had hij ook gelijk kunnen horen dat achter zijn hertje gaaswerk was aangebracht. Kut, een hertenparkje. Maar hoe zeg je dat in gebarentaal? We trokken Bokeloh weer van de achterzijde in en volgden de Hase, nu stroomopwaarts en van de andere zijde. We zwegen gepast toen we drie boerinnetjes in klederdracht, druk kwebbelend, naar de kerk zagen gaan. Eindelijk zagen we rooksignalen. Hulp-is-onderweg of zoiets. Maar waar is onderweg? We naderden HaseAltarm. Batman observeerde iets. Wij weer gapend jaa jaa doen. Traditie, moet je in stand houden. Totdat Batman ons confronteerde met een digifoto waarop een heuse Bever stond. Stik. Altijd weer vervelend, een traditie te moeten breken. Even verderop vonden we een dooie muis. Op het moment dat jullie deze foto aanschouwen is de muis in atomen uiteen gevallen en in de aarde verdwenen. Als ontbindend corpus of als een kwak, nee geen Mandarijneend, als keutel. Ingeval van atomen zien we hem (of haar) geheid nog eens terug. Als gedeelte van een vlieg, tak, karbonade of aanmaakhout. Zo zijn onze voorouders ook opgegaan in de natuur.

DSCF0122Zo gaan wij ook. Als stof bent gij gekomen, als stof zult gij wederkeren. Denk daar maar eens over na wanneer het kraakt tussen je tanden tijdens het verorberen van een broodje ei-met-ui. Zit je verdorie op een atoom van je betovergrootmoeder te bijten. We deden zowaar in het doodse landschap een heuse observatie, een grote watervogel landde met een zwierig gestadig en beheerste buiklanding in de Hase. Ik heb nadien lang in boeken gezocht en bleef hangen bij een Mantelmeeuw. Zeg maar een grote gans die kan zwemmen. Nu kan een grote gans natuurlijk ook zwemmen maar let dan op de overeenkomst. De een lijkt toch meer op een gans, de ander op een Mantel. Of zoiets.

DSCF0163

Terug op het kamp was Uil eindelijk aanwezig maar bovenal actief. Vuurtje gemaakt enzo. Nu was het ook zo`n typische latewintervoorjaarsnamiddag waarbij je in Kurzhose om een kampvuur gaat zitten. Waarbij je het koele pilsje niet met handschoenen hoeft aan te pakken. Uil keek verwonderd toen we toch in de Ketel gingen zitten, mietjes. Om terug te komen op de Hasebrücke, deze is stevig, hard en van ijzer. Sinds de Duitsers hun luie reet hebben ingeruild voor beweging is de Hasebrücke een trekpleister voor fietsers geworden. Wij als SusScrofa`s vinden het maar zozo, dat gekwek en gelach zo `s morgensvroeg. Het maakt ons alleen maar eerder wakker. Wij staan achter de executies, mocht daarom gestemd worden. Zondag 19 maart 2005. Na een avond van verhitte discussies, soms te ver en te hit, stonden we die zondagmorgen weer paraat zoals een SusScrofa dat betaamd. We trokken het veld in. De eerste lentebode liet van zich gelden, een sneeuwklokje. Leuk, maar wij hadden liever de smoor erin. Heeft ook weer met traditie te maken. Maar soms kom je in het veld ware kunstwerkjes tegen, door de natuur gemaakt. Bijvoorbeeld een doorgezaagde boomstam met daarin het gezicht van een bosgeest. Geestig. Plus een tamme fopeend. Minder leuk, dit moet andere eenden lokken zodat de jager ze aan repen kan schieten. Moge de bosgeest hem jeuk bezorgen waar hij niet bij kan. We keken om ons heen. De lucht om ons heen vulde zich met een aanzwellend geluid. De grond begon te trillen, bladeren werden bang. Een B50 bommenwerper maakte aanstalten om te gaan landen. Toen ie ons zag trok hij op en liet nog even een bommetje vallen. Kwak, mis. In de verte tegenover de Kolk maakte zich een ree los van de kille donkere achtergrond.DSCF2824 Eenzaam baant hij zich een weg naar de onzekere toekomt en verdwijnt in het bronsgroene woud. Op Kühl`s Platz zagen we trofeeën van een trotse visser. De Neus was hier geweest. De Neus is een Duitser uit het Ruhrgebied die hier jaarlijks komt vissen. Voor elke vissoort heeft hij een hengel. Het is een kleine man met een lange hengel maar bovenal een enorme voorgevel. Een keg zogezegd, of console mag ook. Eentje waar je zo een klare uit tapt. Onder die enorme afdak zie je een opening die onophoudelijk beweegt, hij praat. En die pratende neus heeft het maar over één ding. Vissen. Aan de trofeeën te zien lukt hem dat aardig. Bij de Ketel aangekomen ruimden we de zaak op en deed BamBam de was. “Elke vlek krijg ik weg”, riep hij met trots. Wat voor waspoeder zou hij gebruiken? Uil gaf, na achttien jaar SusScrofa, te kennen zijn eigen wildspoor te willen volgen. Een hard gelag voor onze verbintenis van broeders. Uil was erbij vanaf het eerst uur. Aangezien we in de statuten en reglementen geen lijfstraffen hebben opgenomen tegen dit soort vergrijp, rest ons Uil het allerbeste toe te wensen in zijn toekomst. We houden Uil levend tijdens verhalen rond onze kampvuren. Vaarwel Uil, het ga je goed en laat op de Trogge nog eens van je horen. Moed broeders, struikel niet. Vliegend Hert.

4 of 7
1234567